Gedogen
Dan sla je toch ook niet meteen met de vuist op tafel. Maar sinds er een nieuwe wind waait door de Nederlandse politiek is gedogen taboe. Mat Herben bijvoorbeeld pleitte meer dan eens voor zero tolerance. Het schijnt dat in New York de misdaad door zero tolerance meedogenloos is uitgeroeid. En fout parkeren doet ook geen New Yorker meer, sinds overal een bord is geplaatst met de tekst: 'Don't even think of parking here!' Doe je het toch, dan word je onmiddellijk weggesleept.
In Nederland heeft vooral de LPF gepleit voor zero tolerance. Of dat de juiste partij voor dit harde standpunt was, weet ik niet. Uit zeer goede bron heb ik vernomen dat Pim wel eens een lijntje snoof, om zich vervolgens goed gehumeurd te laten bevredigen in een darkroom. Hij schijnt daar zelfs wel eens mee gechanteerd te zijn, al vindt Mat Herben het wel in orde dat die passages uit het rapport-Van der Haak zijn geschrapt. Ik denk dat Pim in zijn te korte leven heel wat minder plezier zou hebben gehad als hem op elke hoek van de straat per zero tolerance de maat was genomen.
Wat is er de laatste decennia zo allemaal gedoogd? Ik herinner mij dat Van Agt als minister van Justitie de pornografie gedoogde, tenminste als het copuleren, het pijpen en het beffen zich afspeelde in een filmzaaltje van 49 stoelen of minder. Liever had Van Agt de pornografie helemaal verboden. Abortus is ook een tijdje gedoogd, tot het ten slotte werd gelegaliseerd. En tegenwoordig wordt softdrugs gedoogd. In Nederland is zo'n beetje iedereen voor legaliseren, maar ja, door het buitenland moeten wij net doen alsof het bij ons ook verboden is. Er zijn politici die dat hypocriet noemen, maar ik denk dat geen mens kan leven zonder een gezonde dosis hypocrisie. Jan Peter Balkenende had dat trouwens goed begrepen, toen hij weigerde zich door Netwerk mee te laten nemen naar een coffeeshop. Zijn campagneleider zei nee, terwijl tijdens Balkenende's regering nooit één coffeeshop gesloten is.
Hoe langer ik er over nadenk, hoe waardevoller ik een zekere mate van hypocrisie begin te vinden. Zegt u midden in het gezicht van uw vrouw dat u de nieuwe jurk die zij gekocht heeft niet mooi vindt? Of neem een heel ander punt: hoeveel agenten dacht u nodig te hebben om de prostitutie te verbieden?
Ook in mijn hypocriete inborst huizen twee tegengestelde personen. Zo woont, leeft en rijdt in mij de automobilist én de fietser. De automobilist in mij stopt altijd voor een rood stoplicht. De fietser in mij rijdt als het even kan altijd door rood. De automobilist in mij vervloekt de fietser, maar de fietser haalt daar zijn schouders over op en doet het de volgende keer weer. De fietser is daar heel gelukkig mee, maar hij is wel kwaad als de automobilist te hard de bocht omgaat.