CASE: 'Geef kleine gemeenten de ruimte'
“Automatisering in een gemeentelijke omgeving is wezenlijk anders dan bij het bedrijfsleven. Daar komt de vraag uit de markt en ben je een schakel in de keten van informatie-uitwisseling en leeft al veel langer de drang om dingen samen te doen op automatiseringsgebied, zoals standaardisering.”
Edward van der Geest is wethouder bij de gemeente Nunspeet, waar hij onder meer automatisering in zijn portefeuille heeft, en in het verlengde daarvan het project Excellente Informatievoorziening.
Vanwege zijn verleden als manager bij een automatiseringsafdeling in het bedrijfsleven is hij in staat de situatie bij gemeenten te vergelijken met die in de private sector. De gemeenten zijn ondertussen volop aan een inhaalslag bezig, maar dat heeft even geduurd: “Gemeenten opereren vanuit een andere positie. Je bent eigenlijk monopolist, een burger kan nergens anders heen dan naar de gemeente.”
“Dat heeft ervoor gezorgd dat gemeenten lang dachten dat zij wisten wat goed was voor de burger. We zien nu een verandering in dat denken ontstaan. Dat komt enerzijds vanuit de overheid zelf, en anderzijds vanuit de burger die mondiger wordt, onder meer doordat het automatisme waarmee gezag erkend werd er niet meer is.”
Die verandering verloopt echter wel per gemeente in een ander tempo, omdat overal andere problemen spelen. “Het lijkt soms wel of de landelijke overheid en de vier grote gemeenten bepalen wat er moet gebeuren bij de decentrale overheid. Dat is natuurlijk voor een deel zo, maar lang niet alle zaken waar grote gemeenten en het Rijk zich voor gesteld zien, spelen bij alle gemeenten.”
Prioriteiten
Hij pleit dan ook voor meer armslag voor kleinere gemeenten om hun eigen prioriteiten te stellen: “Waarom moet ik gedwongen worden ergens in mee te gaan als ik de problematiek niet herken? Natuurlijk is het niet zo dat je alleen aan iets mee moet doen als het jezelf aangaat, maar de behoefte kan wél per gemeente verschillen. Het is de taak van de rijksoverheid om een helder kader te scheppen. Maar aan de andere kant vind ik dat gemeenten het vertrouwen moeten krijgen dat ze het voor elkaar gaan krijgen. Waar ze mee beginnen is minder belangrijk, als het maar aansluit bij de behoeften van de inwoners van die gemeenten. Onderschat niet de kracht en de dynamiek van de lokale overheid.”
Volgens Van der Geest is het belangrijk om automatisering te zien als middel. “We moeten goed bedenken dat automatisering geen haarlemmerolie is. Vaak wordt gedacht dat automatisering problemen zal laten verdwijnen, maar dat is niet zo. Als overheid moeten we ook de organisatie veranderen. Dat moet hand in hand gaan en elkaar versterken.”
Binnen de gemeente Nunspeet is hij daarom voorzitter van een stuurgroep die niet vanuit de automatisering, maar vanuit de visie van de directie naar ICT kijkt. “Het is belangrijk eerst duidelijk te maken dat het niet gaat om een trucje met een nieuw beeldscherm of een ander softwareprogramma, maar dat het gaat om een andere manier van werken, een andere manier om de burger te benaderen.”
Volgens hem is het essentieel dat gemeenten daarin onderling samenwerken én samenwerken met hun leveranciers. Zo is hij zelf actief in de Gebruikersvereniging Getronics PinkRoccade Local Government en de Midoffice Community. Dit is een samenwerkingsverband van nu twaalf gemeenten die een platform vormen dat werkt aan de verbetering van de publieke dienstverlening. Met kijkt bijvoorbeeld naar de koppeling van de achterkant van de gemeentelijke automatisering met de front-office.
“Het gaat erom dat we kijken hoe je de lijnen bij elkaar krijgt en hoe je zorgt dat je data kunt benaderen en flexibel blijft en jezelf niet steeds klem zet met ingewikkelde systemen en hoge kosten. Het is géén inkoopcombinatie en geeft geen koopverplichtingen. Zo kun je grotere gemeenten laten zien hoe kleinere gemeenten het doen.”
De samenwerking met IT-leveranciers is volgens Van der Geest heel anders dan hij in het bedrijfsleven gewend was: “Ik heb me verbaasd over de zeggenschap die de Gebruikersvereniging Getronics PinkRoccade heeft bij het beleid van de automatiseerder. Daar heb ik aan moeten wennen, want daar zitten ook risico’s aan. Het is echter een weloverwogen keuze van de leverancier, die gevoed wil worden met ideeën uit de markt. We nemen als gebruikersvereniging geen commercieel risico en gaan ook geen producten voorschrijven aan andere gemeenten. Wel proberen we een platform te zijn waarin we inhoudelijke kennis uitwisselen.”
Kritisch
“Getronics PinkRoccade zit daar weliswaar bij als toehoorder en adviseur, maar we zijn ook kritisch. Er gaat af en toe een boze brief de deur uit over zaken als tariefstructuur of een te snelle uitfasering van producten. Dat heeft onmiddellijk resultaat, zodat er naar een oplossing gezocht kan worden. Soms krijgen we ook niet ons zin, maar dat kan ook niet altijd. Het geeft je als gemeente in ieder geval de ruimte om je eigen gedachten over automatisering vorm te geven.”
Hij heeft zijn reserves bij de nadruk die vooral de rijksoverheid legt op open systemen. “Ik begrijp dat je niet te afhankelijk moet worden van één leverancier, maar het lijkt er nu soms op dat het een doel op zich wordt om meerdere leveranciers te hebben. Volgens mij is het doel juist om een goed product tegen een redelijke prijs te krijgen. Natuurlijk moet je niet aan een monopolist overgeleverd zijn. Maar de ingewikkelde omgeving van de overheid moet je niet nodeloos nog ingewikkelder maken. Want waar het uiteindelijk om gaat is dat we tot een transparante overheidsorganisatie komen die de dienstverlening aan de burger op de eerste plaats heeft staan.”
Marco van der Hoeven
Dit artikel is als case gepubliceerd in Digitaal Bestuur nr. 10, januari 2008.

