of 59221 LinkedIn

Parkeren op de politieke agenda!

Parkeren op de politieke agenda, gaat dat niet wat ver? Dat is wellicht uw eerste gedachte bij het lezen van bovenstaande titel. Toch draagt het slim organiseren van parkeren en parkeerbewegingen bij aan een duurzame, leefbare, bereikbare en aantrekkelijke samenleving en dan is de link met de politieke agenda al snel gelegd.

parkerenNog maar een maand geleden adviseerde een groep van 90 hoogleraren het kabinet 200 miljard te investeren in een groene infrastructuur in de komende decennia. Wordt het niet tijd dat de belangrijkste partijen in parkeerland opstaan en hun voorbeeld volgen en de krachten bundelen om tot een statement te komen richting politiek Den Haag?


In de versnelling

In april bezocht ik samen met circa 150 vakgenoten het Jaarcongres van Parkeer24 met als thema ‘In de versnelling’. Deelnemers werden vooral uitgedaagd om out of the box te denken. Aan de hand van vier prikkelende stellingen van gerenommeerde adviesbureaus discussieerden groepen met elkaar over mogelijke langetermijnoplossingen.

Het leverde niet alleen geanimeerde gesprekken op maar ook een rijke variëteit aan oplossingen voor ‘het parkeerprobleem’. De stellingen spitsten zich toe op een eerlijkere verdeling van parkeerrechten en op parkeren als instrument om te komen tot een verbeterde leefbaarheid (geef iedereen een mobiliteitsbudget met verhandelbare rechten). Een actueel thema gelet op de waarschuwing die minister Schultz en staatssecretaris Dijksma van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu onlangs afgaven richting Tweede Kamer dat het personenvervoer vooral in, rond en tussen de grote steden de komende decennia blijft groeien.

Als oplossingen werden genoemd het slim toepassen van moderne technologie (smart data, energiestallen) en het verbeteren van de parkeerbeleving (funstallen, valet parking, deelstallen) maar ook dwingende maatregelen vanuit de overheid.


Stilstand is achteruitgang

Iedereen binnen de parkeerwereld beseft dat doorgaan op dezelfde weg op termijn niet leidt tot een ruimtelijke omgeving die aantrekkelijk, bereikbaar, leefbaar en duurzaam is. De toekomst vraagt om een overkoepelende visie en aanpak vanuit parkeerland in de wetenschap dat parkeren ‘slechts’ een onderdeel is van een bredere mobiliteitsagenda. Het gewenste resultaat vraagt vooral om een verandering van menselijk gedrag. Mensen moeten de auto uit en meer gebruik gaan maken van andere modaliteiten. Daar zijn helaas dwingende maatregelen van overheidswege voor nodig.


Een oproep aan de overheid

Op weg naar huis na het Jaarcongres bedacht ik dat het mooi zou zijn als de belangrijkste stakeholders in de parkeerwereld hun krachten zouden bundelen en gezamenlijk een statement zouden afgeven richting overheid, naar het voorbeeld van de 90 hoogleraren. Het Jaarcongres was daar eigenlijk al een mooi voorbeeld van, gezien de gezamenlijke bijdrage van verschillende gerenommeerde adviesbureaus aan het programma.

Als de lange termijn doelstellingen helder zijn moet het toch mogelijk zijn om te komen tot een langetermijnvisie en een gezamenlijke roadmap? Dit vraagt van de stakeholders dat zij de eigen agenda voor even ondergeschikt maken aan de gezamenlijke agenda. Daarna is het aan de individuele organisaties om hun ondernemerskwaliteiten aan te spreken om de eigen positie in het speelveld te behouden en waar mogelijk te versterken.


Wie pakt de handschoen op?

Het Jaarcongres liet in ieder geval zien dat er voldoende kennis en ervaring aan boord is om het statement op professionele wijze vorm te geven. De vraag is wie de handschoen oppakt en de verschillende partijen aan tafel vraagt om een coalitie te vormen (belangenverenigingen, adviesbureaus?). Dat kost tijd, energie en veel overleg, maar zal ongetwijfeld tot een duidelijk statement leiden. In een tijdperk waarin (nieuwe) technologie het startpunt vormt van tal van innovaties zijn wij als ICT-dienstverlener graag bereid om aan te schuiven en onze expertise in te brengen. 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Kees-Jan de Graaf (Consultant) op
Beste Marc,

Dank voor je reactie en je oproep. Ik ben blij dat het stuk iets los maakt. Zie ook de reactie van Koen Broumels op LinkedIn, die autonoom vervoer als een game changer ziet.

Dit zou tot het volgende scenario kunnen leiden:
Veel minder auto’s die ook nog eens niet stil staan in de stad, maar mensen afleveren op een gewenst adres of aan de rand van steden in traffic hubs waarna ze met openbaar vervoer naar hun eindbestemming gaan. Er is dan geen noodzaak meer tot het creëren van voorzieningen in onze steden om auto’s stil te laten staan.

Het is maar een idee

Door Marc Stemerding (Programmamanager mobiliteitsdiensten) op
Wie pakt de handschoen op?
Reactie op Parkeren op de politieke agenda! (Kees-Jan de Graaf, Binnenlands Bestuur, 29 mei 2017)
Auto’s: ze moeten meer rijden!
Dat onze steden vol raken, is geen nieuws. Sterker nog, het is al decennia aan de gang, en ze raken nog steeds voller. Dat moet toch een keer misgaan, zou je denken.
Nu weten we eigenlijk niet precies wat ‘misgaan’ inhoudt. Het wordt elke dag een klein beetje voller, met ietsje meer vertraging, en telkens worden kleine beetjes leefbaarheid opgeofferd. Het is als met die kikkers in de pan: je merkt het pas als je niet meer terug kan.
En daar zijn we inmiddels aanbeland. Waar mobiliteit de samenleving meer kwaad doet dan goed. Terwijl mobiliteit een smeermiddel in de maatschappij zou moeten zijn: mensen en goederen van A naar B verplaatsen, zodat we kunnen wonen, werken, consumeren, recreëren op de plekken die daar het meest geschikt voor zijn.
Wat is dan het probleem met parkeren? Zonder parkeren geen automobiliteit, althans zoals we die nu kennen, de automobiliteit die gebaseerd is op individueel autobezit.
Politiek gezien is autobezit heilig. Zo herinner ik me nog een uitspraak van Alexander Pechtold in de verkiezingscampagne: “We moeten het autogebruik aanpakken, niet het autobezit”. Daarmee verwoordt hij de mainstream in de Nederlandse politiek: iedereen mag er een bezitten, het mobiliteitsprobleem is dat we ‘m met z’n allen te veel gebruiken. Zou Pechtold weten dat we per auto gemiddeld 30 km per dag afleggen? En dat auto’s gemiddeld één uur per dag in beweging zijn? Ja, de auto staat dus 96% van de tijd stil - hoezo gebruiken we die auto te veel?
We gebruiken de auto veel te weinig!
Want de bijna 9 miljoen Nederlandse auto’s hebben veel parkeerruimte nodig om 23/7 stil te staan. Terwijl de auto stilstaat op de parkeerplek bij kantoor, is er natuurlijk nog een lege plek thuis. En dan ook nog één bij het winkelcentrum, bij de sportclub, enzovoorts. De auto, die is bedoeld om te vervoeren van A naar B, staat eigenlijk de hele dag stil op A of op B, en claimt tegelijkertijd de ruimte op A èn op B.
Hèt ruimtelijke issue van vandaag is de groei van onze grote steden. Steeds meer mensen willen in bijvoorbeeld Amsterdam wonen, waar het beste werk is en de beste voorzieningen zijn. En we willen niet nèt niet wonen, aan de rand van de stad, maar zo centraal mogelijk. Maar wonen in de stad is straks alleen nog weggelegd voor miljonairs. Wie dat niet is mag elke dag aansluiten in de file om ook een beetje van de stad te mogen meegenieten, maar slechts op bezoek.
Om dit schrikbeeld te voorkomen is het duidelijk: er is een grote bouwopgave in de stad. Dat betekent open plekjes vullen. De restkaveltjes, de binnenhavens in onbruik, de oude industrieterreinen, de leegstaande kantoorgebieden. Maar dan wel in volwassen dichtheden, dus op echt stedelijk niveau. In Parijs wonen 2,25 miljoen mensen binnen de Boulevard Périférique (35 km), binnen de A10 (32 km) wonen er 550.000. Dat betekent ruim 20.000 inwoners per km2 in Parijs, in Amsterdam zijn dat er tegen de 7.000 per km2. Zo beschouwd kunnen de Amsterdammers nog behoorlijk inschikken!
Om dat voor elkaar te krijgen is de luxe ruimteclaim van de stilstaande auto niet meer van deze tijd. We moeten dus naar veel lagere parkeernormen toe. Geen nieuwbouw meer met een parkeerplaats, of met een halve parkeerplaats. In plaats daarvan alleen nog maar nieuwbouw met een deelauto, of beter nog: met een mobiliteitsabonnement. Er is een auto voor als je ‘m nodig hebt. En als je ‘m niet nodig hebt, dan rijdt iemand anders erin. De boodschap voor de automobilist: gebruik die auto zo veel als je wilt, maar zet ‘m niet stil in de openbare ruimte, daar is die auto niet voor!
Dus terugkomend op de vraag van Kees-Jan de Graaf; wat gaan we doen aan het parkeerprobleem op lange termijn? Alleen nog maar bouwen zonder parkeerplaatsen. Voor de prijs van een parkeerplaats in Amsterdam kun je gemakkelijk een MaaS-abonnement afsluiten. En met MaaS gaat de stedeling vanzelf zijn mobiliteit optimaliseren: de fiets waar dat kan, ov waar nodig, en de auto als het echt niet anders kan. We moeten dus inzetten op maximaal faciliteren en ondersteunen van de vele MaaS-initiatieven die er op dit moment zijn. Zo kunnen we ervoor zorgen dat MaaS al in de vroege jaren 20 tot wasdom komt, het autobezit gaat afnemen, en we de stad kunnen laten groeien en tegelijkertijd leefbaarder maken.
Amsterdam aan de MaaS! (en Utrecht, Haarlem, Leiden, Delft, Den Haag, Dordrecht, Amersfoort, …). Wie sluit zich hier bij aan?

Marc Stemerding
Programmamanager Mobiliteitsdiensten Goudappel Coffeng

 

 

Antwerpseweg 8, 2803 PB Gouda 

0182 - 34 57 01 

info.pss@centric.eu

www.centric.eu/overheid

Meer nieuws

Bloggers

Whitepapers