of 59250 LinkedIn

‘Laat ons los’

Reageer

Den Haag decentraliseert een boel taken richting gemeenten, maar probeert vervolgens via ‘nadere afspraken’ invloed te hebben op wat gemeenten precies met het meegekomen geld doen. Dat werkt niet.

Kabinet behandelt gemeenten als kinderen

Deze maand maakten kabinet en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten afspraken over hoe de 85 miljoen euro besteed moet worden die uitgetrokken is om sociaal isolement uit geldgebrek bij kinderen te bestrijden. De ondersteuning mag niet in geld gegeven worden, maar alleen ‘in natura’ en is bestemd voor deelname aan sport of cultuur, of voor sociale activiteiten op school of in de vrije tijd.

Het is echt heel mooi dat het kabinet geld beschikbaar stelt om de armoede aan te pakken. Maar op de afspraken is wel wat af te dingen. De eis dat het alleen mag gaan om voorzieningen in natura getuigt van groot wantrouwen jegens de ouders. De boodschap hiervan is dat het geld anders niet goed wordt gebruikt. Mijn ervaring is juist dat veel arme ouders zichzelf wegcijferen om de kinderen zo weinig mogelijk te laten merken van het geldgebrek. Zij verdienen dat wantrouwen niet. Met de strikte afspraken krijgen daarnaast ook de gemeenten een veeg uit de pan: ‘Zonder regels maken jullie er een potje van.’ Bij alle decentralisaties worden de gemeenten geprezen als de uitvoerder die het dichtst bij de praktijk staat en het beste weet wat helpt. Maar als het erop aankomt wil ‘Den Haag’ toch de volledige regie behouden.

Het grootste bezwaar tegen de afspraken is echter dat ze niet aansluiten op de praktijk. Net als heel veel gemeenten werken wij al met het Jeugdsportfonds, het Jeugdcultuurfonds en Stichting Leergeld, de organisaties die staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelgenheid aanbeveelt. Ook hebben we een gemeentelijk Activiteitenfonds waaruit de kosten van een schoolreisje betaald worden en zelfs uitstapjes naar een pretpark of dierentuin. Als ouders met een minimuminkomen aankloppen om activiteiten voor hun kinderen vergoed te krijgen, dan passen we daar een mouw aan. Ook zonder het extra geld van het ministerie. Het probleem is echter dat veel ouders er geen beroep op doen.

Voor hen liggen muziekschool en zelfs sportclub ver buiten het blikveld. Ze zijn bezig te overleven en missen eenvoudigweg de energie voor andere zaken, zoals zorgen dat je kind trouw naar de trainingen en wedstrijden gaat. Ook die ouders verdienen het om geholpen te worden. En reken maar dat ze een extraatje eerder gebruiken om een voetbal voor hun kind te kopen dan voor een jas voor henzelf. Echte hulp sluit aan bij de leefwereld van de ontvanger. De goedbedoelde inzet van de staatssecretaris gaat te veel uit van wat de gever belangrijk vindt en werkt daardoor niet.

Hoe het dan wel moet? Klijnsma zou niet alleen naar het model van het sport- en cultuurfonds moeten kijken, maar ook naar de werkwijze van de Linda Foundation, die waardebonnen geeft aan gezinnen die aangedragen worden door maatschappelijk werkers en andere hulpverleners. En over de 85 miljoen euro: geef het geld zonder voorwaarden aan de gemeenten en hef ook de beperkingen op die nu gesteld worden aan het gemeentelijk minimabeleid. Maar eis wel dat de gemeenten precies vertellen wat ze met het geld doen en nagel de gemeenten aan de schandpaal die het geld niet voor armoedebestrijding gebruiken.

Peter Verschuren, wethouder werk & inkomen gemeente Hoogezand-Sappemeer voor de SP

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.