of 59167 LinkedIn

Tijd voor verruiming lokaal belastinggebied nog niet rijp

De tijd voor verruiming van het lokaal belastinggebied is nog niet rijp. Het Gemeentefonds moet met rust worden gelaten. Dat stellen vice-president Piet Hein Donner en staatsraad Jan Franssen van de Raad van State in een interview met Binnenlands Bestuur.

De rechtsbescherming in het sociale domein moet versterkt en ‘Den Haag’ en gemeenten moeten zich samen verantwoordelijk gaan voelen voor de decentralisaties. De tijd voor verruiming van het lokaal belastinggebied is nog niet rijp. Het Gemeentefonds moet met rust worden gelaten.

Dat stellen vice-president Piet Hein Donner en staatsraad Jan Franssen van de Raad van State in een interview met Binnenlands Bestuur. Aanleiding voor het interview is de vierde periodieke beschouwing over interbestuurlijke verhoudingen, waarin de Raad van State de verhoudingen tussen rijk en decentrale overheden ‘beschouwt’. De beschouwing is geen keihard advies, maar de aanbevelingen liegen er niet om.

 

Rechtsbescherming

Zo stelt de Raad dat versterking van de rechtsbescherming in het sociaal domein noodzakelijk is. Met de invoering van de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet is overgestapt van gelijkheid zonder aanzien des persoons naar gelijkheid die rekening houdt met behoeften, mogelijkheden en omstandigheden van de burger. ‘Dat heeft tot gevolg dat je anders dan tot dusver in het recht niet meer kunt zeggen “dit is de regel en dat moet er gebeuren”. Het zal van de concrete situatie gaan afhangen welke voorziening iemand krijgt. ‘Hoe bied je daar nu rechtsbescherming bij’, schetst Donner het vraagstuk. Hoe kan de rechter bijvoorbeeld beoordelen wat er wel en wat er niet goed is gegaan en hoe kan de rechter bepalen of maatwerk ook echt maatwerk is. Dan is er ook nog het gevaar van willekeur. ‘Dat wil je met rechtsbescherming voorkomen: in hoeverre kan men verantwoorden waarom iemand wel een voorziening krijgt en een ander niet’, aldus Donner.

 

Oekaze

Pasklare antwoorden geeft de Raad niet. ‘Wij zeggen dat het rijk niet moet denken dat het vervolgens alleen aan de gemeenten is. Wil de decentralisatie echt goed landen, dan zal er op een aantal terreinen nog flink wat huiswerk gedaan moeten worden.’ Zo moeten rijk en Tweede Kamer terughoudend zijn met zowel ‘ingrijpen’ als met het initiëren van nieuwe regelgeving. ‘Als Den Haag stelselmatig nieuwe instructies of oekazes uitvaardigt, is het niet bevorderlijk voor gemeenten om tot een gezamenlijk gedragen verantwoordelijkheid te komen’, waarschuwt Franssen.

 

Financiële verhoudingen

Gezonde financiële verhoudingen vormen eveneens een wezenlijke randvoorwaarde voor constructieve interbestuurlijke verhoudingen, stelt de Raad. Donner: ‘Rust rondom het Gemeentefonds is essentieel. Het rijk heeft gemeenten een taak gegeven en die taak kan niet elk jaar veranderen. Gemeenten moeten langjarig zekerheid hebben over de inkomsten.’ De tijd is nog niet rijp voor verruiming van het lokaal belastinggebied, meent de Raad van State. ‘Er zijn inhoudelijk goede argumenten om tot verruiming van het belastinggebied te komen, maar je moet je niet doof of blind wanen voor vooral de psychologische effecten die dat kan hebben op de verbetering van de interbestuurlijke verhoudingen’, stelt Franssen. ‘Want Den Haag zal makkelijker zeggen: “Het is jullie eigen besluit, jullie eigen geld, je zoekt het maar uit”, terwijl dat in deze fase van de ontwikkeling van de decentralisaties een verkeerd signaal is.’ Eerst moet het onderling vertrouwen groter worden. ‘Op het gebied van toezicht, rechtsbescherming en interbestuurlijke verhoudingen moet nog zoveel worden uitgedokterd.’ Pas als de praktijk gezet is, kan tot verruiming van het lokaal belastinggebied worden overgegaan.

 

Regeerakkoord

Het nieuwe kabinet heeft een rol in de verbetering van de interbestuurlijke verhoudingen. Om een goede start te maken, moet voordat er een regeerakkoord ligt, op zijn minst met vertegenwoordigers van de decentrale overheden worden overlegd over een gedeelde probleemanalyse, mogelijke oplossingen en de onderscheiden verantwoordelijkheden daarbij. Een regeerakkoord zou vervolgens ruimte moeten bieden voor nader overleg met de medeoverheden. ‘De Kamer, die de (in)formatie naar zich heeft toegetrokken, moet hiervoor oog hebben’, meent Franssen. Tegelijkertijd moeten gemeenten oog hebben voor de wensen en noden van ‘Den Haag’. ‘Zij kunnen niet louter met een wensenlijstje komen. Vanuit de stelselverantwoordelijkheid zijn ze medeverantwoordelijk voor het geheel. Als er van Den Haag meer realiteitszin wordt verwacht richting de medeoverheden, dan moeten de medeoverheden bij hun exercities ook wat meer Haags begrip ontwikkelen dan soms nu blijkt.’

 

Lees het hele interview met Donner en Franssen in Binnenlands Bestuur nr. 4 van deze week.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Spijker (gepens.) op
Het Kabinet Rutte (VVD/PvdA) is al wereldkampioen lasten- en belastingheffing, dus weg met nog meer belastingen. Het dossier belastingverruiming kan daarom het beste zo snel mogelijk de prullenbak in. Gemeenten hebben nooit genoeg. Modernisering en meer uniformering van de bureaucratische WOZ/OZB-wetgeving is wel hoogst noodzakelijk.
Door Trevor op
@Leo: als het netwerkbedrijven mogelijk is om een precarioheffing door te belasten aan alleen de inwoners van de heffende gemeente dan zou ik het prima vinden. Maar dat voorstel voor een belasting naar rato van getransporteerde energie zie ik niet zitten. We hebben namelijk al energiebelasting. Daar hoeft geen aparte "energiebelasting" van gemeentes bovenop
Door leo schagen (raadslid en interim manager Watersector) op
Het uitstellen van de verruiming van de gemeentelijke financiën kan niet los worden gezien van het wel voortvarend afbouwen van het recht om geld binnen te halen via heffing op kabels en leidingen. Hier had reparatiewerk op de wet moeten plaatsvinden zodat iedere gemeente zijn eigen inkomen daaruit krijgt en niet andere daarmee belast. Door dit recht te beperken kan het ook niet ingezet worden voor de broodnodige energie/CO2/consumptie-transitie. Precariobelasting op kabels en leidingen naar gelang de gebruikte hoeveelheden is namelijk een perfecte afspiegeling van onze water, riool, gas, data, warmte en elektriciteitsconsumptie. Door dit wel toe te kunnen passen worden de nutsbedrijven die steeds mee onnutsbedrijven worden geholpen over hun eigen opheffing na te denken of andere producten te gaan leveren zodat ze weer nuttig worden in tijden van verandering. Maar op deze visie heb ik nog geen partij kunnen betrappen. Gemeenten pesten en waantrouwen ligt dichter bij hun aard.
Leo Schagen Raadslid in Beemster
Door hoekstra (ambtelijk adviseur) op
“Het is jullie eigen besluit, jullie eigen geld, je zoekt het maar uit”; ze vreest de Raad van State. Welnu, gemeenten hebben nu maar al te vaak te maken met een Rijksoverheid die zegt: "Het is ons besluit, je krijgt geen geld, je zoekt het maar uit". Die variant is erger dan wat de Raad van State vreest.
Door H. Wiersma (gepens.) op
Verruiming is helemaal niet nodig, wel modernisering van de zeer bureaucratisch opgezette en slecht functionerende gemeentelijke belasting (WOZ/OZB). Bovendien geldt deze belasting slechts voor eigenaren en niet voor huurders van woningen. Een maximale belastingbijdrage gebaseerd op een bedrag per ingezetene is veel redelijker en veel gemakkelijker te innen. Nu worden woningeigenaren en autobezitters, naast de al bestaande loonheffing en/of inkomstenbelasting, als extra melkkoeien gebruikt. Voor bedrijven zouden andere maatstaven kunnen gelden bijv. afhankelijk van de omzet van een bedrijf.
Door K. de Beer (adviseur) op
"Hoe bied je daar nu rechtsbescherming bij" vraagt Donner zich af. Met die vraag worstelen de gemeentejuristen zich al meer dan drie jaar. Het keukentafelgesprek is leidend maar ongelijkheid is daarvan de consequentie en soms ook pure willekeur. De zorgbehoevende is volledig afhankelijk van een behandelaar. Het lijkt het systeem van voor de verzorgingsstaat wel toen de kerk dit voor zijn rekening nam. Mijns inziens biedt het moderne bestuursrecht toch wel de middelen om rechtszekerheid te bieden. De grove lijn staat in de wet, wat meer detail kan worden opgenomen in besluiten/regelingen. Lokaal beleid wordt vastgelegd in beleidsregels en dan is er nog de individuele afweging per beschikking. Een klassiek geschoold gemeente-ambtenaar draait daar zijn hand niet voor om. In het zorglandschap is het echter moeilijker, het zijn geen schrijvers maar praters. Kortom, we zoeken een nieuw type zorgverlener: menselijk en betrokken maar ook met enig financieel en juridisch inzicht. Die moeten toch op te leiden zijn? Dat gebeurt nu met de BOA's ook op de ROC's.