Burger ziet voordeel in biometrisch paspoort
Europese burgers staan positief tegenover de invoering van biometrie in identiteitsbewijzen. Het voornaamste voordeel dat burgers zien, is betere bescherming tegen identiteitsfraude.
Europese burgers staan positief tegenover de invoering van biometrie in identiteitsbewijzen. Het voornaamste voordeel dat burgers zien, is betere bescherming tegen identiteitsfraude.
Dat blijkt uit een onderzoek dat in opdracht van LogicaCMG is uitgevoerd door onderzoeksbureau Vanson Bourne in zeven Europese landen, waaronder Nederland, en waarvoor in elk land 500 personen werden ondervraagd.
De meerderheid van de Europese respondenten, 58 procent, zou vrijwillig meewerken aan een overheidsprogramma om biometrische gegevens toe te voegen aan het paspoort. Dertig procent staat daar neutraal tegenover. Van de ondervraagde Europeanen vindt 52 procent dat een biometrisch paspoort verplicht moet worden gesteld. Geen bezwaar er tegen om altijd een biometrisch identiteitsbewijs bij zich te dragen heeeft 77 procent. De overgrote meerderheid van de ondervraagde personen is bereid biometrische gegevens vast te laten leggen bij het aanvragen van een identiteitsbewijs: 83 procent wil een vingerafdruk afstaan en 66 procent zou instemmen met een irisscan.
Het grootste voordeel dat de deelnemers zien in een biometrisch identiteitsbewijs, is betere bescherming tegen identiteitsfraude; 84 procent van de Europese burgers verwacht dat dit het geval zal zijn. Tweederde van de alle respondenten verwacht dat, dankzij elektronische identiteitscontrole, de doorlooptijd van een aanvraag bij de overheid kan worden. Bijna driekwart van de respondenten denkt dat paspoortcontrole aan de grens kan worden versneld of vergemakkelijkt door de invoering van elektronische identiteitscontrole.
De bezorgdheid van Europese burgers concentreert zich op het privacyvraagstuk en het gebruik van identiteitgegevens voor andere doeleinden dan waarvoor ze oorspronkelijk werden afgestaan. Op de vraag met welk negatief aspect biometrie wordt geassocieerd, antwoordt bijna een derde van de ondervraagden met het mogelijke verlies van persoonlijke privacy. Geleidelijke verschuiving of verbreding van het gebruik van elektronische identiteitgegevens wordt door 38 proccent als het meest verontrustende aspect genoemd.