Volg ons op: , LinkedIn of

Kijk snel bij: Abonnementen Vacatures BB Magazine

De man die niet wilde liegen

Niko Struiksma 0 reacties
Op 14 september 1984 komt munitiespecialist Rob Ovaa om het leven bij een test met een mortiermijn. De mijn explodeerde aanvankelijk niet, Ovaa wachtte overeenkomstig de instructies een half uur, ging toen naar de mijn om deze in de neutrale stand te zetten en vervolgens ontplofte de mijn alsnog.

Fred Spijkers, maatschappelijk werker bij het ministerie van Defensie, krijgt op de dag van het ongeluk de opdracht de weduwe te vertellen dat haar man het ongeluk aan zichzelf te wijten had. Ovaa zou onvoorzichtig hebben gehandeld. Op dat moment is nog niets bekend over de oorzaak van het ongeluk. Spijkers voldoet aan de opdracht, al zou hij non-verbaal duidelijk hebben laten merken dat hij zelf niet achter z'n eigen woorden stond. Deze conformering is van korte duur. Al gauw verzet hij zich tegen het officiële standpunt van Defensie dat Ovaa schuld had aan z'n eigen dood. Een lange strijd van Spijkers begint. Alexander Nijeboer heeft er een lijvig boek over geschreven. Nijeboer is cabaretrecensent bij de Volkskrant en jurylid van het BNN-programma 'Lama gezocht', de zoektocht naar komisch improvisatietalent. Hij bevindt zich dus vooral in de humoristische hoek. De door hem beschreven geschiedenis van Fred Spijkers is allesbehalve om te lachen. Het is een schrijnend verhaal.

 

Reputatieschade

 

Spijkers komt er al snel achter dat het ongeluk niet de schuld was van Ovaa. Het was niet het eerste (dodelijke) ongeluk met het type mijn in kwestie (de AP-23) en er was binnen Defensie al twijfel over de betrouwbaarheid van de mijn. Op 19 juli 1983, een dik jaar voor het ongeluk van Ovaa, heeft de Bevelhebber van de Landstrijdkrachten zelfs alle onderdelen bevolen 'geen enkele handeling' met de AP-23 te verrichten. Desondanks werd de heersende doctrine van de ambtelijke en politieke top van Defensie dat er met de mijn die Ovaa doodde, niks mis was. De redenen hiervan zouden reputatieschade voor Defensie en de angst voor hoge schadevergoedingen zijn. Bovendien was de AP-23 door Defensie zelf ontwikkeld. De commerciële waarde ervan zou bij schulderkenning tot nul gereduceerd worden. Kortom, er was Defensie alles aan gelegen de schuld in de schoenen van Ovaa te schuiven.

 

Defensie laat er direct al geen gras over groeien: het geeft geen toestemming het stoffelijk overschot op kosten van Defensie te vervoeren naar de woonplaats van Ovaa. Men is slechts bereid een kilometervergoeding te geven van achttien cent per kilometer, overeenkomstig de vergoeding voor het reizen met het openbaar vervoer (2e klas). Een door de Koninklijke Marechaussee opgesteld proces-verbaal doet de rest. De rapporteurs Fabius en Martens hebben in het proces-verbaal alle problemen met de AP-23-mijn categorisch buiten beschouwing gelaten en de schuld volledig bij Ovaa gelegd. De in 1989 bij de eventuele strafrechtelijke vervolging van Defensiemedewerkers naar aanleiding van de mijnongelukken betrokken officier van justitie noemt het proces-verbaal met de kennis en informatie van nu 'onvolledig en gekleurd', 'suggestief', 'misleidend, onthutsend' en 'een schandelijk onderzoek'. Het proces-verbaal heeft z'n doel echter bereikt. De nabestaanden van Ovaa krijgen geen schadeloosstelling. Ovaa was volgens het daarvoor verantwoordelijke ministerie van Financiën, dat zich baseerde op het proces-verbaal, namelijk 'wat al te overmoedig geworden'.

 

Fred Spijkers, de klokkenluider die vocht tegen het onrecht dat weduwe Marjolein Ovaa werd aangedaan, krijgt dankzij het proces-verbaal ook nauwelijks een voet aan de grond. Hij blijft strijden voor de waarheid en wordt daarmee een lastpost waar Defensie zich van wil ontdoen. Hij krijgt, ondanks uitstekende beoordelingen, ontslag wegens slecht functioneren. Hij wordt bestempeld als 'politiek crimineel'. Ondanks dat vier onafhankelijke psychiaters stellen dat Spijkers geestelijk niks mankeert, wordt hij door een keuringscommissie van Defensie arbeidsongeschikt verklaard 'op basis van ziekte of gebrek', oftewel, psychisch niet in orde. Om dit te onderbouwen, wordt door de commissie van keuringsartsen zelfs valsheid in geschrifte gepleegd door waarnemingen van de onafhankelijke deskundigen te verdraaien. Het Haagse gerechtshof spreekt later van valsheid in geschrifte.

 

Bakzeil 

 

Vanaf 1993 leeft Spijkers zonder uitkering of inkomen. Zijn huwelijk strandt, maar Spijkers gaat door met zijn strijd. Hij heeft 13.000 documenten in bezit waarmee hij zijn soms ongelooflijke beweringen en ervaringen kan onderbouwen en bewijzen. Daardoor krijgt hij onder meer de toenmalige BVD en diverse Kamerleden aan zijn kant. In het parlement geven de verantwoordelijke bewindslieden van Defensie lange tijd geen krimp. De toenmalige staatssecretaris Van Hoof vertelt Spijkers dat als deze met bepaalde belastende documenten naar buiten treedt, hij de beschikking heeft over een wapen 'dat ik niet zal schromen te gebruiken. Het zal onherroepelijk en absoluut dodelijk voor je zijn'. Van Hoof heeft deze uitspraak nadien niet bestreden.

 

Uiteindelijk komt er in 2002 een onafhankelijk onderzoek door KPMG naar de hele gang van zaken. Alle partijen committeren zich bij voorbaat aan de uitkomst, ook het ministerie van Defensie bij monde van Van Hoof. Het rapport van KPMG zorgt voor een complete rehabilitatie van Spijkers én Ovaa. Er is volgens KPMG sprake geweest van 'opzettelijke misleiding' door het ministerie van Defensie. De reactie van Van Hoofs opvolger Cees van der Knaap: 'Ik acht mij helaas niet aan dit advies gebonden.' Dit is een Kamermeerderheid te gortig, Van der Knaap moet uiteindelijk bakzeil halen. Er wordt een 'vaststellingsovereenkomst' ondertekend waarin Rob Ovaa postuum wordt gerehabiliteerd, zowel Marjolein Ovaa als Spijkers 2,6 miljoen euro belastingvrij ontvangt, beiden een koninklijke onderscheiding krijgen en wordt bepaald dat Spijkers niet langer als arbeidsongeschikt 'op basis van ziekte of gebrek' te boek mag staan. Deze kwalificatie en die van 'politiek crimineel' moeten ook in alle dossiers over Spijkers 'administratief gerectificeerd' worden.

 

Anno 2007 is Spijkers inderdaad geridderd. De 'administratieve rectificatie' heeft bijna vijf jaar na het bindende oordeel van KPMG nog steeds niet plaatsgevonden. In plaats dat de dossiers, zoals de bedoeling was, zijn gecorrigeerd, zijn ze voor een periode van zeventig jaar achter slot en grendel geplaatst. Dit tot onvrede van Spijkers, die het als de ideale doofpot voor Defensie beschouwt. Over de 'belastingvrije' uitkering van 2,6 miljoen euro heeft Spijkers (in tegenstelling tot Marjolein Ovaa) een belastingaanslag van 915.123 euro gekregen. Het is hem nog niet gelukt deze van tafel te krijgen. Defensie blijft het leven van Spijkers zuur maken. Of zoals de Nationale ombudsman het formuleerde: 'De afwikkeling van het dossier door Defensie is als een gebakje dat ze met hele lange tanden opeten.' Helaas kan Spijkers zelf evenmin van het gebakje genieten. De 1,6 miljoen euro staat ongemoeid op een notarisrekening,'uit angst dat de overheid hem alsnog een streek zal flikken'.

 

De ervaringen van Spijkers sinds 1983 zijn schrijnend. Het duizelt de lezer van Nijeboers boek soms van al de feiten, de brieven, het onrecht, de manipulaties door Defensie, de personen en functionarissen die een (al dan niet dubieuze) rol hebben gespeeld. Gevreesd moet worden dat de ervaringen van Spijkers gewoon elke beschrijving tarten. De niet-chronologische beschrijving door Nijeboer en de in plaats daarvan soms onduidelijke criteria voor de gebruikte volgorde van de hoofdstukken, vergroten de leesbaarheid niet.

 

Af en toe vliegt Nijeboer uit de bocht door niet onderbouwde stellingen en beweringen. Zo stelt hij dat oud-minister Job de Ruijter gechanteerd 'zou zijn' omdat hij zich vergrepen 'zou hebben' aan minderjarige jongens. Dit heeft Nijeboer inmiddels moeten rectificeren. Oud-staatssecretaris Gmelich Meijling zou destijds eveneens chantabel zijn geweest. Na deze stelling volgen paginalange verhandelingen over 's mans dubieuze declaratiegedrag als burgemeester van Den Helder en als staatssecretaris. In hoeverre hij hierover gechanteerd werd (de feiten waren al bekend) en wat de relatie met de zaak-Spijkers was, laat Nijeboer echter in het midden. Een bij naam genoemde Defensiemedewerker zou belangen hebben bij een onbevlekt blazoen van de AP-23-mijn, omdat hij 'volgens anonieme bronnen' 25 procent van de prijs van elk ontstekingsmechanisme 'zou hebben' ontvangen.

 

Dergelijke zwakke onderbouwingen doen enigszins afbreuk aan het verder overtuigende boek. Zowel staatssecretaris Van der Knaap (omdat Nijeboer becijferd heeft dat deze het parlement twintig keer onjuist heeft geïnformeerd over de zaak-Spijkers; een politieke doodzonde) als de voormalige opperbevelhebber Fabius, de man die verantwoordelijk was voor het zo eenzijdige proces-verbaal over het mijnongeluk, hebben inmiddels rechtszaken aangespannen tegen de auteur. Op basis van het overweldigende feitenmateriaal lijken het kansloze zaken. De politieke carrière van Van der Knaap heeft in elk geval niet te lijden gehad onder de zaak- Spijkers. Hij is deze week gewoon herbenoemd als staatssecretaris van Defensie.

 

Alexander Nijeboer, Een man tegen de staat, Uitgeverij Papieren Tijger, Breda, 2006, ISBN 90 6728 195 6, € 20.

 

Nico Struiksma is senior-onderzoeker bij Pro Facto, bureau voor bestuurskundig onderzoek en  juridisch advies.

 

Print dit artikel
Mail dit artikel
Deel dit artikel op

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Vacatures

Partner Bijdragen

recente bijdragen