of 59054 LinkedIn

Pensioen wethouders risicovol geregeld

Er blijken maar een paar gemeenten die het pensioengeld opzij zetten, bij een verzekeraar of in een speciaal fonds. Het merendeel van de gemeenten heeft een pensioenvoorziening op de balans, maar daar staat niet altijd een pot met geld tegenover.

Wethouders wachten nog steeds op een centrale regeling voor hun pensioen. Ze zijn nu meestal aangewezen op de gemeentelijke begroting, maar daarin is te weinig geld gereserveerd.

Politieke ambtsdragers bouwen pensioen op in de Appa-regeling, de Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers. Deze regeling wordt in eigen beheer uitgevoerd door rijk, gemeenten, provincies en waterschappen. Zij regelen dat allemaal op hun eigen manier. ‘Meer dan 400 gemeenten, provincies en waterschappen zijn bezig met de uitvoering van de pensioenen van een relatief klein aantal politici’, zegt Michael Visser, docent belasting- en pensioenrecht aan de Universiteit van Tilburg. ‘Dat is inefficiënt. En omdat er lang niet altijd daadwerkelijk geld opzij gezet wordt, is het ook risicovol.’

Half miljard te weinig
Er blijken maar een paar gemeenten die het pensioengeld opzij zetten, bij een verzekeraar of in een speciaal fonds. Het merendeel van de gemeenten heeft een pensioenvoorziening op de balans, maar daar staat niet altijd een pot met geld tegenover. Als er geld nodig is, wordt dat uit de algemene middelen gehaald. Sommige gemeenten hebben helemaal geen voorzieningen en betalen de pensioenverplichtingen uit de jaarlijkse begroting. Uit een onderzoek van Deloitte blijkt dat politici bij gemeenten, provincies en waterschappen samen voor ongeveer 1 miljard euro aan aanspraken opgebouwd. Tegenover deze aanspraken staat zo’n 500 miljoen euro aan voorzieningen. Een half miljard te weinig dus.

Nog steeds geen kabinetsstandpunt
Al in februari 2001 constateerde de Tweede Kamer dat ‘bekostiging van deze pensioenen uit de lopende begroting op gespannen voet kan staan met de wenselijkheid van een onafhankelijk beheer van de hiermee gemoeide middelen’. De Tweede Kamer nam een motie aan, waarin werd gevraagd om een pensioenstelsel op basis van kapitaaldekking en fondsvorming voor alle politieke ambtsdragers op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau, plus een centrale pensioenadministratie. In oktober 2006 adviseerde de commissie-Dijkstal het Appa-pensioen binnen het ABP centraal te regelen voor alle bestuurslagen. Een kabinetsreactie bleef jaren uit. In het jaarverslag van 2010 van het ministerie van Binnenlandse Zaken staat dat de kabinetsreactie aangehouden is ‘vanwege de te lage dekkingsgraad bij het ABP’. Minister Plasterk beloofde na de zomer van 2013 met een kabinetsstandpunt te komen, maar dit is nog niet gebeurd.

Uitvoeringskosten worden lager
‘Het wordt tijd dat het kabinet voortgang gaat maken’, vindt Roel Cazemier, burgemeester van Dinkelland en voorzitter van het College van Arbeidszaken van VNG. ‘Dit speelt al vanaf 2001. Wij zijn voorstander van een pensioenfonds voor bestuurders, via het ABP. Het voordeel is dat je dan kunt meeprofiteren van rendementsontwikkelingen, als die er zijn. Bovendien worden de uitvoeringskosten lager. Het is erg vreemd dat de pensioenen van de bestuurders nog steeds via de begroting van de gemeente worden gefinancierd.’

Plasterk: meer tijd nodig
In oktober stond het wetsvoorstel Wet verkorting duur voortgezette uitkering Appa op de agenda van de Tweede Kamer. In dit voorstel werd de verlengde ontslaguitkering voor oudere politici, een ‘prepensioen’, aangepast en werd het pensioengevend salaris gemaximeerd. Op het laatste moment kwam minister Plasterk met een wijziging en haalde hij de versobering van het ‘prepensioen’ uit het voorstel. Plasterk schrijft: ‘Reden daarvoor is, dat mij gebleken is dat de discussie met de Tweede Kamer over dit onderdeel meer tijd vergt dan verwacht.’ Die tijd is er niet, want de maximering van het pensioengevend salaris moet voor 2015 zijn geregeld. Vanaf dat moment wordt pensioenopbouw voor het salarisdeel boven de 100.000 euro niet meer fiscaal gefaciliteerd. Zonder een wetswijziging zouden politici met een inkomen boven de 100.000 fiscaal bovenmatige pensioenen opbouwen.

Voor het deel dat geschrapt is uit het oorspronkelijke wetsvoorstel, de aanpassing van het ‘prepensioen’, is inmiddels een afzonderlijk wetsvoorstel gemaakt, dat eind oktober is
ingediend bij de Raad van State en naar verwachting medio november naar de Tweede Kamer gaat. Hoe het nieuwe voorstel exact luidt is niet duidelijk, maar de minister schrijft dat hij het voorstel wil verbinden ‘met een integrale visie op het politieke ambt en de rechtspositie’. Volgens VNG is hierover echter nog geen inhoudelijk overleg geweest met het ministerie.

Lees het hele artikel in Binnenlands Bestuur nr. 23 van deze week. (inlog)

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door H. Wiersma (gepens.) op
De geringe kosten van de pensioenvoorziening van wethouders kan beter via de gemeentelijke begroting lopen dan via een apart fonds. Het creëren van een apart fonds brengt namelijk alleen maar extra beheerskosten met zich mee. Voor politici, in feite 'slagers die hun eigen vlees keuren' , lijkt me opname in het ABP zeker niet gewenst.
Door Collega (consultant) op
Waar hebben we het eigenlijk over? ik neem aan dat die 1 miljard (500 miljoen nog niet gedekt) de totale verplichting over de jaren dat gepensioneerden leven is: deel het dus maar door 15, dan blijft nog netto 30 miljoen structurele jaarlast over. Dat is zo'n € 75.000 per gemeente per jaar. Zullen we het over belangrijke dingen gaan hebben en geen much ado about nothing creëren
Door Jan op
Als mijn pensioenfonds niet aan zijn verplichtingen kan voldoen, wordt mijn pensioen gekort. De werkgever doet er dan echt niets bij in het pensioenfonds. Waarom bij politici dan wel? Oh ja, die vormen toevallig de werkgever. Bovendien kan het betaald worden met belastinggeld.
Door Simon Kuin (Gepensioneerd deeltijd gecommiteerde) op
Bovengenoemd artikel las ik precies op de dag dat ik nog maar een keer geinformeerd heb waar mijn pensioen blijft over de periode dat ik vier dagdelen gecommiteerde was. Dit was aan de orde tussen 1979 en 1982. Destijds bleef ik zes dagdelen werkzaam bij een gemeente. Deze had als eis dat ik mijn pensioen voor een fulltime functie diende aan te vullen voor zowel het werknemers- als werkgeversdeel. Dat was op zich al een flinke aderlating. Ook voor het werk als gecommiteerde heb ik pensioen afgedragen en dit bedroeg ca. fl. 3000,-- per jaar gemiddeld.
Inmiddels ben ik gepensioneerd en vooruitlopend hierop heb ik ruim tevoren bij de instantie die voor mijn gecommitteerdepensioen verantwoordelijk is geinformeerd hoeveel het pensioen zou bedragen. Pas vandaag kreeg ik per mail bericht. Het was het enorme bedrag van Euro 59,-- bruto per jaar. Dit klopt natuurlijk niet, maar nu mijn probleem om er achter te komen wat het wel behoort te zijn. Ik heb inmmers voor mijn reguliere werk bij de gemeente al voor 100% AOW afgedragen in die periode via de belastingen. Ik heb dit bod natuurlijk niet geaccepteerd en gevraagd om een herberekening, maar waar kan ik mijn recht halen?
Graag via Binnenlands Bestuur eventueel contact.
Door Edmond van Ooijen (emeritus docent staats- en bestuursrecht) op
@ Co van Schaik

Wat toont u zich grenzeloos egoïstisch. Terwijl de politieke elite waarvan u heeft deel uitgemaakt al decennia lang de pensioenen van ambtenaren op allerlei manieren heeft uitgekleed wenst u zelf een niet-kapitaal gedekt pensioen van de gemeenten te ontvangen, waarbij de indexering die van de ambtenaren volgt. Dat de gemeente alsdan een armlastige artikel 12-gemeente wordt waarvoor de belastingbetaler opdraait zal u een zorg zijn. "Aprés nous de déluge!" waren de woorden van Louis XV en Thomas Hobbes schreef in zijn boek The Leviathan "homo homini lupus!" Beide uitlatingen zijn u kennelijk op het lijf geschreven. Ik koester voor uw zelfzuchtige standpunt een diepe verachting!
Door Logica op
Goh, het lijkt op de pensioenen van de ambtenaren, die ook zo "veilig"waren bij de overheid in de jaren 80.
Zeer consequent slechte werkgever dus, die "betrouwbare"overheid.
Door Co van Schaik (Gepensioneerd wethouder) op
Geen veiliger pensioenverstrekken dan de gemeente of andere overheid. Kan niet failliet en zal altijd geld hebben de pensioenen te betalen. Heeft immers de beschikking over de portemonnee van de burger. Jammer dat de indexering van dit pensioen gekoppeld is aan de ABP index. Zou gunstiger zijn een eigen pensioenfonds in het leven te roepen en de indexering te koppelen aan de loonontwikkeling van ambtenaren.
Door SvdH (Financieel adviseur decentrale overheid) op
'Het merendeel van de gemeenten heeft een pensioenvoorziening op de balans, maar daar staat niet altijd een pot met geld tegenover. Als er geld nodig is, wordt dat uit de algemene middelen gehaald.'
Dit is een citaat van Remco Oosterveld in het artikel in BB. Het is spijtig dat dit zo onzorgvuldig door een (voormalig) medewerker van EY is geformuleerd.

De voorziening is de reservering voor het pensioen en betalingen ten laste daarvan drukken niet op de gemeentelijke begroting.

Wat hier waarschijnlijk bedoeld wordt, is dat de voorziening niet afdoende gevuld is om aan toekomstige verplichtingen te voldoen. Bijstortingen in de voorziening drukken wel op de begroting en het is logisch en pijnlijk als een groot bedrag ineens moet worden toegevoegd.