Netwerken
Ondanks alle fysieke en virtuele contacten had ik toch niet het gevoel dat ik écht aan het netwerken was. Het bleef een mysterieus begrip. Dat het belangrijk is begreep ik, maar veel verder dan dat kwam het niet.
Tot gisteren. Bij een bijeenkomst van onze jonge ambtenarenclub kwam een professioneel netwerker. “Mooi”, dacht ik, “hij kan het mysterie vast uitleggen.” En dat deed hij. Netwerken, vertelde hij, doe je door mensen bij elkaar te brengen en ze een suggestie mee te geven wat jij denkt dat ze voor elkaar kunnen betekenen. Dat betekent: zorgen dat je een heleboel contacten verzameld (praatjes maken is dus wel nuttig) en als je dan weet waar iemand mee bezig is, hem of haar een goed idee geven of in contact brengen met iemand anders uit je netwerk.
’s Middags sprak ik een collega die bezig is met minderhedenbeleid. Toevallig wist ik dat een andere collega op bezoek ging in Enschede, waar ze dat goed voor elkaar schijnen te hebben. “Joh”, zei ik, dan moet je even bellen, dan kun je misschien mee!” Helemaal niet mysterieus dus, dat netwerken. Eigenlijk best makkelijk.