of 59142 LinkedIn

Verdeling budget jeugdzorg totaal overhoop

De invoering van een objectief verdeelmodel voor de jeugdzorg leidt vanaf 2016 tot grote budgetverschuivingen tussen gemeenten. De nieuwe verdeling lijkt in niets op de budgetten die gemeenten dit jaar toegekend hebben gekregen.

De invoering van een objectief verdeelmodel voor de jeugdzorg leidt vanaf 2016 tot grote budgetverschuivingen tussen gemeenten. De nieuwe verdeling lijkt in niets op de budgetten die gemeenten dit jaar toegekend hebben gekregen.

Bij de meicirculaire die begin juni het licht zag, publiceerde Binnenlandse Zaken uitgesplitste cijfers over de toekomstige verdeling van gemeentebudgetten voor uitvoering van nieuwe taken in de jeugdzorg (en ook de Wmo). Die laten de metamorfose zien van een op historie gebaseerde budgetverdeling naar een objectieve verdeling. Dit jaar krijgen gemeenten nog geld op grond van uitgaven gedaan in het verleden. Maar vanaf 2016 start de geleidelijke invoering van verdeelmodellen die zijn gebaseerd op wat gemeenten op basis van objectieve criteria nodig hebben. In 2019 is de invoering van dit objectieve verdeelmodel voltooid.

Een vergelijking tussen de budgetten die gemeenten nu krijgen en in 2019 laat zien dat er nauwelijks verband is tussen de historische en de objectieve verdeling. In 2019 ligt het macrobudget 7,1 procent lager dan het nu, dus die korting treft alle gemeenten. Opvallend genoeg zijn er niet meer dan 26 gemeenten die in de buurt blijven van deze macrokorting (dat wil zeggen: binnen een marge van plus of min 1 procent).

Voor de overige gemeenten gelden veel grotere afwijkingen. Voor 65 gemeenten bedraagt de structurele budgetkorting meer dan 20 procent. Renkum en Haren (-42 procent), Oegstgeest (-38) en Gouda (-37) spannen de kroon. Daar staan 33 gemeenten tegenover die er meer dan 20 procent op vooruitgaan. Tubbergen ziet haar budget meer dan verdubbelen (+105 procent). Ook in Baarle-Nassau (+63) en Leerdam (+61) kan de vlag uit. Hoewel het objectieve verdeelmodel pas in 2019 helemaal is ingevoerd, gelden de structurele minnen en plussen voor het overgrote deel al in 2016.

Utrecht en Amsterdam leveren in (-5,8 en -5 procent), terwijl Rotterdam en Den Haag extra geld krijgen (+5,7 en +7,5). Terschelling is de grootste nadeelgemeente van het land en mag meer dan de helft van haar budget inleveren. Vlieland verliest ruim 27 procent. De andere drie eilanden winnen fors. Texel krijgt 34 procent meer budget, Ameland krijgt er bijna 160 procent bij. De absolute winnaar van de objectieve budgetverdeling is Schiermonnikoog, dat de komende jaren twaalf keer zoveel krijgt als dit jaar (+1130 procent).

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.