of 59045 LinkedIn

Planschade onder de Omgevingswet

Reageer

Afbeeldingmr. W.E.M. Klostermann (Wim)

 

De Minister van Infrastructuur en Milieu heeft in haar brief van 19 mei 2016 (Kamerstukken II 2015/16, 33 962, nr. 185) de contouren geschetst van de wijzigingen die de regering voornemens is in te voeren rond het planschaderecht bij inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet.

Deze wijzigingen zien er globaal als volgt uit:

Anders dan onder het huidige recht, kan een tegemoetkoming voor indirecte planschade (schade die ontstaat doordat op percelen in de omgeving, niet zijnde het perceel van de aanvrager, wijzigingen optreden in de ruimtelijke mogelijkheden), pas aangevraagd worden indien de betreffende nieuwe mogelijkheid daadwerkelijk wordt gebruikt. Op dit moment kan al een vergoeding worden gevraagd lang voordat de mogelijkheid daadwerkelijk is gebruikt en terwijl ook nog onzeker is of de nieuwe mogelijkheid wel wordt gebruikt. Het huidige recht staat daarmee volgens de Minister in de weg aan het opstellen van globale bestemmingsplannen. Het is volgens de Minister ook niet redelijk dat schade wordt vergoed die feitelijk niet wordt geleden.

 

De regeling wil ook wettelijk voorzien in de mogelijkheid om niet gebruikte bestemmingen weg te bestemmen zonder dat er aanspraak ontstaat op schadevergoeding. Overigens is een dergelijk resultaat nu ook al wel te bereiken via een beroep op voorzienbaarheid.

 

In het huidige planschaderecht heeft degene die schade lijdt een eigen risico van tenminste 2% van de waarde van zijn perceel, als het om indirecte schade gaat. De regering wil dat verhogen naar 5%. Het gaat hier om het zg. ‘normaal maatschappelijk risico’ dat zich veranderingen kunnen voordoen. Het wordt redelijk geacht dat de burger een deel van het nadeel dat daardoor ontstaat, en dus een steeds groter deel, voor zijn eigen rekening neemt.

 

In de genoemde brief van de Minister wordt ook vermeld dat zij niets ziet in een regeling voor zg. ‘schaduwschade’,  d.w.z. schade die ontstaat en optreedt doordat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling wordt aangekondigd zonder dat deze al is vastgesteld. Bijvoorbeeld: de eigenaar van een woning verneemt het voornemen om tegenover zijn woning met vrij uitzicht nieuwe woningen te gaan realiseren. Hij verkoopt zijn woning vóór de nieuwe mogelijkheid in werking is getreden. Hij lijdt dan geen schade als gevolg van het nieuwe bestemmingsplan. Dat nieuwe plan heeft echter wel zijn schaduw vooruit geworpen, want zijn koper zal in de prijsbepaling rekening houden met het (gaan) wegvallen van vrij uitzicht. Ook onder het huidige recht is er geen mogelijkheid om schaduwschade te vragen, maar in de praktijk is vaak opgemerkt dat burgers daarmee ten onrechte met schade opgezadeld blijven zitten. Die kritiek lijkt mij nog steeds overeind te staan. De Minister gaat daarin echter niet mee.

 

Meer informatie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mr. W.E.M. Klostermann (Wim) | T: 038 425 92 49 | M: 06 51 59 73 10 | E: wim.klostermann@nysingh.nl

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding