of 59236 LinkedIn

De rol van de informatie-infrastructuur ontbreekt

Theo Peters 2 reacties

Onlangs is het rapport ‘Maak waar!’ van de Studiegroep Informatiesamenleving en Overheid verschenen. Daarop zijn onder meer bijdragen verschenen van Jan van Ginkel en Larissa Zegveld. Bijdragen waarin een scherpe aanvulling is geschetst op sterk leiderschap en het nemen van regie, vanuit het perspectief van de informatiesamenleving.

Ondanks die aanvulling mis ik een invalshoek. Die van de overheid als organisator, aanjager en opdrachtgever van infrastructuur. Waarom is onze economie zo sterk? Omdat de overheid zorgt voor een infrastructuur die burgers en bedrijven kansen biedt om op te innoveren en te bouwen. Een stabiele infrastructuur waar je van op aan kunt.

 

Dat wetende, is het van belang om de infrastructuur voor de informatiesamenleving te duiden. Niet vanuit een set basisregistraties en voorzieningen, maar gedacht vanuit een toekomstige informatiesamenleving waar wij als overheid onderdeel van zijn.

 

Bij het denken over die informatiesamenleving gaat het om het organiseren van een goede en veilige basis. Het gaat ook over het afspreken van spelregels, kaders en richtlijnen, waarmee we veilig en transparant met gegevens omgaan. Verder gaat het over het beschikbaar stellen van gegevens als infrastructuur. Dan hebben we het niet zozeer om een set van basisregistraties met soms afwijkende uitgangspunten en regels voor hergebruik, maar wel om een samenhangende set van informatiebronnen. Daarbij draait het vooral om open, de beschikbaarheid voor (her)gebruik bij de bron, stabiliteit en met een financiering die gebruik stimuleert. Dit noemen we ook wel een gegevenslandschap. De opdracht aan de instanties die gebruikmaken van dat gegevenslandschap is om te zorgen voor transparantie over de manier waarop zij gebruik hebben gemaakt van gegevens, zodat burgers weten waarop een beslissing gebaseerd is. Wanneer wij als overheid die basis kunnen organiseren, lijkt mij dat al innovatief genoeg.

 

Laat de (informatie)samenleving doen waar zij goed in is: ontwikkelen, groeien, gebruikmaken van, innoveren en toepassen van die informatie-infrastructuur. Diverse partijen kunnen op basis van dit gegevenslandschap producten en diensten ontwikkelen en daarmee het leven voor burger en bedrijf vereenvoudigen. Denk aan de mogelijkheden met betrekking tot apps, maar dan specifiek gericht op informatie van de overheid.

 

Wanneer wij dan als overheid het gesprek willen voeren over het standaardiseren en/of verbeteren van processen, dan kunnen we dat doen door gebruik te maken van diezelfde informatie-infrastructuur. Ook het verbeteren van uitwisseling in diverse netwerken van organisaties kan door gebruik te maken van het gegevenslandschap en de principes die daaraan ten grondslag liggen. Daarmee vangen we ook twee gesprekken die hun eigen tempo en dynamiek kennen: één over een basis met componenten die eenvoudig in te zetten zijn (het gegevenslandschap) en separaat de manier waarop je een proces inricht en gebruik laat maken van die basis.

 

Met deze werkwijze sluiten we aan bij standpunten van een terugtrekkende en een kleinere overheid. Een overheid die doet waar zij goed in is: een basis creëren waarop de samenleving zich maximaal kan ontwikkelen. Als overheid moeten wij niet zelf nieuwe grote systemen willen ontwerpen en bouwen. Daar ligt onze kracht niet. In Maak waar! wordt gesproken over het doolhof dat door eindeloos veel koppelingen tot stand is gekomen. Met een gegevenslandschap kunnen we daar weer een snelweg van maken.

 

Theo Peters is Unitmanager Architectuur en Standaarden bij het Kwaliteitsinstituut Nederlandse Gemeenten (KING) 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Theo Peters (Unitmanager Architectuur en Standaarden) op
Beste Jan,
Dank voor de verwijzing en de reactie. In een artikel over het genoemde boek (zie: https://www.computable.nl/artikel/praktijkcases/ … staat o.a. “De basis-infrastructuur wordt op basis van standaarden ingevuld en zodanig aangelegd dat deze geen hinderpaal voor verdere ontwikkelingen kan vormen. Ook de zogeheten openbare voorzieningen worden in hoge mate standaard ingevuld. Een voorbeeld daarvan is het gestandaardiseerd ontsluiten van gegevensverzamelingen. Op basis van die basis-infrastructuur en openbare voorzieningen kunnen eindgebruikers-afdelingen hun eigen IT-percelen invullen op basis van hun eigen informatiebehoeften. Dat kan met maatwerk, maar ook met standaardpakketten.”
Inderdaad een gedachte die goed aansluit bij de te ontwikkelen informatie-infrastructuur.
Om de governance een boost te geven werken we hard aan documenten richting o.a. regieraad gegevens en diverse betrokken partijen. Financiering is helaas een vraag die telkens terugkomt. Naar mijn idee heb je daarvoor onder andere nodig dat elke organisatie die gegevens beheert niet alleen de eigen specifieke taak uitvoert maar snapt dat je ook een verantwoordelijkheid hebt (en dus ook kosten neemt) ten behoeve van het groter geheel. En daarvoor mag je dan ook weer gebruik maken van informatie van anderen.
Als laatste wel een reden waarom we nu verder kunnen komen: de techniek is veel verder, goedkoper en wijdverbreid beschikbaar.
Door Jan Campschroer (Informatie architect) op
Beste Theo, helemaal eens met je visie. Midden jaren 90 is die ook al eens uitgewerkt in het boek 'Informatie architectuur - de infrastructurele benadering'. Toepassing daarvan is niet gelukt, maar uit de ervaringen die er mee opgedaan zijn, is wel veel te leren om zo'n gegevenslaag van de grond te krijgen. Ik praat je er graag een keer over bij. Met name de visie op de governance en de financiering hebben een boost nodig.
groet Jan