of 59232 LinkedIn

Nederland Open in Verlangen

Recent presenteerde het programma NOiV de resultaten van een onderzoek naar de bekendheid van ODF onder burgers en ambtenaren. De resultaten van dit onderzoek waren op het eerste oog bedroevend. Althans voor zover dit is af te leiden uit de in de pers gepresenteerde cijfers. Het echte rapport is helaas (nog) niet beschikbaar. Misschien verandert dit snel. Zeker nu in de Tweede Kamer vragen zijn gesteld naar aanleiding van deze onderzoeksresultaten.

De vragensteller maakt zich grote zorgen over de relatie tussen de onbekendheid van een open standaard en een succesvolle uitvoering van het actieplan ‘Nederland Open in Verbinding’ van staatssecretaris Heemskerk. Echter, over de plannen en acties van staatssecretaris Heemskerk rondom de ontwikkeling van interoperabiliteit worden nog geen vragen gesteld.

 

Dit is opmerkelijk, want Heemskerk schrijft in de aan de Tweede Kamer aangeboden ICT-agenda 2008-2011 juist beloftevolle woorden over de realisatie van interoperabiliteit. Zo stelt hij in deze agenda dat efficiënte interoperabiliteit slim gebruik van ICT bevordert. Zowel vanuit economisch als maatschappelijk oogpunt.

 

Verder wordt in de agenda geconstateerd dat internationale ontwikkelingen het belang van interoperabiliteit in de komende jaren aanzienlijk zullen doen toenemen, maar dat tegelijkertijd de interoperabiliteitsvragen steeds complexer worden en dat de oplossingskosten gaan toenemen. Heemskerk is dan ook van mening dat deze vraagstukken vragen om een (re)actie van de overheid. Maar in de beleidstoelichting op de begroting van het Ministerie van Economische Zaken komt het woord interoperabiliteit slechts één keer voor. En dan ook nog in relatie met een specifiek onderwerp als ‘identity management’.

 

Zelfs op het vlak van innovatie komt interoperabiliteit niet terug. Het ministerie van Economische Zaken streeft weliswaar naar een versterking van het innovatief vermogen van de Nederlandse economie, maar hierin speelt, zoals ook door ICT office geconstateerd, ICT in het algemeen en interoperabiliteit in het bijzonder slechts een ondergeschikte rol. Het meermaals door het kabinet uitgesproken verlangen naar interoperabiliteit lijkt daarmee te stranden in wensen en verlangens die niet of nauwelijks leiden tot een concrete en doordachte aanpak. Blijkbaar is voor de bezorgde vragensteller uit de inleiding het verlangen naar een enkele open standaard groter dan het verlangen van de Tweede Kamer en het kabinet naar interoperabiliteit. In beide gevallen kunnen we echter wel constateren dat de wens of het verlangen de vader is van de gedachte waarmee het beleid en daarmee de werkelijkheid vanuit Den Haag wordt vormgegeven.

 

Maar is dit gebrek aan aandacht voor interoperabiliteit nu typerend voor het huidige kabinetsbeleid? Ik vind van niet. In de Troonrede wordt bijvoorbeeld gesteld dat vrede en veiligheid in de huidige tijd voortdurend om aandacht vragen. Deze aandacht zie je bijvoorbeeld ook terug in de begroting van het ministerie van Defensie. Hierin staat onder andere dat modern militair optreden vereist dat uiteenlopende wapensystemen, sensoren en commandovoeringsystemen te land, ter zee en in de lucht zodanig met elkaar in verbinding staan dat we snel, doeltreffend en met de nodige flexibiliteit kunnen optreden.

 

Het ministerie van Defensie is dan ook van mening dat investeringen in dergelijke Network Enabled Capabilities zich vertalen in een hoge mate van interoperabiliteit, aanpassingsvermogen en veiligheid. Daarom zal het ministerie van Defensie in 2009 juist extra investeren in de realisatie van deze interoperabiliteit. Blijkbaar zijn de verlangens van dit ministerie op basis van internationale ontwikkelingen en onderzoek van een meer realistisch gehalte.

 

Ook aan het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gaat de noodzaak tot het kunnen uitwisselen en delen van informatie niet voorbij. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het actieprogramma ‘Dienstverlening en e-overheid’. In dit programma speelt het (her)gebruik van informatie die binnen de overheid aanwezig is een grote rol bij de verbetering van de dienstverlening aan burger en bedrijf. In de begroting van dit ministerie is opgenomen dat de innovatieve inzet van ICT en de bevordering van het veilig gebruik van ICT-toepassingen bijdraagt aan de vereenvoudiging van de relatie tussen overheid en burger en aan de stroomlijning van gegevensuitwisseling tussen overheden. In dit actieprogramma wordt zelfs aangekondigd dat onderzoek wordt gedaan naar de (wettelijke) doorzettingsmacht die eventueel noodzakelijk is om andere overheden te verplichten van deze al aanwezige informatie gebruik te maken.

 

Terug naar het meermaals door het kabinet uitgesproken verlangen naar interoperabiliteit. Begrijp mij goed, er is niets mis met verlangens. Ik vind een rationeel en op feiten gebaseerd verlangen naar het gebruik en toepassen van open standaarden en interoperabiliteit een maatschappelijke, economische en op de toekomstgerichte noodzaak.

 

Een noodzaak om in een snel veranderende wereld bij te blijven, te kunnen innoveren en gebruik te kunnen maken van mogelijkheden die nu al beschikbaar zijn. Maar de huidige verlangens vanuit het actieplan ‘Nederland Open in Verbinding’ van Heemskerk lijken langzaam maar zeker te verworden tot blinde verlangens. Een verlangen dat op deze manier slechts bestaat in de Haagse eenzaamheid van enkelingen, waardoor het zeker niet snel zal bijdragen aan het bevorderen van slim gebruik van ICT vanuit economisch en maatschappelijk oogpunt.

 

Ben van Lier

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

 

 

Antwerpseweg 8, 2803 PB Gouda 

0182 - 34 57 01 

info.pss@centric.eu

www.centric.eu/overheid

Meer nieuws

Bloggers

Whitepapers