of 59045 LinkedIn

Raad Maastricht staat op achterstand

De raad van Maastricht heeft geen grip op de vele samenwerkingsverbanden die de stad heeft. Er is geen zicht op welke verbanden er allemaal zijn, welke prestaties ze moeten leven en wat ze kosten. Sturen en controleren is daarmee onmogelijk. Dit concludeert de Rekenkamer Maastricht. De raad kan er zelf wat aan doen.

De Maastrichtse raad heeft geen grip op de vele samenwerkingsverbanden die de stad heeft. Er is geen zicht op welke verbanden er allemaal zijn, welke prestaties ze moeten leveren en wat ze kosten. Sturen en controleren is daarmee onmogelijk. Dit concludeert de Rekenkamer Maastricht. De raad kan er zelf wat aan doen.

Droevig

De bevindingen en conclusies van het dinsdagavond gepresenteerde rapport Zicht op samenwerking. De rol van de raad bij bestuurlijke samenwerking in Maastricht zal menig raadslid droevig stemmen. Niet alleen die in Maastricht, maar ook elders in het land. Het beeld dat wordt geschetst, is weliswaar grotendeels toegespitst op Maastricht, maar zal herkenbaar zijn in vele gemeenteraden.


Geen inzicht

Zo heeft de gemeente geen register van alle gemeenschappelijke regelingen waarin Maastricht deelneemt. Dit is op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) verplicht. Op verzoek van de rekenkamer heeft de gemeente een overzicht aangeleverd, met meer dan tachtig samenwerkingsverbanden, maar die bleek incompleet. Op de lijst ontbreekt onder meer de gezamenlijke inkoop van de jeugdzorg, die in een centrumregeling onder de Wet gemeenschappelijke regelingen is vormgegeven. Ook de regionale afspraken die rondom de uitvoering van de Participatiewet zijn gemaakt, staan niet in het overzicht.


Risico’s

De Programmabegroting 2015 geeft geen zicht op hoeveel geld er jaarlijks in de vele gemeenschappelijke regelingen omgaat en evenmin wat Maastricht er jaarlijks aan bijdraagt. Individuele gemeenten zijn aansprakelijk voor de financiële risico’s en eventuele tekorten bij gemeenschappelijke regelingen, waarschuwt de rekenkamer in zijn rapport. ‘Inzicht en beheersing van die risico’s zijn van groot belang voor de gemeente.’ De begroting bevat evenmin ‘aanknopingspunten voor de raad om te bepalen of de verbonden partijen effectief en efficiënt werken’, concludeert de rekenkamer.


Geen sturingsinformatie

De raad heeft geen afspraken gemaakt over hoe hij wordt geïnformeerd over het reilen en zeilen gemeenschappelijke regelingen. ‘Noodzakelijke informatie om eventueel bij te kunnen sturen, het beleid en de financiën te heroverwegen, de deelname aan de verbonden partijen te heroverwegen of eventueel te beëindigen ontbreekt daardoor’, aldus de rekenkamer in zijn rapport. ‘Voor de raad is het daarom niet goed mogelijk om te beoordelen of de verbonden partijen goed functioneren, laat staan om te beoordelen of het misschien handiger, effectiever en efficiënter is om de betreffende taken op een andere wijze te organiseren dan met een verbonden partij.’


Aanbevelingen

De rekenkamer doet zes aanbevelingen aan de raad om meer grip op regionale samenwerking te krijgen. Zo zou de raad het college kunnen opdragen de informatievoorziening over bestuurlijke samenwerkingsverbanden te verbeteren. Daarbij kan worden gedacht aan informatie over voorgenomen en gerealiseerde doelstellingen en financiële en beleidsmatige risico’s. ‘Zoek de samenwerking op met de raden van de gemeenten waarmee bestuurlijk wordt samengewerkt. Dat kan zowel in structurele vorm als tijdelijk, wanneer er rondom een samenwerkingsverband iets aan de hand is’, is een andere aanbeveling. Het is in de ogen van de rekenkamer raadzaam een (tijdelijke) raadscommissie in te stellen die wordt belast met de verbetering van de kaderstelling en controle van bestuurlijke samenwerkingsverbanden door de raad.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Lezero op
Het rapport en de reacties zijn een roep om doelmatigheid in de controlecyclus op te nemen en gelijk te stellen aan rechtmatigheid. Zolang dat er niet is zijn goede doelen onzinnig, onverantwoord,naïef!
Door Een ander geluid op
Prima rapport. Zeker voor een rekenkamer (meestal is het niveau veel lager).

tip. kijk niet alleen naar beheersing, maar vooral naar het belang (doel) wat de gemeente heeft en het risico wat men loopt. Als raad moet je niet alles willen volgen. Je stopt je energie in zaken die van groot belang zijn en/of die veel risico opleveren. Hopelijk zijn deze aan elkaar gerelateerd, want waarom grote risico's lopen als het niets oplevert?
Door Toine Goossens (Toezichthouder gedrag en moraal) op
Oeps, indrukwekkend wat de Maastrichtse Rekenkamer hier neerzet. Ik stuur het rapport aan de raadsleden in mijn stad, Utrecht.

Niet alleen geeft het rapport een bijzonder inzicht in de governance rondom Gemeenschappelijke Regelingen, maar tevens stelt zij impliciet een belangrijk bestuurlijk dilemma aan de orde.

Effectieve aansturing van maatschappelijke processen stelt zeer hoge eisen aan de kwaliteit en de integriteit van beleid en van wet- en regelgeving.

Hoe beter bestuurders en hun ambtelijke apparaten er in slagen om de kwaliteit op een nauwelijks betwistbaar niveau te brengen, hoe kleiner de invloed van raadsleden en van 2e kamer leden wordt.

Dat betekent dat de inhoudelijke invloed van volksvertegenwoordigers afneemt, het is niet anders. Alleen besluiten die een politieke discussie behoeven zullen tot het werkterrein van volksvertegenwoordigers blijven behoren.

Tegelijkertijd blijft de eindverantwoordelijkheid wel bij hen liggen. Dat betekent dat zij er op moeten kunnen vertrouwen dat de bestuurlijke besluitvorming vooraf en de bestuurlijke uitvoering achteraf alle toetsen van doelmatigheid en integriteit kunnen doorstaan.

Daarin wordt de nieuwe rol van volksvertegenwoordigingen duidelijk zichtbaar; het beoordelen of de governance in orde is én het beoordelen of de besluitvormings- en uitvoeringsprocessen deugen. De 2e kamer enquêtes zijn daar een voorbode van.

Het ontbreekt in die enquêtes echter nog aan een essentiële bevoegdheid; het kunnen uitspreken van een oordeel over het functioneren van afdelingen/diensten die voorbereiden, c.q. uitvoeren, inclusief het vaststellen van disfunctioneren van individuen.

Pas dan komt het accent voor overheidsdienaren op kwaliteit en niet op politieke gehoorzaamheid te liggen.
Door Mr. R. M. Dalmijn op
Goedemiddag geachte lezers,

Ik kan een ieder aanraden de 48 bladzijden van de RK Maastricht te lezen.
Inhoudelijk overzichtelijk en krachtig. Duidelijk in de aanbevelingen en voorzien van casuïstiek. Voor verdere verdieping een notenapparaat.

Ook of wellicht juist voor adviseurs is dit een productie die tot voorbeeld strekt. Niet alleen specifiek Maastricht wordt beschreven maar ook regionaal binnen algemeen geldende kaders komen in beeld.
Hulde aan de Rekenkamer voor zo een volwassen rapportage. Hulde!
Door Gerrit (beleidsadviseur) op
Helemaal eens met Hoekstra en Francois. En hoeveel gemeenteraden hebben in vergaande mate taken van de gemeente bij de gemeenschappelijke regelingen neergelegd waardoor ze - maar vaak ook het college - het opdrachtgeverschap met name beleidsmatig en vaak ook uitvoerend nagenoeg helemaal kwijt is, maar wel verantwoordelijk is voor de uitgaven?
Door Francois op
Goed punt van de heer Hoekstra. GR-en zijn meestal het product van de wil om dingen op afstand te zetten. Als men dan kwalijke effecten daarvan vermoed (hetgeen nog niet altijd betekent dat dat zo is) dan begint de politiek te piepen. Selectieve belangstelling heet dat bij ons thuis.
Door Hoekstra (adviseur) op
Ik heb het rapport niet gelezen. Hoeft ook niet want alsnom GR-en gaat is het altijd hetzelfde liedje. Neem nu de informatievoorziening. Veel raden/raadsleden weten niet wat er in regelingen staat en op welke informatie ze recht hebben. Hoezo geen financiele informatie. Begrotingen en jaarrekeningen van GR-en komen in de raden voor een zienswijze of vasstelling. Raden doen er weinig of niks mee in de meeste gevallen. Pas als er iets aan de hand is wordt men verontwaardigd wakker. En bovenal: geen enkele GR komt tot stand buiten medeweten van de raad om. Het is wel zo dat als je er eenmaal in zit het lastig is om er weer uit te stappen. Maar daarom heet het ook een gemeenschappelijke regeling en geen vrijblijvende regeling.