of 58959 LinkedIn

Ook rekenkamer Amstelveen stapt boos uit NVRR

De Rekenkamercommissie Amstelveen heeft uit onvrede haar lidmaatschap van de Nederlandse Vereniging voor Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) met ingang van 1 januari 2016 opgezegd. Daarmee volgt Amstelveen het voorbeeld van de rekenkamercommissie van Zwijndrecht.

De Rekenkamercommissie Amstelveen heeft uit onvrede haar lidmaatschap van de Nederlandse Vereniging voor Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) met ingang van 1 januari 2016 opgezegd. Daarmee volgt Amstelveen het voorbeeld van de rekenkamercommissie van Zwijndrecht.

 

Zonder raadsleden

De Amstelveense rekenkamercommissie stelt in een verklaring afstand te nemen van het door het bestuur van de NVRR ingenomen standpunt over het Actieplan Lokale Rekenkamers van minister Plasterk. In dat Actieplan van de minister van Binnenlandse Zaken wordt gesteld dat het model van rekenkamercommissies, waarin naast externe leden ook raadsleden zitting hebben, uit de wet zou moeten worden geschrapt. Alleen het model rekenkamer waarin raadsleden geen zitting hebben, zou voldoende waarborgen bieden voor kwaliteit en mogelijke onduidelijkheden over het model wegnemen.

 

Lokale keuze

Het NVRR-bestuur neemt volgens de Amstelveense rekenkamercommissie onvoldoende afstand van dat voornemen van de PvdA-bewindsman. ‘De NVRR-leden hebben tijdens een algemene ledenvergadering op 25 september het Actieplan besproken en vastgesteld dat de keus voor het model op lokaal niveau moet worden gemaakt, zodat het aansluit op en recht doet aan de lokale situatie. Het is dan ook een keus die gemeenteraden zelf moeten maken. De NVRR-leden voelen zich daarin gesterkt, omdat uit onafhankelijk onderzoek zou blijken dat er geen relatie is tussen het gekozen model en de kwaliteit. ‘Er is dan ook geen enkele reden om het model rekenkamercommissie uit de wet te schrappen’, aldus de Rekenkamercommissie Amstelveen - een gemengde rekenkamercommissie met twee raadsleden en drie externe leden.

 

Onvoldoende uitgedragen

Dat standpunt van de leden van de NVRR wordt volgens de Rekenkamercommissie Amstelveen door het bestuur van de NVRR ‘onvoldoende uitgedragen.’ De Rekenkamercommissie voelt zich daarom niet langer vertegenwoordigd door het bestuur en heeft om die reden haar lidmaatschap van de NVRR opgezegd.

De rekenkamercommissie Zwijndrecht stapte na de septembervergadering per direct uit de NVRR. Ook die rekenkamercommissie voelde zich niet langer vertegenwoordigd door het bestuur van de vereniging.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Frits van Vugt (voorzitter rekenkamercommissie Overbetuwe) op
De gemeenteraad van Overbetuwe heeft afgelopen week een brief naar Plasterk en de Tweede kamer geschreven (in navolging van de raad van Eindhoven) met het verzoek het onderscheid in lokale rekenkamers en rekenkamercommissies niet af te schaffen. Ook deze raad pleit voor handhaving van raadsleden in de rekenkamercommissie.

Het voorstel van Plasterk helpt nl. niet om de kwaal te bestrijden dat er in sommige gemeenten slapende rekenkamers zijn.

De rekenkamercommissie van Overbetuwe is het eens met de gemeenteraad: laat de bevoegdheid aan de raad om de inrichting van de rekenkamer te bepalen. Dat versterkt de band van de raad met het rekenkamerwerk.
Door Koert Vrijhof (juridisch adviseur) op
De (landelijke) rekenkamer is onafhankelijk van de Staten Generaal (er zitten geen Kamerleden in). Als dit wel zo zou zijn, zou de uitkomst van een Rekenkameronderzoek al snel in het (partij)politieke worden getrokken. Het is daarom logisch dat dit model ook op provinciaal en gemeentelijk niveau wordt gehanteerd.
Door H. Wiersma (gepens.) op
Een goede beoordelingsstategie op het gebied van rechtmatigheid en effectiviteit voor alle bestuurslagen is geen autonome taak, maar behoort te worden vastgelegd in landelijke wetgeving. Het is derhalve wel degelijk de taak van BiZa om het daarvoor vereiste instrumentarium voor te stellen en te laten vaststellen via de wetgever.
Door Henk Stribos ((ex) rekenkamercommissie en lid raadscommissies) op
Ik heb geen problemen met het voorstel van Minister Plasterk. Een volledig onafhankelijke rekenkamer zonder raadsleden heeft mijn voorkeur, anders wordt het al snel in het politieke getrokken. Met een rekenkamer (evt. gezamenlijk met andere gemeenten) is niets mis.
Door Toine Goossens (Toezichthouder gedrag en moraal) op
De kwaliteit van de financiële verantwoording van gemeenten is al meermaals onder de maat bevonden. Raadsleden hebben dat laten passeren. Dat is een brevet van onvermogen. Belangrijke Nederlandse beroepsbeoefenaren worden afgerekend op de vraag of zij onafhankelijk van iedere beïnvloeding hun oordeel kunnen vellen. Het is werkelijk van de zotte dat er gemeenteraden zijn die niet willen onderkennen dat zij een vast onderdeel van het duw- en trekwerk rondom politieke besluitvorming zijn.

Daarom zijn zij per definitie niet onafhankelijk.
Door Els Boers (auteur/adviseur) op
Plasterk zou juist de artikelen over de rekenkamer kunnen schrappen en het inderdaad meer aan de gemeenten zelf overlaten hoe zij invulling willen geven aan de rekenkamerfunctie, dat dan ook een rekenkamer zou mogen zijn. Het eigen vlees keuren gebeurt ook met onderzoeken van de 2de Kamer, juist raadsleden zijn heel kritisch als rekenkameronderzoeker. Het is een controlemiddel van de raad tenslotte. Het resultaat zal nu zijn dat er alleen maar meer slapende rekenkamers zullen komen; het middel veroorzaakt dus de kwaal.
Door Marc Hillebrink (privé) op
Ter bespreking fractie
Door Ricus Tiekstra (Griffier) op
De individuele gemeenteraden zijn volgens mij prima in staat zelf te bepalen op welke manier invulling wordt gegeven aan de rekenkamerfunctie. Het is vervolgens eens in de vier jaar aan de inwoners om te bepalen of de gemeenteraad zijn werk goed heeft gedaan. Daar hoeft Plasterk zich niet mee te bemoeien. Maar ja hij moet toch wat op dat ministerie van Mislukte Zaken.
Door Richard (ambtenaar) op
Maar een rekenkameronderzoek doen naar de effectiviteit van onderzoek waarin de slager zijn eigen vlees keurt, zoals bij rekenkamercommissies het geval is.