of 59054 LinkedIn

VNG lanceert rekenmodel voor formatiebepaling jeugddomein

De VNG heeft een rekenmodel  laten bouwen waarmee gemeenten kunnen bepalen hoeveel extra formatie ze nodig hebben door de decentralisatie van de jeugdzorg.

De VNG heeft een rekenmodel in de vorm van een spreadsheet laten bouwen waarmee gemeenten kunnen bepalen hoeveel extra formatieplaatsen ze nodig zullen hebben door de decentralisatie van de jeugdzorg.

Inhoudelijk en procesmatig
Daarbij gaat het om de inhoudelijke taken die moeten worden uitgevoerd op het gebied van jeugdbeleid, inkoop van jeugdzorg bij aanbieders en regie op die aanbieders, maar ook een operationele taken, zoals de ondersteuning van de toegang, de afhandeling van bezwaar en beroep, en de de financiële afhandeling van facturen en declaraties. Níet in het model opgenomen zijn de toegang zelf (vaak moeilijk aan het jeugddomein alleen toe te wijzen); typische 'PIOFACH'-taken als informatiemanagement (nieuwe ICT-systemen) en controlling; en extra overhead/secretariële ondersteuning. Ook met de tijdelijke extra capaciteit die er voor de transitie nodig is, houdt het model geen rekening.

Variabelen invullen
Het OndersteuningsTeam Decentralisaties van de VNG heeft Berenschot een spreadsheet laten ontwikkelen waarin allerlei variabelen zijn in te voeren. Voorbeelden zijn het aantal invwoners, het aantal contracten met jeugdzorgaanbieders, het percentage bezwaar op toegangsbeslissingen (variëerde tussen 0,3 en 3,1 procent in voorbeeld Haarlem) en het aantal uren dat er voor een bezwaar of een beroep wordt gehanteerd. Het resultaat is een schatting van de benodigde fte's, met een onzekerheidsmarge. Dat is een 'eerste indicatie', waarschuwt de VNG. Regelmatige evaluaties in 2015 moeten het beeld verder aanscherpen.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.