of 58959 LinkedIn

‘Onzichtbare’ belasting in zeven provincies

Meer dan 100 gemeenten belasten nutsbedrijven met precariobelasting op ondergrondse leidingen. De nutsbedrijven rekenen deze onzichtbare belasting door aan hun klanten, meest huishoudens.

Meer dan 100 gemeenten belasten nutsbedrijven met precariobelasting op ondergrondse leidingen. De nutsbedrijven rekenen deze onzichtbare belasting door aan hun klanten, meest huishoudens.

Dat blijkt uit onderzoek van het Coelo, het Centrum voor onderzoek van de economie van de lagere overheden in Groningen. Gemiddeld betaalt een huishouden twintig euro per jaar aan deze onzichtbare belasting. Dat is inclusief de gemeenten waar de netbeheerders en drinkwaterbedrijven geen kosten van precariobelasting op leidingen doorberekenen. In Noord-Brabant en de meeste gemeenten in de provincies Limburg, Overijssel, Drenthe en Groningen betalen inwoners namelijk geen precariobelasting op leidingen via het drinkwater- of energiebedrijf. De netbeheerders die in die regio’s actief zijn, betalen geen precariobelasting over ondergrondse leidingen.

 

Kwijtschelding onmogelijk

In Zuid-Holland zijn de bedragen het hoogst, in Noordwijkerhout betaalt een huishouden in 2015 met 86 euro het meest. De precariobelasting op leidingen wordt niet alleen door huiseigenaren betaald, maar door alle klanten van drinkwaterbedrijven (bij heffende gemeenten) en netbeheerders (die heffende gemeenten in hun beheergebied hebben) ongeacht woonsituatie of inkomen. Kwijtschelding is niet mogelijk.

 

Verordening precariobelasting

Om een indicatie te krijgen van de betaalde bedragen, heeft Coelo de netbeheerders gevraagd van welke gemeenten zij in 2015 een aanslag ontvingen. Daarnaast is nagegaan welke gemeenten op 1 januari 2016 een tarief voor kabels en leidingen in de verordening voor precariobelasting hadden staan. Ook is er nagegaan of die gemeenten geen vrijstelling kenden voor netbeheerders of drinkwaterbedrijven. Bij drie gemeenten was de verordening van de precariobelasting op leidingen niet te vinden. De opbrengst uit de totale precariobelasting is in die gemeenten echter volgens de onderzoekers zo gering dat het niet aannemelijk is dat zij precariobelasting heffen op leidingen.

 

Niet openbaar

Uit een eigen inventarisatie van de verordeningen precariobelasting die op 1 januari 2016 van kracht waren, blijkt dat 159 gemeenten (41 procent) een tarief hebben voor kabels en leidingen. Vijf van deze gemeenten kennen een vrijstelling voor nutsbedrijven. Toch betalen niet alle netbeheerders en drinkwaterbedrijven in de 154 gemeenten de belasting met een tarief voor precariobelasting op leidingen. Soms bestaan er privaatrechtelijke afspraken tussen het nutsbedrijf en de gemeente over belastingen. Deze zijn echter niet openbaar.

 

Sneller afschaffen

Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken heeft een wetsvoorstel naar de kamer gestuurd waarmee de precariobelasting op leidingen in tien jaar tijd wordt afgeschaft. ‘Huishoudens zouden dan dus nog tien jaar ongemerkt belasting betalen aan de gemeente’, aldus Coelo-onderzoekster Corine Houben. ‘Dat is onwenselijk. De hervorming van het gemeentelijke belastinggebied die ook door minister Plasterk is geschetst biedt een mooie gelegenheid om de precariobelasting op leidingen sneller af te schaffen zodat huishoudens weer zicht krijgen op de gemeentelijke belastingen die zij betalen.’

 

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door mr. paul van riel (adviseur ondergrondse infra) op
Precario-verbod ondergrondse infra; misverstanden

Als we memorie van toelichting op het wetsontwerp (TK 34.508) mogen geloven dan is de redenering van de minister van bzk zo’n beetje als volgt:
• Gemeenten maken allerlei kosten voor leggen, verleggen van ondergrondse infra in openbare gemeentegrond, incl verkeersmaatregelen en versnelde slijtage van wegen, zelfs vergunning-kosten.
• Of je als gemeente die kosten nu verhaalt op de nutsbedrijven via een belasting (precario) of via privaatrechtelijke weg; dat maakt niet uit, is politiek opportuun. (MvT pag 3 bovenaan)
* Je kunt precarioweg verbieden, dan blijft de privaatrechtelijke weg open staan.

Het beeld uit gemeenteland is anders!

Wat voor kosten zijn er voor gemeenten gemoeid met ondergrondse infra ? Er zijn mogelijk 7 kosten-soorten te onderscheiden.
A. Kosten van meerjaren-infra-projecten- planningsoverzicht / afstemming. De minister van EZ gaat via het traject van WION naar WIBON gemeenten op kosten jagen door te eisen dat gemeenten hier investeren in dure software om al hun arealen en voorgnomen projecten zichtbaar te maken, met als enig doel om telecompartijen te kunnen laten kiezen om medegebruik of coördinatie (= combinatie werk met werk maken) af te dwingen. Terwijl gemeenten dat niet nodig hebben. En de Nederlandse telecom-bedrijven ook niet! Maar de gemeenten wel graag regie zouden hebben op alle ruimtelijk gebruik. En het rijk de enige is die ze dat kan geven, maar dat niet doet. En het rijk legt dus deze nieuwe info-plicht op zonder dat gemeenten hiervoor van iemand geld krijgen / dit kunnen verhalen. De rijksoverheid staat aan de kant van de telecompartijen, niet aan die van gemeenten en brengt de belangen ook niet in balans.
B. Kosten voor leg/lig-vergunningen (incl. eerste toezicht of conform de vergunning-regels wordt gewerkt) . Bijna alle gemeenten hebben een verordening met graaf/lig-vergunningstelsel. Met beoordelen van die vergunningaanvragen worden kosten gemaakt. Deze zou je via leges kunnen verhalen. Maar vele gemeenten hebben concessies / overeenkomsten uit het jaar blok waarin ze bij wijze van privilege aan de nuts hebben beloofd dat ze die leges niet hoeven te betalen. Een gemeenten die nu bezig zijn dat soort ouderwetse afspraken te verzakelijken lopen aan tegen nutsbedrijven die zich daartegen in rechte verzetten. (al 8 vonnissen). En ondanks dat veelal de rechter de gemeente gelijk geeft, blijft het verzet vanuit de nutsbedrijven. Het rijk beslecht dit niet door een wet, waarmee het hele pakket rechten/plichten gemeenten en nuts zou kunnen worden gemoderniseerd/verzakelijkt (onder beëindiging van alle eerdere oude afspraken).
C. Kosten voor verkeersmaatregelen tgv graafwerk. (door de minister in de MvT opgevoerd) Over het algemeen verplichten gemeenten de netbeheerders om als ze gaan graven te zorgen voor wegafzetting/omleiding etc. Op hun kosten dus ook. Dus gemeenten maken hier minder kosten en hebben hier geen behoefte aan verhaal.
D. Kosten voor herstraten van sleuf/gleuf-werk. Anders dan in de telecom-sector heeft de gemeente bij energie- en waterleidingen geen wettelijk recht om uit te maken of ze opbreekwerk zelf herstraat (en de kosten verhaalt op de netbeheerder) of dat ze dat herstraten overlaat aan de netbeheerder (die het dan op eigen kosten mag). In de praktijk is nu onduidelijk wat de positie van de gemeenten is. De VNG heeft geen model-overeenkomst die gemeenten hiervoor zouden kunnen gebruiken, al spant ze zich wel in om tot landelijke uniforme tarieven te komen. Gemeenten die kiezen voor zelf herstraten brengen over het algemeen de kosten in rekening bij de netbeheerder. Maar zonder dat ze daarmee een overeenkomst hebben gesloten. En waarom zouden gemeenten dat proberen ? De netbeheerder heeft contractsvrijheid; hij kan weigeren om enige overeenkomst te sluiten! En de netbeheerders zijn onder andere omdat hun tarieven door de rijksoverheid veelal worden gemaximaliseerd, erg aan het besparen. En met die weigering in het verschiet doen gemeenten veelal geen moeite om tot overeenstemming te komen. Het rijk laat gemeenten hier in de kou staan.
E. Kosten van slijtage van openbare ruimte door (veel/vaak) graven (degeneratie). Gemeenten hebben ook hier geen wettelijke aanspraak op enige vergoeding van de netbeheerders. Ze kunnen het de netbeheerders vragen (om vrijwillig te betalen). Doen ze ook. En ze zouden met de netbeheerders daar privaatrechtelijke overeenkomsten over kunnen sluiten. Maar ook hier zijn die netbeheerders niet verplicht om zo’n overeenkomst aan te gaan.
F. Kosten van verleggen van kabels/leidingen als dit nodig is om de openbare ruimte aan te passen aan gewijzigde maatschappelijke behoefte. Net als het rijk, vele provincies en waterschappen, hebben steeds meer gemeenten via beleidsregels nadeelcompensatie aan de netbeheerders beloofd om als ze “opzij” moeten dat ze dan de schade (deels) vergoed krijgen. Zie NKL 1999. En soms hebben gemeenten daarover recente “afspraken” gemaakt met die netbeheerders. Maar een hele grote groep gemeenten zit hier ook nog “vast” aan oude concessies e.d. En daarvoor geldt, net als bij B, dat in overleg die met de nuts niet moderniseerbaar blijken. Ook niet in gerechtsprocedures. Een poging om via de minister van Veiligheid en justitie tot een landelijke uniforme “regel” te komen is door verzet van de netbeheerders ook geblokkeerd. Het verzoek van gemeenten om rijks-ingrijpen om hier het zelfde regiem als voor telecom-bedrijven (precario-verbod in combinatie met verleggen om niet) in te voeren is genegeerd.
G. Kosten van eerste aanleg van ondergrondse infra in nieuwe gebieden. Energie en waterbedrijven staan voor hun aansluit-tarieven onder druk van het rijk (ministerie EZ voor energie en ministerie IenM voor drinkwater). Men wenst wél tijdige aanleg van nuts (zonder dat geen modern leven mogelijk) maar geen nodeloze investeringen voor netuitbreiding. Als in een nieuw gebied onzeker is hoe groot het wordt/ wie er komt, kan een netbeheerder ( door het rijk toegestaan) het first mover principe toepassen. Het eerst-vestigend bedrijf betaalt het volle pond en deelt later met mede-vestigers. Praktisch effect; de firts mover neemt het risico van de netbeheerder niet op zich. Hij blijft weg. En de netbeheerder legt dus geen nieuw net, tenzij …. Dus moet de gemeente als gebiedsontwikkelaar ervoor opdraaien. En dus gaat als extra kostenpost in de (veelal toch al negatieve) grondexploitatie mee en wordt dus uit algemene middelen (door alle burgers) meebetaalt. Onzuiver! Hier zou het solidariteitsbeginsel moeten gelden dat alle aangeslotene alle kosten van het net van de netbeheerder dragen. Ook dit vergt een ander rijksbeleid/wetgeving.

Samenvattend: gemeenten maken inderdaad allerlei kosten. Maar nee, die zijn bijna geen van alle via privaatrechtelijke weg vrijwillig op netbeheerders te verhalen. De verhouding gemeenten – netbeheerders zit behoorlijk scheef. En daaraan helpt niet dat de rijksoverheid de kant van de netbeheerders kiest en 1 mogelijkheid voor kostenverrekening tussen gemeenten en netbeheerders (precario) verbiedt. Integendeel. Het wordt tijd dat de rijksoverheid het hele pakket wettelijke rechten plichten van gemeenten (als openbare ruimte eigenaren/inrichters en beheerders) en netbeheerders (ook in de energie en water sector) heroverweegt. Net zoals dat eerder in de Telecom-sector is gebeurd. Was dat ook niet het pleidooi van de Raad van State ? En biedt de Omgevingswet daarvoor niet dé kans ?
Door Opmerker op
Een inkopper: iets afschaffen of opheffen gaat meestal bijzonder langzamer dan iets instellen of doorberekenen.
Logisch: stel je voor dat een overheid het geld moet ophoesten....
Door Ivo op
Bedrijven rekenen belastingen (WOZ, VB, BTW, accijnzen) ook door aan de klanten. Moeten we die dan ook afschaffen?
Door Criticus op
Misschien zou iemand dat “onderzoek” eens moeten controleren.
Quote: 11,7 miljoen precario in Den Haag (88 euro per huishouden).
Den Haag heeft ca. 520.000 inwoners. 11,7miljoen gedeeld door 520.000 is 22,- p.p. Volgens het Coelo is de gemiddelde gezinsgrootte dus 4 personen???
Quote: Door de betaalde precariokosten te delen door het aantal klanten ontstaat ene beeld van de kosten per huishouden.
Ik begrijp dat volgens het Coelo bedrijven, ziekenhuizen, winkels, scholen e.d. geen klanten zijn van het waterleidingbedrijf. Op zijn minst bijzonder te noemen.

Door p op
@Crisitcaster

Volgens mij bestaat de prijs van water grof weg uit kosten, belasting (precario) en winstopslag. En laat nu de aandeelhouder zowel geld krijgen uit de winstopslag als uit de precario...dubbel dus
Door Criticus op
@p:
dat is alleen maar zo als de nutsbedrijven meer in rekening brengen aan hun klanten dan zij afdragen aan precario. Anders is het vestzak-broekzak voor het nutsbedrijf.
Door p op
't is ook een beetje vreemd. Gemeente vangen dubbel. Ze vaak aandeelhouder van het drinkwaterbedrijf én leggen ook nog een heffing op over de leidingen...