Advertentie
financiën / Nieuws

Drie miljard euro minder voor gemeenten

Gemeenten moeten er rekening mee houden dat ze vanaf 2011 drie miljard euro minder krijgen van het Rijk. De algemene uitkering kan zo’n 20 procent dalen.

02 oktober 2009

‘Drie miljard euro minder van het Rijk. Dat is de orde van grootte waaraan we moeten denken’, aldus Gert Jan Buitendijk, directeur Openbaar Bestuur en Democratie van het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK). Hij schetst daarmee een veel somberder financieel scenario dan in de septembercirculaire. Ook volgens de gemeentelijke koepelorganisatie VNG geven de eerder door staatssecretaris Bijleveld (BZK) gemaakte prognoses over de groei van de algemene uitkering hoogstwaarschijnlijk ‘een veel te positief beeld’.

 

Daarbij werd uitgegaan van een lichte krimp van maximaal een half procent. Buitendijk houdt het eerder op een krimp van 3,5 tot 4 procent, als het kabinet echt voluit inzet op het bezuinigen van 35 miljard euro vanaf 2011. ‘Wij moeten er op zijn berekend dat in 2011 voor drie miljard euro aan lagere algemene uitkering gemeentefonds op ons afkomt’, aldus Gijs Oskam, financieel specialist van de VNG.

 

Neerwaarts

 

Die neerwaartse bijstelling - ‘nogmaals, de onzekerheid is groot’ - is een uitvloeisel van de forse heroverwegingen van het kabinet in combinatie met de toekomstige Wet Tekortreductie Rijk en Medeoverheden (TReM). Die wet bepaalt dat de overheden zich verplichten samen jaarlijks 0,5 procent van het bruto binnenlands product - het bbp is naar boven afgerond 600 miljard euro - om te buigen om het begrotingstekort en de staatsschuld terug te dringen.

 

Daarnaast mogen de lagere overheden hooguit structureel 0,5 procent van het totale, door Europa toegestane bbp-tekort van drie procent hebben. De kans is overigens groot dat het een geleidelijk bezuinigingsproces zal zijn, waardoor de verlaging van drie miljard euro (-20 procent) pas over enkele jaren wordt bereikt.

 

Buitendijk riep de aanwezigen bij de najaarsbijeenkomst van de Federatie Middelenmangers Overheid (FAMO) - afgelopen vrijdag in Utrecht - op, vooral behoedzaam te ramen. ‘2010 zal nog meevallen, maar de meerjarencijfers gaan een probleem opleveren. Een complicatie zijn de raadsverkiezingen in maart volgend jaar en de ambities van de nieuw aangetreden colleges. Die ambities, en de daarbij behorende uitgaven, zijn meestal groot’, aldus Buitendijk.

 

Verkiezingen

 

Omdat het financiële beeld volgens hem behoorlijk negatief zal uitpakken, ligt er voor de financieel specialisten van de gemeenten een taak om de zielen binnen de gemeente rijp te maken voor het maken van keuzes. Het voordeel van het zo snel mogelijk aan de bel trekken, is dat politieke partijen in hun verkiezingsprogramma’s dan al rekening kunnen gaan houden met de mindere tijden. Fracties zijn nu bezig met het schrijven van die programma’s. ‘Het is beter dat de politiek van meet af aan bij een nieuwe raad rekening houdt met een somber en realistisch financieel beeld’, aldus de VNG-beleidsmedewerker.

 

Hij raadt gemeenten aan verschillende toekomstscenario’s te ontwikkelen - ‘er komt onheil, maar niet bekend is hoeveel en wanneer’, met diverse uitgangspunten. Heel verstandig vindt hij het om in één keer fors om te buigen, in plaats van keer op keer opnieuw te beginnen. Verdere tips zijn het goed nadenken over de inzet van aanwezige reserves en de verkoopopbrengsten van de energiebedrijven.

 

Mogelijke ruimte is volgens hem bovendien te vinden in de geraamde salariskosten. In veel gemeentelijke meerjarenbegrotingen is minimaal twee procent loonstijging opgenomen. Die loonontwikkeling zal zich naar zijn verwachting niet gaan voordoen, in acht nemend dat het Rijk voor de lange termijn zwaar inzet op loonmatiging.

 

Oskam: ‘Het is zaak goed naar die cijfers te kijken, want daar is veel geld mee gemoeid.’ In veel gemeenten gaat een kwart van de totale begroting op aan salariskosten voor medewerkers, maar er zijn ook loongevoelige gemeenten waar 70 procent van de totale lasten uit personeelslasten bestaat.

 

Bestaand beleid kop van jut
Als er moet worden bezuinigd, houden financieel specialisten van gemeenten het liefst bestaand beleid tegen het licht. Drie van de vier middelenmanagers heeft een sterke voorkeur voor het herzien van oude beslissingen.

 

Dat blijkt uit de enquête die HighQ afgelopen vrijdag op het FAMO Najaarscongres Gemeentefinanciën in Utrecht hield onder tweehonderd aanwezige gemeente-financials. Ruim twee op de drie specialisten ziet een stimulerende en coördinerende rol voor zichzelf weggelegd in het proces om tot bezuinigingen te komen. De helft wacht echter liever nog even met het voorstellen van maatregelen, omdat ze het beslissen daarover het pakkie-an vinden van het nieuwe college - voor maart volgend jaar staan gemeenteraadsverkiezingen op stapel.

 

Een minderheid van 15 procent wil in 2010 al maatregelen nemen, 30 procent wil pro-actief aan de slag om een sluitende begroting voor de periode 2011-2014 te maken.

 

Top-3 bezuinigingskeuzes van financiële ambtenaren:
1. Heroverwegen bestaand beleid (73%)
2. Buiten de kaders zoeken/niet-financieel denken (13%)
3. Eerder doorvoeren efficiencyslagen (8%) Fuseren met andere gemeenten, outsourcen van afdelingen, het instellen van vacaturestops en het opzetten van een gedeelde servicecentra met andere gemeenten scoorden rond de 1 á 2 procent.
(bron: enquête FAMO/HighQ)

 

Reacties: 1

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Jacko / hrf
d
Advertentie