Volg ons op: , LinkedIn of

Kijk snel bij: Abonnementen Vacatures BB Magazine

Snellere paarden in de draaimolen

Frans Nauta
Terugkijkend na een jaar columns op de website van Binnenlands Bestuur springt er één thema uit: de matige uitvoeringsresultaten van de Nederlandse publieke sector. Of het nou gaat over rookvrije horeca (6 columns), de crisis-aanpak (4 columns), het dankzij de overheid gecreëerde Microsoft-monopolie in de publieke sector versus de wens om tot open standaarden te komen (3 columns) of het gebrek aan praktijkkennis bij op de Haagse departementen die geacht worden om verstandig beleid voor ons te maken (3 columns).

De rode draad is dat we het in Nederland op papier allemaal uitstekend regelen, maar dat er in de praktijk weinig van dat beleid terecht komt. Het lukt maar zelden om met een beetje schwung iets van de grond te krijgen. Dat boeit, zo'n spanning tussen woord en daad. Hoe komt het toch, dat het in Nederland zo goed lukt om netjes op te schrijven en zo slecht lukt om het om te zetten in actie? De hoofdoorzaak is wat mij betreft een uit de hand gelopen hoofdkantoor. Er zijn op de Haagse departementen veel te veel mensen bezig met het maken van beleid voor de rest van Nederland. En zoals dat gaat bij een groot hoofdkantoor, dat stelt zijn eigen bestaansrecht niet ter discussie, maar gaat voortvarend aan de slag om de zaken 'lager' in de organisatie eens goed te regelen.

 

Een hoofdkantoor leidt per definitie tot de Wet van Afnemend Inzicht bij Toenemend Overzicht. Maar dat inzicht leeft zelden op het hoofdkantoor. Tenzij het management het er iedere dag in hamert is de dominante hoofdkantoor-attitude dat 'ze' er 'lager in de organisatie' gemiddeld genomen weinig van snappen. Die onbenulligheid op lager niveau rechtvaardigt dat er flink gestuurd wordt. Lees: veel duidelijke regels, glasheldere protocollen, boekhoudkundige spelregels die tot op detailniveau verantwoording vereisen.

 

De standaard feedback vanuit de praktijk is dat die duidelijke regels vaak niet bruikbaar zijn in de dagelijkse praktijk, dat glasheldere protocollen ervoor zorgen dat mensen het plezier in hun werk verliezen en dat de boekhoudregels iedere vorm van eigen initiatief in de kiem smoren. De eerste twee klachten sterken de centralistische overtuiging op het hoofdkantoor dat 'men' in de uitvoering niet competent is en dat er extra regels nodig zijn om 'greep' te krijgen op de uitvoering. Met een volgende beleidsnota en/of een volgende wet als resultaat. De derde klacht, over het smoren van eigen initiatief, wordt grotendeels gezien als goed nieuws ('want anders gaat iedereen het wiel opnieuw uitvinden') en opgelost met een experimentenpot, een aantal pilots en/of een prijsvraag.

 

Dat het uiteindelijke doel (uitvoering, praktische resultaten) steeds verder uit beeld raakt, wordt effectief naar de achtergrond gedrukt door een stroom van nota's, kamerbrieven en full-colour PR materiaal om de indruk te wekken dat er veel gebeurt. Dat werkt goed. De Haagse journalisten laten zich vaak zand in de ogen strooien, deels door een kort geheugen en deels door tijdgebrek voor hun stukjes. Het rookverbod in de horeca is wat dat betreft illustratief. Er is geen land in Europa waar de invoering van zo'n bescheiden maatregel met zoveel spastisch gespartel gepaard gaat.

 

Bij elkaar is het beeld dat van een tamelijk machteloze draaimolen. In de draaimolen zitten mensen die over het gemiddeld genomen alleen maar goede bedoelingen hebben. Voor iedereen in de draaimolen is er volop beweging. Om het nog beter te doen proberen de politici, 'topmensen' en beleidsmakers hun paarden nog harder te laten lopen. Bij elkaar is het effect van hun inspanningen dat de draaimolen steeds sneller draait, maar voor de mensen buiten de draaimolen levert het weinig op. Ze vragen zich af waar de mensen in de draaimolen het zo druk mee hebben. Dit alles in weerwil van de beroemde uitspraak van Henry Ford: "If I’d asked my customers what they wanted, they’d have said a faster horse".

 

Er is echt een ingrijpende wijziging nodig van het hoofdkantoor om te zorgen dat de publieke sector als geheel beter kan functioneren. Dit kabinet maakte daar een voortvarende start mee twee jaar geleden met het groots opgezette project Vernieuwing Rijksdienst. Inmiddels weten we dat er sindsdien per saldo rijksambtenaren bij gekomen zijn. De paarden in de carrousel hollen harder dan ooit. En er is helaas op dit moment geen enkele politieke partij die een aansprekende oplossing heeft voor ons Haagse waterhoofd.

 

Met deze ietwat treurige conclusie komt er een slot aan mijn wekelijkse columns voor de website van Binnenlands Bestuur. Komend jaar schrijf ik iedere zes weken een column voor Digitaal Bestuur. Dat is een redelijke opluchting, want iedere week geïnspireerd iets vinden over een dolgedraaide draaimolen, dat viel niet altijd mee. Hoe dan ook: ik wens iedereen een mooi 2010. En veel succes met het bedenken van een slimmere oplossing dan het opjutten van je paard in de draaimolen.

 

Vacatures

Afbeelding

De provincie Noord-Holland vindt diversiteit belangrijk en waardeert de unieke bijdrage van haar medewerkers. De provincie wil dat het personeelsbestand in onder meer leeftijd, geslacht en culturele achtergrond een afspiegeling is van de beroepsbevolking van Noord-Holland.

Afbeelding

Nog stage lopen?   De provincie biedt ook concrete stageopdrachten aan. Meer informatie vind bij ‘Stage lopen bij de provincie’.  

 

Nieuwsgierig?   Ga dan naar www.noord-holland.nl voor meer informatie over het Junior Talent Programma. Kijk hier ook voor al onze andere vacatures.