of 59054 LinkedIn

Onrechtmatig handelen gemeente wegens afzien van hoger beroep?

Reageer

Afbeeldingmr. B. Veldman (Brigitte)

 

Gerechtshof Amsterdam 28 juli 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:3066

In deze procedure heeft het hof Amsterdam geoordeeld dat de gemeente Amsterdam (hierna: de gemeente) niet onrechtmatig heeft gehandeld door geen hoger beroep in te stellen tegen een voor haar ongunstige uitspraak van de bestuursrechter. Evenmin heeft de gemeente onrechtmatig gehandeld door uitvoering te geven aan dat vonnis. Dat het vonnis uiteindelijk door de hogere bestuursrechter is vernietigd, leidt volgens het hof niet tot een ander oordeel over de aansprakelijkheid van de gemeente uit onrechtmatige daad.

De feiten
De gemeente heeft aan appellanten in de onderhavige procedure een garagevergunning verleend voor het parkeren van twee personenauto’s. De bewoner van het pand boven de betreffende garage heeft de gemeente vervolgens verzocht de vergunning in te trekken en handhavend op te treden tegen het gebruik van de garage. De gemeente heeft die verzoeken afgewezen en de daartegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

 

De bewoner heeft het hierbij niet laten zitten en heeft beroep ingesteld bij de rechtbank, sector bestuursrecht. De rechtbank heeft bij uitspraak van 5 juli 2011 de garagevergunning ingetrokken, aan de gemeente opgedragen binnen zes weken na bekendmaking van de uitspraak tot handhaving ter zake van het gebruik van de garage over te gaan en bepaald dat de gemeente een dwangsom verbeurt voor iedere dag dat appellanten niet aan de last zouden voldoen, met een maximum van € 50.000.

 

De gemeente heeft uitvoering gegeven aan het vonnis van de bestuursrechter en appellanten gelast het gebruik van de garage te beëindigen en beëindigd te houden, onder oplegging van een dwangsom indien niet aan de last werd voldaan.

 

Appellanten zijn van de uitspraak van de rechtbank van 5 juli 2011 in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling). De gemeente heeft geen hoger beroep ingesteld. De Afdeling heeft op 3 oktober 2012 uitspraak gedaan, waarbij zij het hoger beroep gegrond heeft verklaard en het besluit van de gemeente, waarbij de last onder dwangsom is opgelegd, heeft vernietigd.

 

Onrechtmatig handelen gemeente?
In de onderhavige civiele procedure vorderen appellanten allereerst dat voor recht wordt verklaard dat de gemeente onrechtmatig heeft gehandeld door (a) geen hoger beroep in te stellen tegen de uitspraak van de rechtbank van 5 juli 2011, dan wel (b) aan appellanten een last onder dwangsom op te leggen. Tevens hebben appellanten betaling van schadevergoeding gevorderd.

 

In eerste aanleg heeft de rechtbank de vorderingen van appellanten afgewezen. Ten aanzien van de onder (a) gevraagde verklaring voor recht heeft de rechtbank het volgende overwogen:

“Voorop staat dat het een partij (derhalve ook een overheidsinstantie) bij een procedure vrij staat om niet tegen een voor hem ongunstige uitspraak in hoger beroep te gaan. In zijn algemeenheid is dan ook onjuist de stelling van [appellanten] dat van een behoorlijk functionerende overheid mag worden verwacht dat ze niet berust in een uitspraak waarvan zij weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat deze juridisch onjuist is. Desondanks kan het niet instellen van hoger beroep onder omstandigheden onrechtmatig zijn, bijvoorbeeld indien het Stadsdeel de bevoegdheid daarvan af te zien heeft misbruikt”.

 

Uit de overwegingen van de rechtbank valt af te leiden dat misbruik van bevoegdheid zou kunnen worden aangenomen, indien de gemeente in het vonnis van de rechtbank zou hebben berust met het doel om onder de reeds verleende parkeervergunning uit te komen. Nu dat volgens de rechtbank niet aan de orde is, is zij tot de conclusie gekomen dat de gemeente kon en mocht afzien van het instellen van hoger beroep en dat zij hierdoor niet onrechtmatig jegens appellanten heeft gehandeld. Het hof onderschrijft dit oordeel van de rechtbank.

 

Ten aanzien van de onder (b) gevraagde verklaring voor recht overweegt het hof dat het vonnis van de rechtbank geen bevoegdheid maar een verplichting tot handhaving schiep. Omdat de gemeente met betrekking tot de last onder dwangsom geen keuzevrijheid had, maar voldeed aan een (met dwangsom versterkte) verplichting, kan haar van dat handelen geen verwijt worden gemaakt. Ook niet nu de uitspraak die haar verplichtte tot handhaving door de hogere rechter is vernietigd. Dat appellanten niets hebben kunnen doen om hun (eventuele) schade te beperken, kan naar het oordeel van het hof niet leiden tot een ander oordeel over de aansprakelijkheid van de gemeente uit onrechtmatige daad.

 

Tot slot
Uit dit arrest kan worden afgeleid dat de gemeente pas onrechtmatig handelen kan worden verweten wegens het afzien van het instellen van hoger beroep tegen een voor haar ongunstig vonnis, indien zij misbruik maakt van die bevoegdheid. De uitvoering van dat vonnis levert evenmin onrechtmatig handelen van de gemeente op, nu dat een verplichting tot handhaving schept. Dat het vonnis uiteindelijk door de hogere rechter is vernietigd, maakt dat niet anders.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding