of 59236 LinkedIn

Parlementair onderzoek zaak Spijkers

1 reactie
De Kamer moet een parlementair onderzoek instellen naar de zaak Spijkers. Alleen zo’n onderzoek maakt duidelijk hoe dit allemaal kon gebeuren, betoogt hoogleraar Leo Huberts.

Op 4 september stuurde staatssecretaris Jack de Vries (CDA, Defensie) een brief aan de Tweede Kamer over de zaak Spijkers. Hij meldde dat Spijkers in financiële zin tegemoet wordt gekomen, herhaalde eerder uitgesproken verontschuldigingen, bevestigde dat de klokkenluider niet wordt beschouwd als een politieke crimineel of psychiatrisch patiënt en garandeerde Spijkers vrijheid van meningsuiting. Tot slot kwam het kabinet met de toezegging dat Spijkers zelf zijn dossiers mag inzien in het Nationale Archief. De brief was het resultaat van ingewikkelde gesprekken met de tussenpersonen Agnes Jongerius (FNV) en Krista van Velzen (SP).

 

Een knappe brief, ook een moedige brief, zo concluderen velen, eindelijk een doorbraak en het wordt daarom tijd dat Spijkers na 24 jaar zijn zegeningen telt en stopt met ageren. De Volkskrant: ‘Het is verstandig en begrijpelijk dat De Vries de affaire zo snel mogelijk de wereld uit wil helpen’. Over Spijkers: ‘Betrokkenen laten doorschemeren dat de voormalige maatschappelijk werker onmogelijke eisen stelt en helemaal niet geneigd is om tot een vergelijk te komen. Klokkenluiders zijn niet altijd de meest meegaande types. Spijkers lijkt zijn strijd tegen Defensie als zijn levensopdracht te beschouwen.’

 

Ik deel die visie niet, om het eufemistisch uit te drukken. Klokkenluiders zoals Spijkers worden vaak het slachtoffer van de zaak waarvoor ze strijden. Ze worden erdoor opgeslokt, raken inderdaad gebiologeerd door de strijd, komen nergens anders meer aan toe, staan ermee op en gaan ermee naar bed. Het werk overmant de thuissituatie en het persoonlijke leven en dat maakt dat verdriet, neerslachtigheid, spanningen en ziekte nogal eens voorkomen. Als gevolg en niet als oorzaak, zo moet daar uitdrukkelijk aan worden toegevoegd. In die zin is het eerdergenoemde hoofdredactionele commentaar van de Volkskrant mijns inziens schandelijk.

 

Terug naar de oplossing voor de affaire die de staatssecretaris voorstelt. Ik heb daar enerzijds wel bewondering voor. De Vries slaagt er in slimme concessies te doen en zo de agenda te bepalen en tegenstanders uiteen te spelen. Niet voor niets is hij Nederlands beste spindoctor. Hij zal ook nog wel wat toegeven wat betreft de toegang tot het Nationaal Archief. De grote vraag is dan of dit eindresultaat de affaire de wereld uit helpt.

 

Ik ben daar niet optimistisch over, omdat een kernpunt wordt omzeild. Het conflict gaat niet om de poen maar om politieke wil, om respect en om inhoud. Is die wil er? Pas toen de Tweede Kamer met de naam Van Vollenhoven kwam, zijn staatssecretaris en kabinet achter de schermen gaan bewegen, met uiteindelijk tegen alle beloften in pas na de zomervakantie de brief. Een brief zonder één woord over Van Vollenhoven... Typerend wat betreft het respect is dat er nooit direct met Spijkers is gesproken. Maar het belangrijkst is de inhoud. Wat verwachtte Spijkers, wat mocht hij verwachten en wat wordt hem geboden?

 

Laat ik voorop stellen dat de financiële tegemoetkomingen ruimhartig zijn. Maar: het gaat niet om de poen. Andere punten worden genegeerd of niet opgelost. De Vries meldt dat Spijkers persoonlijk inzage krijgt in zijn archief. Dat lijkt een mooi gebaar maar Defensie weet dat Spijkers te ziek is om daarmee iets te kunnen. Op dit punt wordt nog wel druk onderhandeld.

 

Het allerbelangrijkste is wat níet in de brief staat. Heel simpel gaat het dan om de vraag hoe dit in hemelsnaam heeft kunnen gebeuren en wat we daarvan kunnen leren om dit type escalatie in de toekomst te voorkomen. Op dit punt ontbreekt elke reflectie en ik denk dat dit de uitweg zou kunnen bieden uit het conflict. Wat Spijkers zielsgraag wil is dat zijn strijd niet voor niets is geweest. Met andere woorden: dat we er als samenleving iets van leren. Eerder is wel voorgesteld een parlementaire enquête te houden om aan waarheidsvinding te doen (FNV, Vrije Universiteit). Een alternatief zou kunnen zijn dat er een parlementair onderzoek plaatsvindt om deze vragen te beantwoorden.

 

Door onderzoek kan duidelijk worden wie welke besluiten voorbereidde, nam, uitvoerde, wie daar toezicht op uitoefende, hoe de buitenwereld invloed had et cetera. Nog mooier zou het zijn dit in vergelijkend perspectief te doen (bijvoorbeeld door ook te kijken naar wat er gebeurde met Ad Bos en Paul Schaap, klokkenluiders inzake respectievelijk de Bouwfraude en de kernreactor in Petten).

 

Eén ding is daarbij erg belangrijk. Wie denkt dat in de zaak Spijkers klaarheid komt via de toegang tot het depot in het Nationaal Archief, vergist zich, omdat: 

 

  • niet erg duidelijk is wat er wel en niet in depot is gegeven;

     

  • je ook andere bronnen nodig hebt om te kunnen reconstrueren wat er feitelijk is gebeurd (bv. Defensie-archieven); 

     

  • je de direct betrokkenen (ambtenaren, psychiaters, landadvocaat, politici) moet kunnen horen om er achter te komen wat ze waarom deden en besloten.

     

Zonder hun verhaal zullen we nooit achterhalen, laat staan begrijpen, waarom het in sommige gevallen zo fundamenteel mis is gegaan.

 

Het woord is aan de Vaste Kamercommissie voor Defensie. Zullen we ooit weten hoe dit kon gebeuren en er lessen uit trekken? Willen we dat, dan moet de Kamer parlementair onderzoek durven starten, met toegang tot alle archieven en gesprekken met alle betrokkenen. Ofwel: een serieus onderzoek en wil men niet meewerken, dan alsnog een parlementaire enquête met het onder ede horen van de betrokkenen.

 

Prof. Leo Huberts, hoogleraar bestuurskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam en sinds de jaren negentig via onderzoek en persoonlijk betrokken bij de zaak Spijkers.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door A.Teerds (Zoetermeer Inrichting van JGZ) op
Ik kan het door hoogleraar Leo Huberts gedane voorstel voor een parlementair onderzoek alleen maar van harte onderschrijven. Het is een gotspe en te bizar van woorden, dat de zaak van de heer Spijkers na 25 jaar nog niet is afgerond. Iemand die vanuit zijn geweten - en zo hoort het ook - heeft gehandeld is bewust geestelijk en lichamelijk kapot gemaakt. En dat door ambtenaren en politici, die daarvoor bij mijn weten nooit (publiekelijk) verantwoordelijk zijn gesteld.

Tot op heden heeft naar mijn mening het accent in de media te veel gelegen op juridische aspecten en zijn morele aspecten onderbelicht gebleven. Want alleen al uit morele overwegingen had deze zaak toentertijd aan de kaak moeten worden gesteld en hadden er koppen moeten rollen. Immers - en dat komt in het hele verhaal rondom de heer Spijkers niet of nauwelijks naar voren: er waren bij mijn weten negen slachtoffers, van wie er zeven zijn overleden. En toch waren er ambtenaren op het departement van Defensie, die op het verwerpelijke idee kwamen die zaak in de doofpot te stoppen en nabestaanden voor te liegen.

Dit aspect van deze hele onverkwikkelijke zaak is jammer genoeg nooit intensief uitgediept en belicht. Want als je in een rechtsstaat zoiets durft uit te halen en dit ook kennelijk ongestraft kunt doen, is er in juridische maar ook in ethische zin iets fundamenteels mis. Sterker nog, je geeft aan lak te hebben aan regels en ethische opvattingen (de mens als doel en niet als middel te beschouwen), die binnen een rechtsstaat afgesproken zijn en waaraan een ieder en zeker de overheid is gebonden. Sterker nog: regels en opvattingen waarvan de naleving door de overheid dient te worden gewaarborgd. En deze misslag woekert nog steeds voort getuige de verwijzing van de huidige minister van Defensie, toen de discussie rondom deze kwestie weer oplaaide, naar de afspraak in 2002 tussen partijen om niet meer in de publiciteit te treden.

Want als na zes jaar de ene partij (in dit geval de overheid) nog niet is nagekomen waartoe het conform afspraak is verplicht, heeft de ander alle recht om publiekelijk van deze wanprestatie te getuigen. Daar heeft in dit geval de samenleving recht op; echter niet alleen op dit onderdeel maar ook op inzage in het volledige dossier. Want het moet voor de samenleving toch ontzettend leerzaam zijn te vernemen waarom deze kwestie jarenlang is getraineerd en waarom een volksvertegenwoordiging kennelijk een groot aantal jaren gewoon heeft zitten slapen.