of 59045 LinkedIn

IJsje

Het was ons geld, onze portemonnee. Van ons! Maar we zijn het kwijt. En nu zien we de buren uit de straat ermee rondlopen en er leuke spullen van kopen: een ijsje, een drankje en een hapje op een terras. Leuke dingen die wij ook wel hadden willen kopen, maar niet meer kunnen betalen omdat ons geld opeens weg is.

Die buren erkennen laconiek dat het inderdaad ons geld was, vroeger, maar ze hebben het van ons afgepakt, dus kunnen zij het nu uitgeven, en wij niet meer. Het voelt heel onrechtvaardig – maar wat kan ik er nu aan doen?

Precies datzelfde gevoel van groot onrecht krijg ik van het bericht dat de rijksambtenaren volgend jaar loonsverhoging krijgen. Dit jaar is daarvan nog geen sprake, maar volgend jaar kan het rijk zijn ambtenaren 1¼ procent loonstijging bieden, zo schrijft minister Dijsselbloem van Financiën in de Miljoenennota.

En misschien krijgen de vakbonden er nog iets meer uit onderhandeld. Die loonsverhoging van de rijksambtenaren kost de minister 150 miljoen euro, maar daarvan krijgt hij aan loonbelasting, btw en accijnzen direct 90 miljoen euro terug, zodat per saldo de loonsverhoging van de rijksambtenaren 60 miljoen euro kost.

Dan nog blijft de vraag waar Dijsselbloem dat van betaalt. Hoe komt hij voor volgend jaar aan 60 miljoen euro extra in zijn portemonnee? Dijsselbloem bezuinigt dat natuurlijk niet zelf, nee, hij pakt dat geld simpelweg af van de gemeenten. Hij pakt als het ware de portemonnee van de buren. Volgend jaar legt hij namelijk het gemeentefonds een korting op van 60 miljoen euro. En het jaar daarop 120 miljoen euro. En in 2017 180 miljoen euro. En in 2018 240 miljoen euro.

Als u vanaf volgend jaar een rijksambtenaar geld ziet uitgeven aan iets leuks, zoals een ijsje of een drankje op een terras, besef dan dat hij dat betaalt met geld van de gemeenten.

Zijn ijsje is betaald door een graai van Dijsselbloem in het budget voor de ouderen en gehandicapten in uw stad. Zijn drankje wordt betaald door een korting op het onderhoud van de wegen in uw dorp. Zijn hapje komt in de plaats van de broodnodige reparatie aan het schoolgebouw voor uw kinderen.

De gemeenten kunnen de komende jaren steeds minder nuttige dingen doen voor hun inwoners, omdat Dijsselbloem steeds meer van de gemeenten afpakt voor een loons­verhoging aan de ambtenaren van het rijk. Wie vanaf volgend jaar een rijksambtenaar een ijsje ziet eten of op een terras ziet zitten, zal datzelfde gevoel krijgen van groot onrecht.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Hans Meijering (rijksambtenaar) op

Normaliter lees ik graag de column van Jan Verhagen over financiën. Zeker als hij het scherp neerzet dat BZK rekenfouten maakt, niet consequent is e.d. De scherpe toon is dan prima.

De laatste tijd klinkt Jan wat mij betreft een beetje te veel verongelijkt. Dat is jammer, dat gaat ten koste van de inhoud. In zijn column van 3 oktober (BB19) legt hij ten onrechte een relatie tussen een salarisverhoging voor rijksambtenaren en een korting op het gemeentefonds. Hij maakt het sommetje passend zodat beide bedragen gelijk zijn (60 miljoen).

Het sommetje klopt niet: 1,25 procent voor rijksambtenaren kost ongeveer 90 miljioen euro en geen 150 miljoen. Maar Jan zoekt ook de vergelijking iets te ver weg. Immers, dit voorjaar werd er een cao voor gemeenteambtenaren gesloten. Salarisverhoging 1 procent per oktober 2014. Gelet op het feit dat er ruim anderhalf (of meer) keer zoveel gemeenteambtenaren zijn dan rijksambtenaren, en de gemiddelde salarissen mogelijk wat lager zijn, liggen de kosten van deze verhoging op ongeveer hetzelfde niveau als voor rijksambtenaren.

Dus wie weer nou dat ijsje en zit op het terras? Misschien toch wel die gemeenteambtenaar. En dan heb ik het niet over de verhoging van 50 euro per maand per 1 april 2015.

Dus een volgende keer graag beter je dossier bestuderen en niet alleen afgeven op de rijksdienst en/of BZK (hoewel vaak terecht), maar ook kijken naar en vergelijken met gemeenteland.

Naschrift Jan Verhagen: De heer Meijering vergeet een groot deel van de rijksambtenaren. Bij de gemeenten werken 138.000 fte, bij het rijk 109.000 fte in ‘enge zin’ en 120.000 fte op het gebied van veiligheid. Dat maakt samen 229.000 fte. Dan zijn de kosten van 1,25 procent stijging al gauw 180 miljoen euro.

Door TIP! (PR-/Imagospecialist) op
Wat ik in het geheel niet begrijp waarom er altijd wordt gesproken van een % en niet gewoon van een vast bedrag voor iedereen gelijk. Waarom moeten de "grootverdieners" er het meeste bij krijgen; omdat zij het beste presteren/de meeste druk ervaren (laat me niet lachen)/de meeste verantwoordelijkheid dragen (zou je niet zeggen, want afrekenbaar betekent veelal doorschuifbaar naar de onderknuppel)!?!?! En waarom alleen de rijksambtenaren en niet de overigen ook? Kort door de bocht; de werkvloer een lolly en een kwatta en het hoger segment de Willy Wonka! Tja, het is niet zelden afhankelijk van de prestatie, want ook die wordt alleen bovenin bemeten en geveerd.
Door Agnes Scholte op
Wat een ontzettend zuur stuk zeg van Jan Verhagen. Als het aan Jan had gelegen, krijgen rijksambtenaren helemaal geen salaris, wat zouden we daar niet van kunnen betalen. Ik hoop dat Jan begrijpt dat dat natuurlijk onzin is, anders is zelfs reageren op zijn stukje zonde van mijn rijksambtenarenenergie, waar Jan dan weer wel mee eens zal zijn