of 59045 LinkedIn

Anything that can go wrong, will go wrong

Harrie Gooskens Reageer

Edward A. Murphy is al in 1990 overleden maar zijn wet staat nog recht overeind: “als iets mis kan gaan, dan gaat het ook een keer mis”. Ruimtevaartingenieur Murphy werkte aan veiligheidkritische systemen. Met zijn onderzoek en bevindingen illustreerde hij de nadelen van de wet van de grote aantallen. Toen ik me onlangs verdiepte in de stand van zaken rond de drie decentralisaties, ofwel drie overheidstaken die gemeenten per 1 januari aanstaande operationeel moeten gaan uitvoeren, kwam ik tot de conclusie dat de wet van Murphy hier onvermijdelijk van toepassing gaat worden. Niet op één maar op meerdere fronten.

3D
Dat is op zich raar omdat de wet van de grote getallen hier minder dominant gaat worden. De decentralisaties zijn immers vormen van schaalverkleining want de grotere schaal van rijksoverheid en provinciale overheid wordt vervangen door de kleinere gemeentelijke schaal. De drie transities betreffen:

  •  De Participatiewet, een betaalde baan zoeken zonder in te stromen bij de sociale werkvoorziening.
  •  De overheveling van de AWBZ-begeleiding naar de WMO.
  •  De transitie van Jeugdzorg; het provinciale hoofdpijndossier.

Door deze drie taken te decentraliseren neemt de landelijke omvang van elke taak echter niet af. In Murphy termen kan er dus nog steeds evenveel mis gaan. Misschien zelfs wel meer omdat het vaak gebruikte vangnet “verzorgingshuis voor bejaarden” is gesneuveld bij het doorvoeren van de omvangrijke bezuinigingen op de rijksbegroting en geen nieuwe mensen met een beperking meer terecht kunnen bij de SW-bedrijven. Als je vervolgens bedenkt dat het drie nieuwe transities zijn die elk van de 403 gemeenten moet doorvoeren dan betekent dat 403 keer maatregelen nemen om die drie nieuwe taken te kunnen uitvoeren.

Afgerond 1.000 nieuwe taken
Dus 403 x 3 = 1.209 keer een nieuwe taak organiseren. Waarschijnlijk wat minder omdat veel gemeenten gaan samenwerken bij het uitvoeren van een of meer nieuwe taken. Maar waarschijnlijk ook weer meer omdat veel gemeenten serieus werk gaan maken van hun regietaak (veelal, jeugd werk en gezin) waarmee er dus een vierde taak bijkomt. Laten we het een beetje optimistisch naar beneden afronden en uitgaan van 1.000 keer een nieuwe taak organiseren: Dat betekent:

  1. 1.000 keer een proces uitwerken en beleggen bij gemeentelijke functionarissen.
  2. 1.000 keer de taak inpassen bij andere taken in het sociale domein.
  3. 1.000 keer het bestuur van de nieuwe taak organiseren.
  4. 1.000 keer de taak inpassen in de gemeentelijke frontoffice (informatievoorziening via website en KCC).
  5. 1.000 keer informatiesystemen (bedrijfssoftware) selecteren en implementeren (desgewenst in een zaaksysteem)  want voor de handmatige uitvoering van de nieuwe taken hebben en krijgen gemeenten niet voldoende personeel.
  6. 1.000 keer de informatiesystemen aansluiten op de gemeentelijke backoffice systemen (voor prefill doeleinden, regie informatie en financiële verantwoording) en op de systemen van andere overheidsinstanties in de ketens (van scholen tot justitie).
  7. 1.000 keer de medewerkers opleiden.
  8. 1.000 keer de kosten van de voorgaande stappen begroten en aansluiten op de inkomsten (gemeentefonds).

8.000 maatregelen
Opgeteld 8.000 keer een organisatorische of informatiekundige maatregel doorvoeren binnen een half jaar teneinde 1.000 nieuwe taken te organiseren. Dat dit mis gaat staat vast volgens Murphy, de vraag is hoe vaak het mis zal gaan. Ik vrees dat het vaak mis zal gaan, misschien wel 4.000 keer. Daarmee verwacht ik niet dat bij 200 gemeenten alles mis zal gaan bij 200 andere helemaal niets.

Mag niets misgaan?
Dan dient zich de vraag aan of het erg is als er iets mis gaat. De praktijk bij de uitvoering van deze taken op rijks- en provinciaal niveau leert dat processen die dood of schrijnende leefomstandigheden moeten voorkomen het meest kritisch zijn. Als dat resulteert in de dood van een kind of een schrijnende sociale situatie ten gevolg heeft, zal de pers dit minstens even breed uitmeten als in het verleden. Met alle pijnlijke gevolgen vandien tot en met sociale onrust die gaan ontstaan als de gemeente zo’n proces niet op orde heeft.

Mouwen opstropen
Het aantal keren dat het zo ernstig mis gaat is hopelijk op de vingers van een hand te tellen maar zelfs dan wil niemand dat de oorzaak ligt bij het niet tijdig doorvoeren van maatregelen in het kader van 3D. Per gemeente 3 x 8 maatregelen = 24 maatregelen. Een stevige klus maar die is te doen als we allemaal de mouwen opstropen.

Winstpakker advies
Van alle initiatieven waarover ik heb gelezen spreken de “Winstpakker Zaakgericht werken in het sociaal domein” en de VISD actiepunten mij het meest aan. KING werkt met 6 gemeenten en hun leveranciers samen aan gestandaardiseerd berichtenverkeer tussen de vakapplicaties voor jeugd & onderwijs, werk & inkomen en zorg & welzijn en een centraal zaak- of regiesysteem. Per gemeente steeds drie applicaties (leveranciers); WIZ systeem, zaaksysteem en document management systeem. Mijn advies aan de overige gemeenten: Volg deze winstpakker op de voet maar wacht niet met actie tot de winstpakker is afgerond want dan kom je te laat. Maak een eigen 24 maatregelen plan dat deels lijkt op dit initiatief en gebruik de informatie die voortkomt uit de winstpakker voor het bijbehorende eigen leveranciersmanagement / opdrachtgeverschap. Gebruik de VISD actielijst daarbij als checklist.

Harrie Gooskens
Associé Telengy / adviseur

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.