of 59232 LinkedIn

Stop die bestuurlijke vernieuwing

Het correctief referendum is voorlopig weer van de baan in Nederland. Mij doet dat opnieuw inzien dat wij in Nederland eigenlijk niet kunnen omgaan met bestuurlijke vernieuwingen. Onder de noemer ‘daadkracht’ blijven we er eindeloos over spreken. 

Bestuurlijke vernieuwing als onderwerp is voor mij ook nog eens memorabel, omdat ik bij mijn examen algemeen bestuursrecht bijna zakte op het aantal gewesten en de aanpassingen die toenmalig minister Wiegel voor ogen stonden. Die discussie over gewesten is slechts één van de discussies die is gevoerd onder de vlag van bestuurlijke vernieuwing. Enkele jaren later is die voortslepende discussie ‘met daadkracht’ beëindigd door de vorming van een twaalfde provincie, waar ik nu gelukkig woon en werk.

 

Intussen passeren allerlei andere onderwerpen de revue onder diezelfde noemer bestuurlijke vernieuwing. Denk eens aan de gekozen burgemeester, de referenda, de provinciale herindelingen de gewestvorming en de regio’s maar ook over kiesdrempels, verbod tot afsplitsing van fracties etc..

Bijzonder is wel dat deze discussie door benoemde bestuurders wordt gedomineerd. De gekozen burgers spreken er in verhouding weinig over. Terwijl we ook best weten dat we in Nederland pas bestuurlijk gaan vernieuwen als er dreigende ontwikkelingen in het buitenland zijn. Thorbecke heeft daar in zijn tijd de vruchten van geplukt.

 

Hoe makkelijk de vlam in de pan kan slaan laat ons Spanje zien. Maar of dat die externe dreiging is? Wel is het zorgelijk te zien wat het effect is wanneer de bestuurders niet meer in staat zijn om te doen waarvoor ze zijn gekozen. Namelijk samen te werken vanuit de kennis het niet met elkaar eens te zijn. Bovendien laten de beelden vanuit Spanje zien hoe broos democratie is. Zulke beelden zouden de roep om hervormingen kracht moeten geven. Hervormingen waarmee de gekozenen en de instituten waar zij plaats nemen een (hernieuwde) betekenis krijgen die past bij deze tijd. Anders gezegd geef gekozen burgers een kans en breng hen in positie om betekenis te geven aan hun werk.

 

Maar dan zou het helpen dat met name de burgemeesters en wethouders en secretarissen stoppen met de discussie over bestuurlijke vernieuwing. Dus niet meer eindeloos spreken over de ontwikkeling naar regio’s , de kiesdrempels, G1000 etc. Maar gaan meehelpen met politieke – en organisatorische verbeteringen gekozen burgers ( de raadsleden/gemeenteraad) in positie te brengen waardoor zij aan gezag en betekenis kunnen winnen. En daarmee de gekozenen weer de mogelijkheid bieden de verzamelplaats en het sociale, politieke hart van de gemeente te zijn. 


Jan Dirk Pruim

Verstuur dit artikel naar Google+