of 59142 LinkedIn

Aansprakelijkheid overheid voor strafvorderlijk optreden

Reageer

Afbeeldingmr. E.P. Ceulen (Esther)

 

Hoge Raad 13 september 2013, ECLI:NL:HR: 2013:BZ7396

Is bij rechtmatig strafvorderlijk optreden in de woning van de verdachte sprake van een vergoedingsplicht jegens het inwonende gezin?

In geval van strafvorderlijk optreden door politie en justitie rijst met een zekere regelmaat de vraag of, en in hoeverre, de overheid aansprakelijk is indien een gewezen verdachte of een derde de stelling inneemt dat dientengevolge schade is ontstaan. Zo ook in de procedure die na verwijzing door de Hoge Raad resulteerde in het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 28 oktober 2014 ECLI:NL:GHAMS:2014:4600. Het arrest van dit hof volgde op het arrest van de Hoge Raad van 13 september 2013 ECLI:NL:HR: 2013:BZ7396. De Hoge Raad had het arrest van het Gerechtshof Den Haag dat zich eerder over de kwestie had gebogen vernietigd en de zaak terugverwezen naar het Gerechtshof Amsterdam.

 

De feiten
Het ging in deze procedure om het volgende. Twee wachtmeesters van de Koninklijke Marechaussee zagen in 2004 een man met een auto rijden op het Buitenhof te Den Haag. In de auto zat een bijrijder die video-opnamen maakte. De verbalisanten stopten de auto en bekeken de beelden. Zij troffen beelden van de Amerikaanse ambassade aan. Daarop volgde een opsporingsonderzoek wegens verdenking van voorbereidingshandelingen voor een terroristische aanslag. Twee dagen later werd de woning van de verdachte door het arrestatieteam doorzocht. In de woning bevonden zich op dat moment de verdachte, diens vrouw en hun één jaar oude zoon. De vrouw was in verwachting en kreeg kort na de inval een miskraam.

 

In de woning werd een videoband aangetroffen die in beslag werd genomen. Op deze band was propagandamateriaal tegen het koningshuis van Saoedi-Arabië en de Verenigde Staten te zien. Daarnaast waren fragmenten van gesprekken met Osama Bin Laden en personen die een zelfmoordaanslag wilden gaan plegen, te zien. In de woning werden diverse wapens, munitie en een kogelwerend vest aangetroffen.

 

De verdachte verbleef ongeveer drie maanden in voorarrest en werd door het Openbaar Ministerie uiteindelijk niet vervolgd voor het voorbereiden van een terroristische aanslag.

 

Het oordeel van de rechtbank en het hof
De gewezen verdachte en zijn vrouw vorderden bij de civiele rechter te verklaren voor recht dat de Staat jegens de vrouw en het kind onrechtmatig had gehandeld. De rechtbank wees de vorderingen af omdat het strafvorderlijk optreden niet onrechtmatig was. De inzet van het arrestatieteam en de doorzoeking voldeden aan de geschreven en ongeschreven regels van het strafprocesrecht. Volgens de rechtbank kwam aan de vrouw en het kind – aan te merken als derden – ook geen vordering toe vanwege schending van het gelijkheidsbeginsel.

 

Eén van de verschijningsvormen van het gelijkheidsbeginsel is de regel dat de onevenredig nadelige – buiten het normale maatschappelijke risico of normale bedrijfsrisico vallende, en op een beperkte groep burgers of instellingen drukkende – gevolgen van een overheidshandeling of overheidsbesluit, niet ten laste van die beperkte groep behoren te komen, maar gelijkelijk over de gemeenschap dienen te worden verdeeld. Indien rechtmatig overheidshandelen bij een schuldloze derde onevenredige schade teweegbrengt, is dat jegens de getroffene onrechtmatig (Hoge Raad 20 maart 2001, NJ 2003, 615 Staat/Lavrijsen en Hoge Raad 17 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO7887, NJ 2005/392)).

 

Volgens de rechtbank was er geen sprake van onevenredig nadelige gevolgen van het optreden van politie en justitie die niet ten laste van een beperkte groep medebewoners dienden te komen. Levenspartners en inwonende kinderen van een verdachte hebben volgens de rechtbank te aanvaarden dat in hun woning op rechtmatige gronden proportionele strafrechtelijke dwangmiddelen worden toegepast waardoor zij zelf schade lijden. Het eerste hof bekrachtigde dit vonnis. In aanvulling op het oordeel van de rechtbank overwoog het hof dat met name de intieme band tussen de vrouw, het kind en de toenmalige verdachte met zich brengt dat de vrouw en het kind niet kunnen worden aangemerkt als zogenaamde willekeurige derden. De Hoge Raad vernietigde dit oordeel.

 

Het arrest van de Hoge Raad
Of in een specifiek geval de gevolgen van een overheidshandeling onevenredig nadelig zijn voor een derde moet volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad (zie hiervoor) immers worden beantwoord met inachtneming van alle omstandigheden van het geval. Van belang kunnen zijn i) de aard van de overheidshandeling, ii) het gewicht van het daarmee gediende belang, iii) de voorzienbaarheid van de handeling en de gevolgen daarvan voor de benadeelde en iv) de aard en omvang van de toegebrachte schade. Als op basis van weging van deze omstandigheden de conclusie moet zijn dat de overheid aansprakelijk is, dient vervolgens te worden onderzocht of de op de overheid rustende vergoedingsplicht op grond van art. 6:101 BW moet worden verminderd of geheel moet vervallen. Dat kan het geval zijn als de schade mede een gevolg is van een omstandigheid die aan de benadeelde kan worden toegerekend. Zo heeft de lagere rechter al een aantal keren uitgemaakt dat de schade voor rekening en risico van de derde dient te blijven als deze betrokken is geweest bij het strafbare feit, maar ook als de derde wist of behoorde te weten dat zijn woning voor strafbare feiten werd gebruikt.

 

De Hoge Raad overwoog in cassatie dat het enkele feit dat de benadeelden de levenspartner en het inwonende kind van de verdachte zijn en dat er sprake is van een intieme band onvoldoende is om op de in de rechtspraak ontwikkelde rechtsregel een uitzondering te maken.

 

Het arrest van het hof na verwijzing door de Hoge Raad
Na verwijzing heeft het tweede hof er in haar motivering duidelijk blijk van gegeven dat het – anders dan het eerste hof had gedaan – wel alle omstandigheden van het geval had meegewogen. Zo kent het hof groot gewicht toe aan het feit dat het hier ging om een rechtmatige binnentreding en doorzoeking van een woning ter aanhouding van een mogelijk gewapende verdachte en een verdenking van voorbereidingshandelingen voor het plegen van een terroristische aanslag. Het hof heeft geen aanleiding om aan te nemen dat de vrouw, laat staan het kind, had moeten weten of vermoeden dat de woning van haar man onder verdenking zou kunnen komen te staan. Desondanks oordeelt het hof dat in dit geval geen sprake is van een willekeurige derde. Ook als geabstraheerd wordt van de intieme band tussen de man, de vrouw en het kind staat buiten kijf dat het de echtelijke woning was waarnaar de verdenking voerde en dat was niet het gevolg van een fout of toeval. Dat laatste zou volgens het hof bijvoorbeeld anders kunnen zijn als een voortvluchtige verdachte bij toeval de woning zou zijn binnengevlucht.

 

Volgens het hof komt in het kader van de beoordeling van de aansprakelijkheid aan de aard en omvang van de toegebrachte schade in dit geval slechts beperkte betekenis toe. Uit de in de procedure gebrachte informatie over de geestelijke gesteldheid van de ouders en het kind bleek volgens het hof namelijk onvoldoende dat de binnentreding en de doorzoeking van de woning de ernstige psychische schade teweeg hadden gebracht. De gedateerde verslagen maakten ook melding van klachten die niet zijn terug te voeren op de binnentreding en doorzoeking.

 

Het hof wees de vordering van de vrouw en het kind opnieuw af. Uit dit arrest kan worden opgemaakt dat als de verdenking van een persoon naar de echtelijke woning leidt en daar vervolgens een inval en een doorzoeking plaatsvindt, de inwoners van die woning niet met een beroep op schending van het gelijkheidsbeginsel hun schade vergoed kunnen krijgen. Dat kan anders zijn op het moment dat de verdenking naar de woning voert vanwege een fout of toeval.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding