of 59167 LinkedIn

‘Boze burgers, toen en nu'

Bert Luijendijk 1 reactie

Aan de Tweede Kamer verkiezingen van 15 maart jl. hebben naast de bestaande traditionele partijen diverse nieuwe partijen deelgenomen. Deze partijen worden regelmatig aangeduid als ‘boze-burger’-partijen en zouden een ‘mobilisatie van boosheid’ zijn en leiden tot nog meer ongenoegen.

Maar is het verschijnen van nieuwe partijen wel zo nieuw? Zijn de meeste zogenoemde traditionele partijen die al vele decennia bestaan juist niet ontstaan vanwege onbehagen? Neem het ontstaan van de ARP, opgegaan in het huidige CDA. De politieke strategie van ARP-oprichter Abraham Kuyper was de antithese, het bewerkstelligen van een politieke scheidslijn tussen confessionele partijen enerzijds en de seculiere partijen anderzijds. Het strijdpunt, de schoolstrijd, was de gelijkstelling van het openbaar en het bijzonder onderwijs. Boze burgers in actie….


Een aantal bevindelijk-gereformeerden uit de ARP splitsten zich in 1918 af om vervolgens de huidige SGP op te richten. Zij waren het niet eens met de in hun ogen minder principiële koers van de ARP. ‘Boze mensen’ die een nieuwe partij stichtten en die in 2018 honderd jaar bestaat. Geert Wilders heeft zich in 2004 afgesplitst van de VVD met o.a. als onenigheid de mogelijke toetreding van Turkije tot de Europese Unie. De PVV zelf noemde, bij de eerste Tweede Kamerverkiezingen waar zij aan meedeed, "nieuw realisme" als haar ideologie en ziet dit als 'een nieuw en sterker liberalisme met meer aandacht voor cultuur, traditie en moraal’.


Een principiële opstelling, maar mag je dan spreken van een meer dan een miljoen ‘boze burgers’ trekkende partij die deze partij nu met 20 zetels in de Kamer hebben vertegenwoordigd? En waren de oprichters van D66, die ongerust waren over de ernstige devaluatie van onze democratie’ eigenlijke ook geen boze burgers? De grondleggers waren ontevreden (is dat een eufemisme voor boos?) over het functioneren van het politieke systeem van dat moment en pleitten voor politieke vernieuwing en het democratiseren van het Nederlandse politieke stelsel. Deze partij bestaat nu ook al weer meer dan vijftig jaar. De VVD is zelfs een ‘boze’ afsplitsing van de PvdA. In 1947 stapte Pieter Oud samen met een aantal leden uit de PvdA en werd politiek leider van de VVD. Hij en velen met hem vonden dat de PvdA teveel een sociaaldemocratische koers op wilde.

 

Nieuwe partijen ontstaan uit onbehagen. Dat was in de vorige eeuw zo en dat is in deze eeuw niet anders. Kiezers die zich niet langer vertegenwoordigd weten in de koers van hun traditiegetrouw gekozen partij. Ja, de kiezers waren zeker ontstemd over de koers van de PvdA in de afgelopen kabinetsperiode en hebben dat laten zien door deze partij op 15 maart jl. massaal de rug toe te keren met een waardering van slechts 9 zetels, een verlies van 30 zetels. Gelukkig, dat onze democratie zodanig georganiseerd is dat veel van deze kiezers weer bij nieuwe partijen terecht kunnen. Stel je voor dat dat niet het geval was, dan zou je pas ‘boze burgers’ tegenkomen.

 

Voor de komende gemeenteraadsverkiezingen van 21 maart 2018 bereiden politieke partijen zich inmiddels voor. En ja, ook voor de gemeenteraadsperiode 2018-2022 zullen weer vele nieuwe partijen hun intrede doen die de inwoners, ongeacht hun gemoedstoestand, zullen vertegenwoordigen.

 

Bert Luijendijk

Auteur is voormalig gemeenteraadslid in Rotterdam en Krimpen aan den IJssel voor het CDA, thans gemeenteraadslid in Krimpen aan den IJssel voor (de door hem opgerichte) partij Stem van Krimpen

 

 

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door J.Heuvel (raadsadviseur) op
Goed en terecht artikel. Onvrede is van alle tijden en zal dat ook blijven. We Mogen blij zijn dat die onvrede zich kan en mag uiten in de oprichting van nieuwe partijen, want daarmee heb je onderling een kans om elkaar aan te spreken en in gesprek te blijven. Dat is veruit te prefereren boven een samenleving waarin de geluiden van onvrede worden gedempt of waarin dat leidt tot desinteresse en afkeer. Toegegeven, op lokaal niveau kan die huidige versnipperingstendens leiden tot gemeenteraden die bestaan uit veel kleine partijen. Dat brengt het risico van onwerkbaarheid met zich mee. Maar tegelijkertijd vergroot het de opties voor dialoog en draagvlak. Een alles overheersende coaltie waarin geluiden van oppositie geen plaats krijgen voldoet immers evenmin aan 'beslissing van de meerderheid, rekenschap houdende met de minderheid'.... Voorlopig zie ik de her-organisatie van boze burgers als gunstig omdat het een (soms impliciete, soms wat onbehouwen maar altijd oprechte) steunbetuiging aan de kern van democratie is. Nu maar hopen dat dit ook leidt tot structureel meer opkomst bij verkiezingen. Als dit twee tegengestelde tendenzen blijven (meer partijen versus steeds minder opkomst) heeft de democratie pas echt een probleem....