of 59045 LinkedIn

Eindrapport naar grip op ICT

1 reactie

Afbeeldingmr. I.J. van den Berge (Ingrid)

 

Parlementair onderzoek naar ICT-projecten bij de Overheid

Op 15 oktober jl. presenteerde de tijdelijke commissie ICT haar eindrapport (TK 2014-2015, 33 326 nrs. 4 t/m 6.). In dit rapport wordt mede op basis van een aantal praktijkcases, zoals het hiervoor genoemde UWV-dossier, geconcludeerd dat de rijksoverheid een deel van haar ICT-projecten niet op orde heeft, waardoor onnodig belastinggeld wordt verspild.

De belangrijkste aanbeveling die de commissie doet om orde in deze chaos te brengen is de oprichting van een tijdelijke ICT-autoriteit: het BIT (Bureau ICT-toetsing), dat zou moeten worden opgehangen aan het ministerie van Algemene Zaken. Gedurende een periode van 5 jaar zou het BIT alle projecten van de rijksoverheid boven de € 5 mio. waarbij de ICT-component een belangrijke rol speelt moeten toetsen aan de hand van tien basisregels. Deze regels zouden ervoor moeten zorgen dat goed wordt nagedacht over het hoe en waarom van een ICT-project, vóórdat het van start gaat.

Ook merkt de commissie op dat de relatie tussen de rijksoverheid en haar leveranciers onvolwassen is en perverse prikkels bevat. De rijksoverheid denkt, ondanks haar gebrek aan ICT-kennis, het vaak beter te weten dan de markt. Zij geeft leveranciers tijdens aanbestedingstrajecten zelden de kans om zelf met ideeën of oplossingen te komen. Er wordt vaak zeer specifiek aanbesteed en aanbestedingstrajecten zijn lang en voor de leverancier kostbaar, waarbij er te veel nadruk op de prijs wordt gelegd. Leveranciers zouden opdrachten die onmogelijk zijn moeten weigeren door ofwel geen offerte uit te brengen ofwel de onhaalbaarheid te melden bij de opdrachtgever en het BIT. De aanbestedingstrajecten van de rijksoverheid bevatten daarvoor echter onvoldoende stimulansen. Daardoor gaan belangen die eigenlijk behoren samen te vallen in de aanbesteding- en gunningsfase, juist uiteen lopen. Om bij zulke uiteenlopende belangen te verwachten dat leveranciers handelen in het belang van de rijksoverheid, is volgens de commissie zoiets als een vos vragen om op kippen te passen.

De commissie merkt verder op dat zij door velen is gewezen op de beperkingen die de strikte aanbestedingsregels zouden opleggen aan de rijksoverheid. Zij constateert echter dat er vooral te weinig gebruik gemaakt wordt van de ruimte die de aanbestedingsregels wel degelijk bieden.
 
Daarom doet de commissie in dit verband een aantal aanbevelingen: 

 

  1. Verplicht de rijksoverheid om voor en/of tijdens aanbestedingstrajecten altijd te overleggen met de markt en zorg dat deze verplichting wordt opgenomen in de Aanbestedingswet;
  2. Verplicht functioneel aanbesteden, tenzij de opdrachtgever kan uitleggen waarom dat bij een specifiek project nadelig zou zijn, en leg deze verplichting vast in de Aanbestedingswet; 
  3. ‘Past performance’ van leveranciers zal voortaan worden meegewogen in de beoordeling van aanbiedingen, welke mogelijkheid de nieuwe aanbestedingsrichtlijnen bieden; stel dit dan ook verplicht in de Aanbestedingswet; 
  4. Stel een gedragscode op voor ICT-leveranciers; elke leverancier die inschrijft op een aanbesteding ondertekent deze gedragscode; 
  5. Zoek de mogelijkheden op van de Aanbestedingswet, kijk niet alleen naar wat niet kan, maar vooral naar wat wel kan; mogelijk verplichte toepassing van de concurrentiegerichte dialoog door rijksoverheid bij ICT-aanbestedingen; kijk ook naar andere manieren van aanbesteden, zoals prestatie-inkoop.

 

Een aantal daarvan zijn zeker de moeite waard voor de wetgever om mee te nemen in zijn afweging welke implementatieopties uit de nieuwe aanbestedingsrichtlijnen wèl en niet zouden moeten worden overgenomen in de aan te passen Aanbestedingswet 2012.
 
Overigens kan de vraag worden gesteld of de bevindingen van de commissie op gelijke voet gelden voor ICT-projecten van decentrale overheden. Commissievoorzitter Elias merkte daar tijdens de presentatie van het rapport over op dat het hem zou verbazen als onder gemeenten op het vlak van ICT alles in orde is, terwijl er bij de rijksoverheid zoveel aan de hand is.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Gerwin Woelders (Business Consultant Overheid bij Everest) op
BIT is een redelijke en passende overheidsoplossing zou je denken. Volgens de commissie Elias wordt het BIT een orgaan dat voldoende macht krijgt en bovenal niet bureaucratisch is. Maar leidt elke extra stap in een project niet juist tot bureaucratie? Ik pleit daarom voor een lab, waarin overheids- en ICT-experts van verschillende ICT-ondernemingen in een vroeg stadium laten zien wat passend is.

Om een passende oplossing in het lab te ontwikkelen moet elke overheidsdienst helder hebben wat de dienst moet opleveren. Een dergelijk lab zorgt voor de ideale omgeving waarin ICT-leveranciers niet meer top-down moeten voldoen aan ellenlange aanbestedingseisen, maar ook dat zij proactief advies kunnen geven over de meest passende oplossing. Hierdoor wordt kennis van beide werelden, voorafgaand aan de start van een project, samengesmolten en optimaal benut. De keuze in leveranciers wordt gemaakt op basis van (bewezen) kennis en kunde in plaats van mooie beloftes. Dat beperkt de kans op mislukking van een project. Deze kennisdeling zal Elias overigens als muziek in de oren moeten klinken, aangezien hij zich beklaagde over het kennisniveau van ICT binnen de overheid. De kennis is er, benut deze dan ook!

Hoe het eigenlijk staat met de digitale dienstverlening van de overheid is onlangs onderzocht. Wellicht interessant om te lezen: http://www.everest.nl/burgeronderzoek2014

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding