of 59045 LinkedIn

Raad van State op ramkoers met kabinet over aftapwet

Het kabinet heeft vrijdag ingestemd met de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten die het mogelijk maakt om grote hoeveelheden internetverkeer via de kabel af te tappen. Volgens het kabinet is de wet nodig om de diensten hun taken goed te kunnen laten uitvoeren. De Raad van State heeft evenwel forse kritiek op de nieuwe aftapwet.
Reageer

Het kabinet heeft vrijdag ingestemd met de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten die het mogelijk maakt om grote hoeveelheden internetverkeer via de kabel af te tappen. Volgens het kabinet is de wet nodig om de diensten hun taken goed te kunnen laten uitvoeren. De Raad van State heeft evenwel forse kritiek op de nieuwe aftapwet.

Inlichtingendiensten kunnen straks datacentra die bijvoorbeeld e-mail, sms, internettelefoon en apps verwerken structureel in de gaten houden. Zo kan worden beslist om al het telefoonverkeer tussen Syrië en Nederland af te tappen, om bijvoorbeeld Syriëgangers op te sporen. Gegevens mogen drie jaar bewaard worden. Ook is de uitwisseling van gegevens met andere inlichtingendiensten geregeld.

Aan het plan om de inlichtingendiensten meer bevoegdheden te geven is jaren gewerkt. De oude wet is van 2002. Door technologische ontwikkelingen voldeed die niet meer. De bulk van de informatie, zoals telefonie, internet en e-mail, loopt tegenwoordig via de kabel.

Op de nieuwe wet is veel kritiek. Maar volgens verantwoordelijk minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken) is er een goede balans tussen privacy en veiligheid. De inlichtingendiensten kunnen niet op eigen houtje beslissen. Voordat de nieuwe bevoegdheden worden ingezet, is toestemming van de minister nodig en een speciale commissie, de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB). De TIB kijkt of tappen nodig is voor de nationale veiligheid en of de inbreuk op de privacy wel in verhouding staat tot de ernst van de dreiging.

Als daar aanleiding voor is, kan bijvoorbeeld worden beslist om telefoonverkeer tussen Syrië en Nederland af te tappen, om zo Syriëgangers op te sporen. Gegevens die relevant zijn, mogen drie jaar worden bewaard. De rest wordt vernietigd. Ook is de uitwisseling van gegevens met inlichtingendiensten van andere landen geregeld in de nieuwe wet.

Raad van State is tegen
De Raad van State is niet te spreken over de nieuwe wet en heeft er een kritisch advies op gegeven. Dit advies staat geheel online en komt onder andere neer op het volgende: Het wetsvoorstel bevat een aanzienlijk aantal belangrijke waarborgen waarmee wordt voldaan aan de eisen die voortvloeien uit het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM).

Hoewel deze regeling van het toezicht tegemoet komt aan de jurisprudentie van het EHRM, heeft de Afdeling advisering ernstige twijfels over de daadwerkelijke effectiviteit van het toezichtstelsel dat de regering voorstelt. Het gaat er niet uitsluitend om dat een toezichtstelsel formeel – dus op papier – voldoet aan de criteria van het EHRM. Het gaat er vooral om dat het stelsel van toezicht is afgestemd op de specifieke inrichting van het nationale systeem.

Drie jaar is te lang
Daarnaast is de Afdeling advisering er niet van overtuigd dat de regeling in het wetsvoorstel van de grootschalige gegevensverzameling (Big Data) op alle punten voldoet aan de proportionaliteitseis van het EVRM. In het bijzonder heeft de Afdeling advisering ernstige twijfels of de bewaartermijn van drie jaar voor gegevens die via de 'ongerichte interceptiebevoegdheid' worden verkregen, verenigbaar is met het EVRM. Zij adviseert dan ook om in het wetsvoorstel een substantieel kortere bewaartermijn op te nemen.

Bron: AG Connect, Richard Keijzer

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.