of 59232 LinkedIn

‘Lang wachten op het regeerakkoord’

De burgemeesters en wethouders van de vier grote steden hadden inhoudelijk al niet veel verwacht van de Troonrede en de Miljoenennota nog niet ingekeken. Het is vooral wachten op het regeerakkoord. Toch spreekt een enkeling van een gemiste kans.

De burgemeesters en wethouders van de vier grote steden hadden inhoudelijk al niet veel verwacht van de Troonrede en de Miljoenennota nog niet ingekeken. Het is vooral wachten op het regeerakkoord. Toch spreekt een enkeling van een gemiste kans.

AfbeeldingWethouder Simone Kukenheim (Amsterdam, D66):
‘Het is echt wachten op het coalitieakkoord. We verwachten een beleidsarme en degelijke begroting. Over meer geld naar de leraren kan ik moeilijk commentaar geven, want ik weet niet of het incidenteel of structureel is en de Koning had het over arbeidsvoorwaarden. Dat kan om salaris gaan, maar alles eromheen is ook belangrijk. Ik ben wel blij dat het op de agenda staat. Ik vind het ook niet gek dat in een coalitieland als Nederland de formatie zo lang duurt. Ik verwacht wel een stevig pakket.’

AfbeeldingWethouder Robert Simons (Rotterdam, Leefbaar Rotterdam):
‘De Troonrede was vrij algemeen en beleidsarm, maar dat wisten wel al. Ik hoopte met name op aandacht voor de grote steden. We hebben zelf een grote opgave op Zuid en kunnen wel een steun in de rug gebruiken van het rijk, met name in het van de markt krijgen van particuliere woningen en deze op te knappen. Daarin moeten we een positieve spiraal genereren. Ook middeninkomens moeten hun wooncarrière kunnen starten en voortzetten. Talent moet zich ontwikkelen in de stand. Natuurlijk is teveel geconcentreerde problematiek in bepaalde wijken niet bevorderlijk voor die ontwikkeling. Ik vond in de Troonrede geen aanknopingspunten hiervoor en hoop dat het beginnen met woonprojecten wel terugkomt in het regeerakkoord. Dat is in het belang van Rotterdam. Dat geldt ook voor oog voor mensen langs de zijlijn. Ik vind de formatie wel te lang duren en zeg op z’n Rotterdams: snel aan het werk!’

AfbeeldingWethouder Boudewijn Revis (Den Haag, VVD):
‘Dit was de laatste Troonrede van een kabinet dat het ontzettend goed heeft gedaan. De economie draait en er is veel vooruitgang geboekt, al blijft er altijd wat te wensen over. Lokale overheden zullen zich meer bij het kabinet gaan betrekken om investeringen in bereikbaarheid te bepleiten. De grote steden moeten beter worden ontsloten, met name met het openbaar vervoer. In Den Haag willen we de wijk Binckhorst ontsluiten en een metro naar zee. We willen ook de drukte kunnen opvangen en de economie versterken. Daaraan moet het nieuwe kabinet bijdragen. Ik heb wel begrip voor de moeilijke formatie. Een paar weken extra redden we nog wel.’

AfbeeldingWethouder Kees Diepeveen (Utrecht, GroenLinks):

‘Het was een beleidsarme Troonrede met veel aandacht voor internationale zaken. Dat is logisch, want nationaal wordt aan een kabinet getimmerd. Toch zou het dan ook voor de hand liggen een link te leggen naar steden en gemeenten die onder meer te maken hebben met vluchtelingen laten integreren. Je kunt het ook breder zien: internationaal hebben de grote steden ook kansen in de internationalisering. We moeten die krachten benutten en investeren in bereikbaarheid en slimme stedelijke oplossingen. Onze steden hebben de massa en dichtheid daarvoor. Wij zijn de motor van innovaties. Ik hoop dat het volgende kabinet dat ziet. Voor mijn eigen portefeuille hoop ik dat het nieuwe kabinet een bredere evaluatie doet naar de decentralisaties in de zorg en ondersteuning.

Vaak staan wetten en financiële regelingen initiatieven op buurtniveau in de weg. Geef ons daarnaast de kansen en tools om inburgering meer in te bedden in lokaal beleid. Als gemeenten willen we meer regie voeren op taalscholen. Het zou mij een lief ding waard zijn als daar een impuls komt. Verder hoop ik dat er op het gebied van maatschappelijke opvang en beschermd wonen voldoende geld blijft gaan naar centrumgemeenten. Mensen met psychische problemen trekken toch vaak naar de stad. De aanpak zou daarom meer centraal moeten zijn en het geld moet volgend zijn. Nu is dat andersom.’

AfbeeldingWethouder Rabin Baldewsingh (Den Haag, PvdA):
‘In de Troonrede werd niets nieuws gezegd. Ik vond het een zwak verhaal. “We zijn er voor elkaar” vond ik wel een mooie oproep en ik vond het schitterend dat het Caribische deel als eerste werd genoemd. Een deceptie vond ik dat economische groei wordt genoemd, maar de rol van de steden daarin niet eens in een subtekst voorkwam. Heel teleurstellend. We hebben de grootste groei, zijn de dragers van Nederland. Ik vond het een gemiste kans dat daar niet over werd gesproken. Ik vind ook dat de formatie veel te lang duurt. Het is een gedwongen huwelijk en zij hebben bij mij nog niet het vertrouwen gewekt dat de solidariteit bij hen in goede handen is. Het zou ze sieren als ze breed uitstralen: we zijn er voor elkaar. Mijn angst is dat het vertrouwen in de opbouw van die solidariteit straks niet wordt gegeven en dat de polarisatie wordt gecontinueerd. Zo bouw je de samenleving niet op. Maar ik hoop dat ik ongelijk heb.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door H. Wiersma (gepens.) op
1. De Kabinetsformatie duurt inderdaad veel te lang. Oorzaak o.a. het gedraal van D'66 t.o.v. de CU en het nog steeds ontbreken van een kiesdrempel, waardoor regeren steeds moeizamer wordt vanwege teveel politieke partijen.
2. Terecht dat leraren bij het basisonderwijs beter worden betaald (maak onderscheid tussen onderbouw en bovenbouw en zwaarte functies). Gelijkschakeling in salaris tussen leraren basisonderwijs en voortgezet onderwijs is gelet op de zwaarte van de functies een brug te ver. Het onderwijs moet in zijn algemeenheid ook efficiënter worden gerund (bijv. meer rust in de tent, minder en efficiënter vergaderen e.d.).
3. De woningbouw komt moeizaam van de grond omdat de meeste belanghebbende partijen (Rijk, gemeenten, provincies, corporaties, ontwikkelaars en bouwers) te lang een afwachtende houding hebben aangenomen en/of verkeerde beslissingen hebben genomen. Bijv. het verbod van het Rijk richting corporaties om woningbouw in de particuliere koopsector te realiseren, plannen zijn vaak te lang in de ijskast blijven liggen en last but not least de speculatie(s) richting hogere grondprijzen).
4. Het huidige Kabinet heeft het helemaal niet zo goed gedaan. Van de uitvoering van hun verkiezingsprogramma's en het Regeerakkoord is relatief weinig terecht gekomen. Jong en oud werd tegen elkaar uitgespeeld (pensioenen). De economie draait vooral goed dankzij de toename van de wereldhandel.
5. Innovatie is prima maar moet financieel economisch natuurlijk wel haalbaar en betaalbaar zijn en blijven.
6. Nederland bestaat niet alleen uit grote steden die over het algemeen toch wel de ruif weten te vinden, maar ook uit een steeds problematischer functionerend platteland (maatschappelijke voorzieningen, openbaar vervoer, winkelvoorzieningen e.d.).