Volg ons op: , LinkedIn of

Kijk snel bij: Abonnementen Vacatures BB Magazine

'Het was een soort prijsschieten'

Bert Vuijsje 0 reacties
'De gemeenteraad was het maar op twee momenten eens: bij mijn benoeming en bij mijn vertrek. Maar volgens mij slaan ze mekaar nu weer de hersens in.' Alex Bolhuis (56) blikt terug op zijn burgemeesterschap van Raalte.

Een jaar later

 

Alex Bolhuis was nog geen jaar burgemeester van Raalte, toen hij in augustus 2006 in botsing kwam met de gemeenteraad. Een relletje over e-mails die onder pseudoniem vanuit zijn huis waren verstuurd en commentaar gaven op lokale bestuurlijke aangelegenheden, leidde tot zijn vertrek uit de probleemrijke Overijsselse gemeente. 

 

Alex Bolhuis: 'Ik had altijd gezegd dat het burgemeesterschap mij niet interessant leek. Je wordt gezien als een Sinterklaasopvanger, een bedrijvenopener, feliciteerder van honderdjarigen - zo heb ik het zelf ook altijd gezien. Dat vind ik echt te weinig resultaat om mijn bestaan op te bouwen. Ik wilde alleen burgemeester zijn als ik wat kon betekenen. In de eerste interviews die ik gaf als burgemeester van Raalte, heb ik ook gezegd: "Ik ben de best betaalde ambtenaar van de gemeente, ik wil over een jaar terug kunnen kijken en kunnen zeggen: ik heb dat geld dik waar gemaakt voor de bevolking."

 

'Ik hoefde niet. Ik ben de vijftig voorbij, ik heb een kleine elf jaar als wethouder in Apeldoorn gezeten, dus tot mijn 65ste is mijn inkomen veilig gesteld. Er was dus geen enkele reden om voor hetzelfde inkomen of minder in Raalte te gaan werken. Maar ik vind het leuk om iets te doen waar een uitdaging in zit. Raalte stond in Overijssel bekend als een gemeente met een waslijst van problemen. De discussie over het SP-raadslid dat de geheimhoudingsplicht had geschonden. De discussie over het woonhuis van de toenmalige burgemeester. De discussie over de woning van de commissaris van de koningin. Het vertrek van de gemeentesecretaris. Noem ze maar op, het was er allemaal voor mijn tijd al.

 

'Er lagen toezeggingen van de gemeenteraad en van een college van B en W van meer dan twintig jaar terug, die ze nog nooit hadden ingevuld. Bijvoorbeeld toezeggingen aan bedrijven voor het aanpassen van een parkeerplek. In de raad maakte men elkaar uit voor rotte vis. Men begon ook rustig zes keer over hetzelfde onderwerp. De onkostenvergoedingen voor raadsleden waren geheel in strijd met de wet. Raadsleden hadden geen toegang tot het gemeentehuis; ze mochten alleen in de raadszaal en in hun eigen kamers komen. Ze kregen geen complete verslagen van B en W-vergaderingen, alleen datgene wat het college zelf goed vond dat ze te weten kwamen. Het was te gek voor woorden.

 

'De raad had een profielschets voor de nieuwe burgemeester gemaakt die duidelijk het beeld gaf: we willen graag dat er iemand aan die kar komt trekken. In de vertrouwenscommissie werd dat beeld bevestigd. Ik heb dat, achteraf gezien, fout ingeschat. Ik had moeten voelen dat men dat allemaal wel zei, maar dat het niet waar was. Dat verwijt ik mezelf. Toen de voorzitter van de vertrouwenscommissie mij belde met de mededeling dat ik unaniem één op de voordracht stond, vroeg hij: "Je neemt het toch wel aan, hè?"

 

Ik kwam thuis en zei tegen mijn vrouw: "Hij zei zoiets geks." Dat had bij mij alle lampen op rood moeten zetten. 'Ik heb nog nooit één raadsvergadering gehad dat ze het allemaal eens waren. Alleen op twee momenten: bij mijn benoeming en bij mijn vertrek. Maar die eensgezindheid was daarna ook meteen afgelopen. Volgens mij slaan ze mekaar nu weer de hersens in.'

 

Overzichtelijk

 

'Ik heb de zaak van die e-mails nooit als de ware reden van het conflict gezien. Die kwestie lag volgens mij heel overzichtelijk. Er waren e-mails vanaf mijn IP-adres op een forum gezet, en de enige vraag die mij in eerste instantie werd gesteld, was: heb jij die berichten achtergelaten? Mijn antwoord daarop was: nee, ik ben het niet geweest en mijn echtgenote ook niet. Vervolgens heb ik achterhaald wie die berichten wél had verstuurd. Het was iemand die hier in huis was, die ik ken. Ik heb met die persoon afgesproken dat ik daarover verder geen mededelingen zou doen. Dat heb ik toen niet gedaan en dat doe ik vandaag ook niet. Omdat ik dat niet relevant vind. Die ander heeft niet de verantwoordelijkheid die ik heb, dus waarom zou ik de naam van die ander moeten melden?

 

'Ik heb gezegd dat ik het betreurenswaardig vond; dat is helder. Maar ik ging ervan uit, dat als een burgemeester zegt: ik was het niet - dat je de discussie dan redelijk snel zou kunnen sluiten. Wat is er voor reden om mij niet te geloven?

 

'Het ging volgens mij om veel principiëler vragen dan die e-mails. Het ging over: wie bepaalt wat in deze gemeente? En dan niet in politieke zin, want die besluitvorming ligt altijd bij de gemeenteraad, en daar hoort-ie ook te liggen. Maar die burgemeester ontneemt ons gewoon het woord als we voor de vierde keer beginnen. Dat maken we zelf wel uit. Die burgemeester zegt gewoon: we hebben hier in dit land een democratisch systeem en u dient zich aan de wet te houden. Een aantal raadsleden dacht dat dat niet hoefde. Maar regels zijn regels. Die gelden voor mij, die gelden voor een ander ook.

 

'Een AR-burgemeester van huis uit, dat is een kritisch mens. En dat heeft men volgens mij niet altijd gewaardeerd. In hun profielschets zochten ze een burgemeester die niet in de lijn lag van de standaard-burgemeesters die we kennen. Maar het ging nu eigenlijk een beetje te snel de goede kant op. Een CDA-burgemeester die zich niet bindt aan de CDA-fractie. Een rechtgeaarde protestant in een katholieke gemeente. Ik heb het ervaren als: hier wordt een positie gekozen dat de burgemeester weer in een soort afhankelijkheidsrelatie moet worden gebracht, want hij is te onafhankelijk. Hij kiest echt voor het belang van de gemeente en niet voor ons. En wij willen als gemeenteraad de duim kunnen zetten op een burgemeester.'

 

Afrekenen

 

'Je voelt opeens de stemming omslaan. Je voelt dat mensen denken: ha, nu hebben we wat. Het standpunt van de raad wordt: afrekenen. In de raadsvergadering van 24 augustus 2006 heeft geen gesprek of discussie plaatsgevonden. Ik heb een verklaring afgelegd waarin ik zei dat ik de kwestie van die e-mails betreurde en dat ik aan iedereen mijn excuses aanbood. Toen heeft één woordvoerder van de hele raad vier vragen of zo gesteld. Daar heb ik op gereageerd, daarna is er een schorsing geweest, en vervolgens hebben ze gezegd: nou, tot ziens. Ik vat het maar in mijn woorden samen.

 

'Ik heb steeds aangegeven: ik wil wel terugkomen, gewoon als burgemeester in Raalte. Ik zag het allemaal als onderdeel van het saneringsproces dat Raalte moet doorlopen. De commissaris van de koningin had volgens mij ook tegen die raadsleden kunnen zeggen: het spijt me wel, maar ik vind het niet zwaarwegend genoeg, ik ga de minister niet adviseren om te ontheffen.

 

'Achteraf denk ik dat de commissaris dacht: ik moet zo gauw mogelijk van Raalte af. Hij had anderhalf jaar daarvoor zelf dat privé-akkefietje met de gemeente Raalte gehad. Hij wilde er een huis bouwen op een mooi terrein, het college had ja gezegd, en vervolgens riep de gemeenteraad: dat kan helemaal niet. Het had hem veel geld gekost, hij had plannen laten maken, tekeningen, en vervolgens ging het allemaal niet door. Dus ik vind het niet onbegrijpelijk dat de commissaris niet opnieuw gezeur met Raalte wilde.

 

'Het heeft tot 1 april 2007 geduurd voor ik uiteindelijk eervol werd ontslagen. Ik kan mij voorstellen dat iemand dat ervaart als een zwaard van Damocles dat een half jaar boven je hoofd hangt. Als er echt noodzaak is, als je een gezin moet onderhouden, met studerende kinderen, dan is de wereld toch iets anders. In mijn geval is dat niet zo. Alles wat ik de laatste jaren heb gedaan, deed ik steeds vanuit een hoge mate van onafhankelijkheid, niet vanuit een dwingende noodzaak.

 

'De vraag is wel of mijn eervol ontslag is verleend volgens de juridische procedures die daarvoor staan. In de periode tussen augustus en december 2006 waren er bepaalde momenten dat de gemeenteraad van Raalte volgens de wet bepaalde besluiten had moeten nemen, en dat is niet gebeurd. Die discussie loopt nog. Ik kan het zelf juridisch niet goed beoordelen, maar mijn advocaat vindt het een interessante casus. Als de ambtenarenrechter aan het eind van de rit zegt dat ik gelijk heb, dan wordt het kroonontslag nietig verklaard, en dan begint alles weer overnieuw.

 

'Ik zou dat niet erg vinden. Ik had een kroonbenoeming voor zes jaar in Raalte en ik moest na een jaar weg omdat de gemeenteraad dat blijkbaar wilde. Niet vanwege een strafbaar feit of enig onderzoek, maar gewoon... Een soort prijsschieten. Dus waarom zou de gemeente Apeldoorn mijn wachtgeld moeten financieren, op grond van mijn langdurige wethouderschap, als dat eigenlijk de gemeente Raalte zou moeten zijn? Daar ligt toch de eerste verantwoordelijkheid.'

 

Geen kans

 

'Natuurlijk is het allemaal geen pluim op je werk. Ik heb niet de kans gekregen om in Raalte te doen wat ik dacht dat zou moeten gebeuren om Raalte vooruit te helpen. Dat is dan jammer, dat is uiteraard een teleurstelling. Maar is daarmee het leven afgelopen? Welnee. Ik ben 56 en ik hoef financieel niks meer. Is dat geen bekroning?

 

'Ik doe nog wel wat in het bestuurlijke circuit. Ik ben kroonlid van de Raad voor de financiële verhoudingen. Dus ik adviseer het kabinet en de Eerste en Tweede Kamer over financiële verhoudingen met de overheden. Maar ik heb niet zo'n soort eindeloze push om per se weer op zo'n stoel te zitten.

 

'Er is één ding dat ik achteraf absoluut fout heb gedaan - behalve het besluit om naar Raalte te komen. Dan moet je mijn geval vergelijken met wat Guusje ter Horst als burgemeester van Nijmegen heeft meegemaakt. Zij wordt aangehouden, ze zit met drank achter het stuur. Dat is strafbaar in dit land. Ze heeft, denk ik, dezelfde avond of de volgende ochtend meteen alle fractievoorzitters gebeld, ze bij elkaar geroepen, en het informeel dichtgebreid. Als je dat doet, dan kun je blijven zitten. Sterker nog, dan kun je minister worden.

 

'Als ik mijn positie had willen veiligstellen, dan had ik dat ook moeten doen: de zaak in klein comité vooraf met elkaar bespreken, buiten het publieke debat om. Ook al was er volgens mij eigenlijk niks aan de hand. Maar ik had het idee dat ik mij daarmee afhankelijk zou hebben gemaakt van de fractievoorzitters. Of dat terecht is, is maar de vraag, maar dat was mijn gevoel. Ik wilde die afhankelijkheidspositie niet. Dat is een beetje mijn innerlijke tweestrijd.'

 

Alex Bolhuis werd in 1951 in Sneek geboren. Hij volgde een mts-opleiding elektrotechniek en deed een avondstudie wis- en natuurkunde, maar ging werken in commerciële functies in de telecommunicatie. Van huis uit anti-revolutionair, werd hij in 1986 gemeenteraadslid in Apeldoorn voor het CDA. Van 1990 tot 1992 en van 1994 tot 2001 was hij daar wethouder. In 2001 werd hij landelijk projectleider waterbeheer, in 2004 waarnemend burgemeester van Losser, en in september 2005 burgemeester van Raalte. Daar kwam hij in augustus 2006 in conflict met de gemeenteraad, hetgeen op 1 april 2007 leidde tot zijn eervol ontslag.

 

Print dit artikel
Mail dit artikel
Deel dit artikel op

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Vacatures

Partner Bijdragen

recente bijdragen