of 59236 LinkedIn

Het is ook crisis bij de buren

Nicole Bosch Reageer
Niet alleen Nederlandse lokale overheden komen door de kredietcrisis in de problemen. Ook steden, gemeenten en deelstaten in de landen om ons heen zijn getroffen.

Miljoenenverliezen bij Duitse gemeenten

 

Vooral in het westen en zuid-westen van Duitsland moeten steden waarschijnlijk met miljoenenverliezen rekenen. Zo maakte Freiburg nog een week voor het faillissement van Lehman Brothers 20 miljoen euro over naar de bank. Frankfurt (95 miljoen), Keulen (90 miljoen), München (59 miljoen) en Freiburg (47 miljoen) hebben de grootste bedragen geïnvesteerd bij Lehman. Geld dat nog niet weg is, maar bevroren staat. Lokale overheden in Duitsland lijken niet in Landsbanki te hebben geïnvesteerd.

 

De kredietcrisis zal desalniettemin gevolgen hebben voor de gemeentekassen. Dirk Schiereck, hoogleraar economie aan de TU Darmstadt: ‘Een van de grootste inkomensbronnen voor gemeenten is de Gewerbesteuer, een ondernemingsbelasting gebaseerd op winsten. Doordat bedrijven minder winst zullen maken, neemt deze inkomstenbron af.’ Frankfurt haalde vorig jaar 1,7 miljard op; prognose is dat dit bedrag naar 1,4 miljard zal dalen.

 

De Duitse deelstaten hebben ook grote problemen. Ze zijn namelijk grootaandeelhouders bij de Landesbanken. Tijdens de Amerikaanse hypotheekcrisis vorig jaar sneuvelde de eerste Landesbank: de Sachsen Landesbank werd overgenomen door de Landesbank Baden-Württemberg. Vorige week nam de regering een reddingsplan aan voor de banken, een plan waar 480 miljard euro meegemoeid is. De deelstaten zullen daarvan 35 procent moeten opbrengen.

 

Geen IJslandse rekening voor Monsieur le Maire

 

Geen enkele Franse gemeente, departement of regio loopt het risico spaarcenten te verliezen bij een buitenlandse bank, bijvoorbeeld in IJsland. Monsieur (of Madame) le Maire mag geen buitenlandse rekening openen en ook niet beleggen op de beurs. De enige plek waar lokale overheden heen mogen met hun centen, is de Trésor Public, de schatkist. Desalniettemin hebben ook Franse overheden te lijden onder de financiële crisis. Banken zijn een stuk terughoudender geworden met leningen en vragen hogere rente. Een middelgrote stad als Saint-Etienne slaagde er niet in een lening van tien miljoen euro af te sluiten. De herfst en de winter zijn juist de seizoenen waarin de vraag naar kapitaal bij gemeenten en departementen het grootst is. Sommige moeten lenen om hun jaarbudget in balans te krijgen, andere bereiden openbare werken voor die vaak in de lente plaatsvinden. Naar schatting hebben de overheden in totaal 12 miljard euro nodig tot eind van dit jaar. Een bijkomend probleem is dat beide banken waarvan de overheid het vaakst geld leent, de afgelopen maanden rake klappen hebben gehad. Het noodlijdende Dexia had een kapitaalinjectie nodig van 6,4 miljard euro om op de been te blijven, en Société Générale kwam in de problemen door de beursfraude rond handelaar Jérôme Kerviel, waardoor de bank 4,9 miljard euro verloor. (olivier van beemen

 

IJslandse avonturen leiden tot cashtekorten bij Britse councils

 

Van Oxford University (30 miljoen pond) tot de Cats’ Protection League (11 miljoen pond), van een hospice voor teenagers (bijna 6 miljoen pond) tot de Open University - iedere (semi-)overheidsinstantie schijnt hier wel op een potentieel desastreus financieel verlies te zitten vanwege deposito’s bij IJslandse banken. Dat geld wordt mogelijk niet terugbetaald.

 

Het zwaarst getroffen zijn zo’n honderd lokale overheden (Kent County Council met 50 miljoen pond voorop), plus politiekorpsen (Londen: 30 miljoen) en ziekenhuizen, die tegen een mogelijk verlies van vele miljoenen ponden aankijken. Zelfs de toezichthouder op gemeentelijke uitgaven zelf, de Audit Commission, moest bekennen dat er 10 miljoen pond was geïnvesteerd in IJslandse banken. De Local Government Association (LGA) tracht zich van alle blaam te zuiveren en wil een overheidsonderzoek naar de credit ratingsbureaus, die de IJslandse banken nog tot enkele dagen voor de ineenstorting van het bestel hoog waardeerden.

 

De diplomatieke betrekkingen tussen het Verenigd Koninkrijk en IJsland daalden ondertussen tot een dieptepunt, toen premier Gordon Brown de IJslandse weigering om ook Britse spaartegoeden veilig te stellen ‘absoluut onaanvaardbaar’ noemde en - met anti-terreurwetgeving in de hand - beslag liet leggen op IJslandse belangen in Engeland. De waarde van die belangen is 4 miljard pond, 1 miljard meer dan het totaal dat overheden, liefdadige instellingen en individuele spaarders gezamenlijk hebben uitstaan in IJsland.

 

De regering biedt voor het moment de helpende hand aan lokale overheden die door cashtekort onmogelijk salarissen kunnen uitbetalen. De LGA heeft de Treasury gevraagd haar leden uitstel te verlenen van betaling van 1 miljard pond aan business tax. Ondertussen vragen belastingbetalers zich af waarom lokale overheden kapitaal onderbrachten bij riskant gebleken banken in het buitenland - en waar die overheden hun geld nog meer hebben gestald. Immers: als het geld niet terugkomt, zullen zij hogere belastingen moeten betalen.

 

België vreest voor dividend

 

Ook in België voelen lokale overheden de gevolgen van de kredietcrisis. Van mogelijk als verloren te beschouwen tegoeden bij IJslandse banken is hier geen sprake. ‘Ik heb geen weet van Vlaamse gemeenten of OCMW’s (gemeentelijke centra voor maatschapplijk welzijn) die deposito’s hebben uitstaan bij IJslandse banken’, zegt Jan Leroy, stafmedewerker Financiën bij de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten. Ook de Walen hebben geen geld uitstaan bij IJslandse of andere banken die niet kunnen terugbetalen, aldus Paul Furlan, voorzitter de Unie van Waalse Steden en Gemeenten. Bij de provincies zijn al evenmin problemen bekend.

 

Weliswaar staat Belgische lokale overheden wettelijk niets in de weg om hun kapitaal bij buitenlandse banken te stationeren, in de praktijk gebeurt dat niet. Dit komt mede door een uitzondering op de roerende voorheffing van 15 procent. Wanneer overheden elkaar geld uitlenen, vervalt de voorheffing. Dat maakt het aantrekkelijk om tijdelijk overtollig geld aan elkaar te lenen en in schatkistpapier te investeren.

 

Lokale overheden vrezen wel voor hun dividendinkomsten 2009 van de Gemeentelijke Holding. Weliswaar mogen Belgische lokale overheden niet investeren in beursgenoteerde bedrijven, maar er is een uitzondering voor historische deelnemingen, zoals in Dexia. Die bank heeft zijn oorsprong in het Gemeentekrediet, dat in handen was van de Belgische gemeenten en provincies en optrad als hun bankier. Tegenwoordig hebben gemeenten via de Gemeentelijke Holding nog steeds aandelen Dexia in bezit. De koers van het aandeel Dexia is gekelderd, waarop de Gemeentelijke Holding aankondigde haar dividend ‘voorlopig in beraad te houden’ omdat niet is te voorspellen hoe de winst en het dividend van Dexia uitpakken.

 

In 2008 ontvingen de 308 Vlaamse gemeenten 42 miljoen euro dividend van de Holding. Daarnaast kregen ze via de gecertificeerde aandelen nog eens 10,7 miljoen euro aan Dexiadividenden uitgekeerd. ‘Een relatief laag bedrag, afgezet tegen de zeven à acht miljard die omgaat bij de Vlaamse gemeenten’, relativereert Jan Leroy van de Vlaamse gemeenten. ‘De 262 Waalse gemeenten kan het wegvalllen van het dividend maximaal 15 miljoen kosten’, zegt Paul Furlan van de Unie van Waalse Steden en Gemeenten Een veel groter financieel probleem is nu dat de kredietcrisis geld lenen voor gemeenten en provincies lastiger en duurder maakt.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.