of 59054 LinkedIn

'Meer wethouder gebleven dan burgemeester geworden'

De burgemeester was eenzaam en kreeg ook geen steun van zijn gemeentesecretaris, aldus onderzoeker Dick de Cloe

Dick de Cloe onderzocht met criminoloog Cyrille Fijnaut en bestuurskundige Pieter Tops de bestuurscultuur in de Brabantse gemeente Laarbeek. Burgemeester Hans Ubachs voelde zich volgens de commissie Laarbeek terecht onveilig en geïntimideerd. Tegelijk deed Ubachs onbegrijpelijk domme dingen. De Cloe (PvdA) was Kamerlid en waarnemend burgemeester in Vlist, Schoonhoven (2x), Bergen op Zoom(2x) en Maasdriel.

Ubachs is een gebrekkige burgemeester.

'Daar heeft de commissie geen oordeel over. We moesten antwoord geven op de vraag of burgemeester Ubachs objectief gezien kon zeggen dat hij zich onveilig en geïntimideerd voelde. Dat hebben we navolgbaar en reconstrueerbaar gemaakt en we vinden dat hij daartoe zeker aanleiding had. We hebben wél geschreven dat hij eigenlijk meer wethouder is gebleven dan burgemeester geworden. De wethouder is politiek en heeft een achterban. De burgemeester heeft die achterban niet en kan in een eenzame positie terechtkomen. Deze institutionele eenzaamheid is hier wel aan het licht gekomen. Hij kreeg ook geen steun van de gemeentesecretaris. Zij had de burgemeester kunnen meenemen langs de klippen van de lokale politiek van Laarbeek, maar dat is onvoldoende of soms niet gebeurd. Hun verstandhouding was niet om over naar huis te schrijven.'

 

Ubachs is een enorme hak gezet.

'We hebben tijdens ons twee maanden durende onderzoek het idee gekregen dat Ubachs niet bij iedereen in Laarbeek vanaf de eerste dag welkom was. De vergadering ter voorbereiding op zijn aanbeveling duurde bijvoorbeeld erg lang. Zijn burgemeesterschap is onder een slecht gesternte geboren, laten we het daarop houden. We begrijpen dat burgemeester Ubachs sprak over intimidatie en onveiligheid binnen zijn werkomgeving. Hij had daar aanleiding toe. Hij werd ook tegengewerkt. We bespreken in ons rapport heel uitvoerig vijf voorvallen waarbij informatie werd gelekt om Ubachs in een kwaad daglicht te stellen.'

 

De gebeurtenissen in Laarbeek nopen u in het rapport ook om de noodklok te luiden over de positie van de burgemeester.

'De burgemeester heeft een scherpe verantwoordelijkheid voor de bestuurlijke integriteit. Dat wordt alleen maar belangrijker. Denk in Brabant aan de ondermijning van het bestuur door de wietteelt. Dat is acuut in kleine gemeenten, waar een korte afstand is tussen de burger en het bestuur. Hoe behandel je vertrouwelijke Bibob-informatie over bekenden in een kleine gemeenschap? We geven het voorbeeld van de aanvraag van de exploitatievergunning voor een café in het dorp Lieshout. Een wethouder (Theodoor Biemans, van 2006 tot 2014 wethouder in Laarbeek, thans raadslid voor de lokale partij PNL, red.) speelde daarbij een rol die hij niet behoorde te spelen. Het was niet zijn portefeuille en het betrof een aanvraag van zijn broers. Je zou zoiets in groter regionaal verband moeten behandelen, bijvoorbeeld binnen de regionale informatie en expertise centra (RIEC), en daar nieuwe afspraken en regelingen over moeten maken. Het tweede punt is dat de burgemeester uit elkaar getrokken wordt door zijn rol als aardige burgervader enerzijds en als strenge burgemeester anderzijds. De verbindende vriend versus de strenge hoeder van de rechtsstaat. Die rollen groeien uit elkaar en naderen hun grenzen.'

 

Ten slotte: burgemeester Ubachs belt en vraagt om advies.

'Dat heeft hij vanmiddag al gedaan toen we hem vanmiddag afzonderlijk in Den Bosch het rapport overhandigden. We hebben hem daarop geen antwoord gegeven. We hebben geen oordeel over zijn positie. De bal ligt bij de opdrachtgevers van het rapport: de commissaris van de koning en de gemeenteraad van Laarbeek.'

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door M. Driessen op
Een opmerkelijke stelling in het commissierapport: "De verwikkelingen rond burgemeester Ubachs in Laarbeek achten wij een illustratie van het feit dat de ‘hybridisering’ van het ambt zo langzamerhand haar grenzen aan het naderen is. De uiteenlopende eisen die aan burgemeesters worden gesteld, zijn in de praktijk lastiger en lastiger te combineren. Diepgaande bezinning op het ambt is daarom aan te bevelen".

Bij het ‘er een eind aan breien’ heeft de wijze commissie zelf nog maar een wolk mist over het rapport geblazen, waarschijnlijk met een “veel succes ermee” voor de gemeenteraad erbij. Men doet het voorkomen of het nou zo moeilijk is om een voorbeeldige, betrouwbare en geloofwaardige burgemeester te zijn. Niets is minder waar. We hebben er zat van in ons land. Tussen de 300 en de 400.
In plaats van het gemeenterechtelijk toetsingskader mee op te voeren voor het merkwaardige gedrag dat beoordeeld is laat men enige onduidelijkheid aanwezig, alsof de positie, taak en gedragscode van een burgemeester anno 2015 onvoldoende duidelijk is.
“Hybridisering” is naar algemeen spraakgebruik het resultaat van een nooit gereed, complex proces van het combineren van elementen vanuit verschillende culturele repertoires om ‘nieuwe’ culturen te vormen, die wel aan elkaar gerelateerd zijn, maar die niet precies op één van de originele culturen lijken.
Okay, een functie blijft altijd in ontwikkeling, en misschien komen we de komende jaren eindelijk eens interessant toe aan die gekozen burgemeester, maar als je een wazig beeld oproept over de burgemeester in het algemeen lijk je er zelf niet helemaal uit te zijn gekomen. De manier van afsluiten lijkt in mijn ogen wat te neutraliseren wat er feitelijk aan de hand is: een vertrouwenscrisis die de burgemeester vooral door onstabiel gedrag zelf bevorderd heeft. Het systeem - met de CdK in kwestie nadrukkelijk betrokken - heeft hem op deze post gebracht maar de kandidaat blijkt in de praktijk door onervarenheid/lichtzinnigheid helaas toch niet zo vuurvast ofwel niet zo sterk in de schoenen te staan qua voorbeeldig, betrouwbaar en geloofwaardig gedrag zoals gehoopt bij selectie en benoeming. Nobody is perfect, zeker niet indien vanuit het Limburgse overkomend als het gaat over bestuurlijke integriteit weten we, maar democratisch is het wel belangrijk vast te stellen dat de ontsporing vooral is gekomen op het moment dat zo’n burgemeester zelf het kronkelpad opgaat van wegduiken voor en zelfs liegen over eigen fouten. Nogal stom als je eerst zelf andere bestuurders terecht op hun integriteit hebt benaderd. Die bal kaatst vroeg of laat terug zo heeft de ervaring geleerd.
Zo lijkt deze case nogal veel op die van de schijnheilige heer Leers in Maastricht, die enkele jaren terug door zijn eigen raad werd heengezonden met een pijnlijk koekje van eigen deeg, zoals het democratisch hoort, perfect. De integriteit van je eigen gedrag bewaak je zelf en liegen tegen ambtelijke dienst, volksvertegenwoordiging en/of de pers om je hachje te redden is uiterst zwak gedrag, een politieke doodzonde, schaadt het ambt van burgemeester. Daar kennen we andere voorbeelden van, o.a. Maastricht op herhaling. Dat mag democratisch graag zo blijven.

Hopelijk draagt ook dit geval eraan bij dat we in de hele Stads Regio Eindhoven (binnenkort lichtelijk megalomaan Metropool Regio Eindhoven) niet meer maar minder onbetrouwbare en ongeloofwaardige bestuurders krijgen, minder leugenaars, ook bij SRE/MRE zelf, want er zitten er daar meer. Liegen en bedriegen is nooit basis voor goed bestuur, voor de uitoefening van een publiek ambt, en ook niet om elders Sinterklaas te spelen zoals de burgemeester van Laarbeek deed (onbetaalde nevenfunctie) want die man moet ook van onbesproken gedrag zijn met dat kruis op z’n pet. Met dat type gedrag kan men beter een andere carrière zoeken, wegens gebleken ongeschiktheid, door het ambt te schaden.