of 59080 LinkedIn

Zorgverzekeraars CZ, Delta Lloyd en Ohra géén aanbestedende diensten!

Reageer

Afbeeldingmr. M.J. Mutsaers (Matthijs)

 

Hof Den Bosch 12 mei 2015

Op 12 mei jl. heeft het Hof Den Bosch uitspraak gedaan in de zaak tussen (o.a.) zorgverzekeraars CZ, Delta Lloyd en Ohra tegen (o.a. Hollister. Naar dit arrest werd reikhalzend uitgekeken. In deze zaak staat namelijk de voor de praktijk belangrijke vraag centraal of  (voornoemde) zorgverzekeraars aanbestedende diensten zijn. De voorzieningenrechter kwam in juni vorig jaar tot het voorlopige oordeel dat deze vraag bevestigend moet worden beantwoord. Het hof komt echter tot de tegenovergestelde conclusie.

Kort samengevat oordeelt het hof dat CZ c.s. géén aanbestedende diensten zijn, omdat zij instellingen zijn die voorzien in een behoefte van algemeen belang van commerciële aard. Omdat daarmee niet wordt voldaan aan de eerste van de cumulatieve voorwaarden uit de definitie van het begrip publiekrechtelijke instelling uit art. 1.1 Aanbestedingswet 2012, behoeft niet meer te worden beoordeeld of bijvoorbeeld sprake is van overheidsfinanciering.

Meer specifiek wordt geoordeeld dat CZ c.s. wel degelijk:

i) een winstoogmerk hebben en dat zij worden bestuurd op basis van criteria van rendement, doelmatigheid en rentabiliteit. Zo strekt het systeem van risicoverevening er volgens het hof slechts toe om vooraf bestaande onevenwichtigheden welke uit de acceptatieplicht kunnen voortvloeien te compenseren;

ii) onder normale marktomstandigheden werkzaam zijn. Feit is volgens het hof dat er een (gereguleerde) markt is beoogd en ontstaan waarop zorgverzekeraars hun activiteiten in concurrentie om de gunst van de verzekerden met elkaar uitoefenen);

iii) het economisch risico van hun activiteiten dragen. Zo is het volgens het hof aan de zorgverzekeraars om te bepalen hoe zij hun inkomsten besteden, mits zij er maar voor zorgen dat verzekerden tijdig de verzekerde prestaties ontvangen, terwijl de overheid geen toezicht uitoefent op de wijze van besteding; bovendien kunnen zorgverzekeraars failliet gaan. Verder doen de garantiebepaling ex art. 31 Zvw, de noodregeling ex art. 33 Zvw, de wanbetalersregeling ex art. 18a e.v. Zvw en ook de bevoegdheid van het Zorginstituut om ambtshalve namens een onverzekerde een verzekering af te sluiten er niet aan af dat zorgverzekeraars wel degelijk risicodragend zijn. Althans, volgens het hof heeft Hollister niet aannemelijk gemaakt dat zorgverzekeraars niet het economisch risico van hun activiteiten dragen zodanig dat zij geneigd zouden (kunnen) zijn zich door andere dan economische overwegingen te laten leiden.

De consequentie van dit arrest – als dit in stand blijft (zo is niet bekend of er bijvoorbeeld cassatie zal worden ingesteld) - is dat (deze) zorgverzekeraars niet aanbestedingsplichtig zijn en bij hun inkopen dus niet (meer) gebonden zijn aan de specifieke Europese en nationale aanbestedingsregels. Daarmee keren we weer terug naar de situatie van vóór het spraakmakende vonnis in eerste aanleg van juni vorig jaar.

Zodra het arrest van het hof is gepubliceerd, volgt een nadere analyse.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding