of 59236 LinkedIn

Veiligheidsberaad: hand in eigen boezem steken

Henk Jan Meijer van het Veiligheidsberaad ziet met VNG en NGB veel verbeterpunten voor de Wet Veiligheidsregio's.

Volgens Henk Jan Meijer, vice-voorzitter in het Dagelijks Bestuur van het Veiligheidsberaad komt de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s erg vroeg, maar is er toch alle aanleiding voor.

Eigen boezem
Samen met de VNG en het Genootschap van Burgemeesters (NGB) stuurde het Veiligheidsberaad een brief naar minister Opstelten met een reactie op de concept onderzoeksopdracht voor de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s (Wvr). De wet is pas anderhalf jaar van kracht, maar de organisaties hebben zoveel verbeterpunten dat een evaluatie toch op zijn plaats is. Meijer: ‘Je kunt ook zeggen dat we met de invoering niet zorgvuldig genoeg zijn geweest. We hadden de verouderde normstellingen toen al kunnen differentiëren en herijken. Dat is geen beschuldiging naar de minister. We moeten de hand ook in eigen boezem steken.’

Lokale binding houden
Volgens de briefschrijvers kan opschaling geen doel op zich zijn, omdat schaalvergroting niet per se tot een verbetering in de veiligheidszorg leidt. Als het al moet gebeuren, zou het een initiatief vanuit een veiligheidsregio zelf moeten zijn. Proportionaliteit is dan het uitgangspunt. ‘Het is te gemakkelijk om nu al te roepen dat we naar tien regio’s moeten. 25 regio’s is misschien veel, maar tien is onvoldoende doordacht. Je kunt best iets samenvoegen, maar zorg ervoor dat je lokale binding houdt met gemeenschap en bestuur.’

Ver-van-mijn-bed-show
De organisaties vragen zich verder af of gemeenteraden wel voldoende instrumenten hebben om hun controlerende rol waar te maken. ‘We hebben het over deels verlengd lokaal bestuur. De gemeenteraden geven geld aan de brandweer en maken een risicoprofiel. De veiligheidsregio is voor hen een ver-van-mijn-bed-show en de financiering is hybride: deels landelijk, deels gemeentelijk. Het is lastig om hen erbij te blijven houden.’Daarnaast leven zorgen over landelijke eisen die deels verouderd zijn, zoals aanrijdtijden van de brandweer. Ook is niet altijd duidelijk wie welke verantwoordelijkheid heeft bij een grote ramp of crisis en raken diverse andere wetten aan crisisbeheersing.

Moeizaam proces
De schrijvers merken op dat de gemeente als operationele partner (bevolkingszorg) in de veiligheidsregio geheel ontbreekt in de onderzoeksopdracht. ‘Waar het voor hulpverleners 24 uur is, komt het voor de gemeente bovenop het reguliere werk, dus daar is wel een inhaalslag nodig. In Veiligheidsregio IJsselland werken we met een vrijgesteld coördinerend gemeentesecretaris die zich bezighoudt met crisisbeheersing.’ Een laatste aandachtspunt is financiële tegemoetkoming voor gemeenten na een ramp. ‘In Moerdijk ging het om tientallen miljoenen. Het is een moeizaam proces. We moeten duidelijk maken wat hiervoor de criteria zijn.’

Werk ligt niet stil
Bij elkaar behoorlijk wat aanmerkingen, maar het gaat wel over de huidige situatie. Is dat niet zorgelijk? ‘Vaak gaan dingen wel goed. Belangrijk is dat er één aanspreekpunt is. De voorzitter van de bronregio is de baas.’ Rampen- en crisisbestrijding is met de komst van de veiligheidsregio’s wel effectiever en efficiënter geworden, vindt Meijer. ‘Ik ben 12 jaar burgemeester en merk dat we een kwaliteitssprong hebben gemaakt. We hebben meer en betere contacten, processen zijn geprofessionaliseerd en we hebben een meer integrale aanpak. Maar het kan natuurlijk beter. We gaan ook niet wachten tot de evaluatie er is. We kijken tussendoor of we de juiste stappen nemen. Het werk ligt niet stil.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Ronald Kraan (Lid dagelijks bestuur Vakvereniging Brandweer Vrijwilligers) op
Geachte heer Meijer,

Branden ontwikkelen zich steeds sneller, aldus de Brandwondenstichting die daar vorig jaar veel aandacht aan besteedde; http://www.brandwondenstichting.nl/page/1195

Hoewel er recent in ons land geen wetenschappelijk onderzoek naar brandverloop in woningen is verricht, zijn wij het helemaal eens met uw stelling dat de opkomsttijden van de brandweer zijn verouderd. Een snellere brandontwikkeling, en daarmee een grotere kans op slachtoffers en grote schades, pleit voor sneller ingrijpen van de brandweer vanuit een fijnmaziger netwerk van brandweerkazernes: dus meer kazernes en kortere opkomsttijden.

Het is een wettelijke taak van de brandweer om branden (en de kans daarop) zo klein als mogelijk te houden en het aantal slachtoffers (doden en gewonden) daarbij zoveel als mogelijk te beperken. De kernspreuk ‘elke seconde telt’ is in dat verband dus actueler dan ooit.

Bij een goede brandweerzorg hoort uiteraard ook een goede voorlichting. De campagne ‘Brandveilig Leven’ http://www.brandweerkennisnet.nl/thema's_bkn/bra … is speciaal gericht op het realiseren van een stukje bewustwording over de gevaren en wat de burgers zelf kunnen doen om deze gevaren te beperken.

Deze ‘bewustwording’ zal dan wel beduidend anders van aard moeten zijn dan die, die volgde op de rampen in Volendam en Enschede. Uit de brandweerstatistieken van het CBS blijkt dat -ondanks alle inspanningen- er van een afname van het aantal branden, slachtoffers en schade geen enkele sprake is, integendeel. Het succes van ‘Brandveilig Leven’ kunnen we dus pas ‘vieren’ als we het ook kunnen aantonen.

Uw zorg om de lokale binding delen wij eveneens. Echter, is die binding al verdwenen zodra de brandweer buiten de gemeente wordt geplaatst, ongeacht of dat binnen 25, 15, 10 of 5 regio’s gebeurt. Onze ervaring is dat onderlinge verdeeldheid en individuele belangen van gemeenten er voor zorgen dat het beeld, terecht of onterecht, ontstaat dat de 25 koninkrijkjes miljoenen verslinden en de bezuinigingen worden gezocht in de dagelijkse brandweerzorg aan de burger.

Dat de veiligheidsregio voor de gemeenteraden een ver-van-mijn-bed-show is, is ook niet nieuw. Ze geven geld aan de brandweer en dat al decennia lang, het verschil zit alleen in het feit dat ze nu geen budgetrecht maar een budgetplicht hebben en meebetalen aan korpsen aan de andere kant van de regio en waarmee ze geen enkele binding hebben. Een nationale brandweer en de verantwoordelijkheid terugorganiseren op lokaal of clusterniveau is naar ons een idee een manier om de brandweerzorg nu, én in de toekomst effectief en betaalbaar te organiseren.

Ronald Kraan, lid dagelijks bestuur VBV