of 59232 LinkedIn

Bij digitaal procederen blijft het procesrecht onverkort van kracht

Reageer

Afbeeldingmr. M.J. Tunnissen (Mark)

Hoewel het de bedoeling was om vanaf 1 april 2017 in de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland civiele zaken langs digitale weg af te handelen, is op 15 februari jl. bekend geworden dat het verplicht digitaal procederen opnieuw is uitgesteld, omdat de techniek nog niet op orde is. Het gevolg van dit uitstel is dat ook het verplicht digitaal procederen voor de rest van Nederland op een later moment wordt ingevoerd. Het landelijk verplicht digitaal procederen voor civiele zaken volgt namelijk vijf maanden na Gelderland en Midden-Nederland.

Mag het verplicht digitaal procederen dan nog even op zich laten wachten, in het bestuursrecht wordt op dit moment al de nodige ervaring opgedaan met het vrijwillig digitaal procederen. Maken partijen de keuze om vrijwillig digitaal te procederen, dan blijft het procesrecht onverkort van kracht, zo blijkt uit een uitspraak van de rechtbank Den Haag van 8 februari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:1160.

 

De rechtbank overweegt samenvattend dat door de deugdelijk onderbouwde stelling van eiseres er sprake moet zijn geweest van technische mankementen in het digitale dossier doordat een herstelverzuimbrief van de rechtbank, waarbij de gelegenheid is geboden om de gronden van beroep in te dienen, niet zichtbaar is geweest in het digitale systeem van haar gemachtigde en dat de bijbehorende notificatie per e-mail nimmer is ontvangen, de rechtbank een technisch onderzoek heeft laten verrichten bij wijze van deskundigenbericht. Een veroordeling in de kosten van dit onderzoek is achterwege gebleven, omdat sprake is van een serieus en onderbouwd standpunt van eiseres en de rechtspraak thans groot belang heeft bij het vaststellen of de digitale procedure foutloos functioneert en dit mede ten grondslag heeft gelegen aan de beslissing om nader onderzoek te gelasten. Omdat uit dit onderzoek blijkt dat elke stap in deze digitale procedure foutloos is verlopen, ligt de bewijslast bij eiseres als zij stelt dat desondanks in haar (toegang tot de) digitale werkomgeving van de rechtspraak sprake is van gebreken, zoals het niet zichtbaar zijn van stukken, aldus de rechtbank. Eiseres heeft haar stelling na kennisneming van de resultaten van het technisch onderzoek niet nader onderbouwd.

 

Eiseres had aangevoerd dat indien door de rechtbank tot termijnoverschrijding van de ingediende beroepsgronden wordt geconcludeerd, dit verschoonbaar moet worden geacht. De rechtbank verwerpt deze stelling. Het gegeven dat digitaal procederen thans nog niet verplicht is brengt naar het oordeel van rechtbank niet met zich dat wettelijke termijnen niet langer gelden. Als er door partijen wordt gekozen voor digitaal procederen, dan blijft het procesrecht onverkort van kracht. Gebrek aan ervaring met of kennis van digitaal procederen komt voor rekening van de gemachtigde. Ook de stelling dat eiseres er niets aan kan doen dat op het kantoor van haar gemachtigde het digitale dossier niet goed is bestudeerd, de termijnen niet zijn bewaakt of de digitale randapparatuur of internetverbinding niet van voldoende kwaliteit zijn, komt voor rekening en risico van eiseres. De rechtbank acht de termijnoverschrijding dan ook niet verschoonbaar en concludeert tot niet-ontvankelijkheid.

 

De uitspraak illustreert dat partijen (ook) bij digitaal procederen nauwlettend in de gaten moeten houden of er stukken aan het digitale procesdossier zijn toegevoegd en dat als er wordt gekozen voor digitaal procederen, het procesrecht onverkort van kracht blijft.

 

Meer informatie

Neem voor meer informatie contact op met mr. Mark Tunnissen, E: mark.tunnissen@nysingh.nl | M: 06 12 64 52 14

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding