of 59045 LinkedIn

Storing bij TenderNed leidt niet altijd tot ongeldigheid inschrijving

4 reacties

Afbeeldingmr. T.G. Zweers-te Raaij (Dorien)

Als er problemen zijn met het uploaden van de inschrijving in TenderNed bestaat het risico dat de inschrijving te laat wordt ingediend en om die reden wordt uitgesloten van deelname aan de aanbesteding. Dat was aan de orde in de uitspraken van de rechtbank Zeeland-West-Brabant en in het arrest van het Hof Den Haag (Vzr. Rb. Zeeland-West-Brabant 23 april 2015 en Hof Den Haag 23 juni 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:1588).

In zo’n situatie is van belang of een inschrijver in staat is om in kort geding aannemelijk te maken dat het niet tijdig kunnen uploaden te wijten is aan omstandigheden die buiten de risicosfeer van de inschrijver liggen. In de zaak bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant werd een printscreen van een foutmelding onvoldoende geacht, omdat daaruit niet bleek dat die printscreen betrekking had op de betreffende aanbesteding. Die inschrijver kreeg dus nul op het rekest.

 

Ook in de zaak die voorlag aan het Hof Den Haag was de inschrijver, Haskoning, niet in staat om de storing bij TenderNed aannemelijk te maken. In deze zaak leidde dat echter niet tot ongeldigheid van de inschrijving. Het hof oordeelde namelijk dat de inschrijving op grond van het evenredigheidsbeginsel niet ongeldig had mogen worden verklaard. Dit beginsel geldt voor alle fasen van de aanbestedingsprocedure en brengt onder meer mee dat de reactie van de aanbestedende dienst op een verzuim van een inschrijver in verhouding tot dat verzuim dient te staan. Het gaat daarbij niet om de disproportionaliteit van een gestelde eis als zodanig, maar om de toepassing van die eis in een concreet geval.

 

Hierbij neemt het hof tot uitgangspunt dat tijdig door Haskoning de hard-copy van haar inschrijving aan Rijkswaterstaat is aangeleverd en dat eveneens tijdig een inschrijving op USB-stick is aangeleverd. Rijkswaterstaat beschikte aldus tijdig op twee van de drie voorgeschreven manieren in het aanbestedingsdocument over de volledige tekst van de inschrijving. Een situatie waarin de inschrijving op de enig voorgeschreven wijze niet tijdig is gedaan doet zich in deze zaak dan ook in zoverre niet voor dat van de drie parallel voorgeschreven manieren er in ieder geval twee zijn gevolgd, aldus het hof. Er was om die reden ook geen sprake van ontbrekende documenten, maar alleen van een ontbrekende, derde, wijze van aanlevering daarvan. Tussen partijen is verder niet (meer) in geschil dat de door Haskoning geüploade documenten geheel overeenkomen met de inschrijving die zij als hard copy en op USB-stick heeft ingeleverd.

 

Onder al deze omstandigheden deelt het hof de visie van de voorzieningenrechter dat in dit specifieke geval het terzijde leggen van de inschrijving van Haskoning disproportioneel is.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door mr. T.G. Zweers-te Raaij (advocaat bij Nysingh) op
Beste Diederik,

Dank voor je reactie. De uitspraak is denk ik juist, omdat 2.109 Aanbestedingswet 2012 een mogelijkheid biedt tot verlenging, maar dan als een bevoegdheid van de aanbestedende dienst. De aanbestedende dienst is niet verplicht om die verlenging te bieden. Primair ligt het risico van storing c.q. te late indiening dus bij de inschrijver. Als de aanbestedende dienst echter door een inschrijver op de hoogte is gebracht van de storing dan kan ik mij voorstellen dat die inschrijver direct ook een verzoek tot verlenging zou kunnen doen. Voorwaarde voor toekenning is wel dat de aanbestedende dienst dan nog geen kennis heeft genomen van de inschrijvingen.
Door Diederik Heij (Adviseur TenderNed) op
Beste Dorien,
Fijn dat je reageert.
In zaak van Werkendam vs Ceelen stelt de rechter ook, dat een storing niet is aangetoond. Hij stelt daarnaast dat als er wel sprake van een storing zou zijn geweest vlak voor de sluitingstermijn, dit voor risico van de ondernemer is.
Ik vind dat een typische uitspraak, omdat artikel 2.109 uit de Aanbestedingswet 2012 stelt, dat de aanbestedende dienst in geval van een storing de mogelijkheid heeft om de inschrijftermijn te verlengen. In dat geval wordt het risico van het op het laatste moment (maar op tijd) inschrijven weggenomen bij de ondernemer. Terecht lijkt me.
Door mr. T.G. Zweers-te Raaij (advocaat bij Nysingh ) op
Geachte heer Heij,

Dank voor uw reactie.
Er worden twee uitspraken besproken. In beide uitspraken stellen de inschrijvers dat de digitale inschrijving is mislukt als gevolg van een storing bij TenderNed. In beide uitspraken oordeelt de rechter dat die storing niet aannemelijk is gemaakt en dat als gevolg van het ontbreken van de digitale inschrijving de inschrijving ongeldig is. In het arrest van het Hof Den Haag (waarin de vraag inzake ongeldigheid van de inschrijving van Haskoning voorlag) oordeelt het hof echter dat er in deze zaak specifieke omstandigheden aan de orde zijn die maken dat het ontbreken van de digitale inschrijving - volgens inschrijver Haskoning dus als gevolg van een storing bij TenderNed - de sanctie van ongeldigheid in strijd is met het evenredigheidsbeginsel.
Kortom: in beide uitspraken speelt de door inschrijver gestelde storing bij TenderNed dus wel degelijk een rol in de vraag of de inschrijving al dan niet ongeldig is. Het feit dat die storing niet aannemelijk kan worden gemaakt leidt in de zaak bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant tot het oordeel van de rechter dat die inschrijving ongeldig is. In de zaak die aan het Hof Den Haag voorlag, leidt de door inschrijver Haskong gestelde storing bij TenderNed (die ook niet aannemelijk kon worden gemaakt en als gevolg waarvan de digitale inschrijving ontbrak) niet tot ongeldigheid, maar zoals aangegeven, volgt dat uit het feit dat sprake is van specifieke omstandigheden (waaronder het feit dat de inschrijving op drie manieren moest worden ingediend). Op grond hiervan ben ik van mening dat de titel “Storing bij TenderNed leidt niet altijd tot ongeldigheid inschrijving” wel degelijk zorgvuldig is gekozen.
Door Diederik Heij (Adviseur TenderNed) op
De titel boven het artikel is niet erg zorgvuldig. In de uitspraak wordt gesteld, dat er juist geen sprake was van een storing. Haskoning heeft dit in haar bezwaar wel geopperd, maar onterecht, zo stelt de rechtbank.
Haskoning is in deze aanbesteding vergeten de inschrijving te verzenden naar de digitale kluis. Dat maakt de uitspraak zo interessant. Omdat RWS de inschrijving ook op papier en op USB-stick had gevraagd (en die had Haskoning wel correct verstuurd) vindt de rechtbank het disproportioneel om Haskoning uit te sluiten op basis van het niet indienen van de inschrijving via TenderNed.

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding