of 59045 LinkedIn

‘Grote oren en een grote mond’

Tot zijn benoeming in Zuid-Holland had Jaap Smit (57) nooit een politieke functie bekleed. Nergens wethouder geweest, niet in de Kamer gezeten. Wel lid van het CDA. Hij studeerde theologie, was predikant en zat tien jaar in het bedrijfsleven.

Commissaris van de koning in Zuid-Holland Jaap Smit kwam op geen enkel lijstje voor. Nu moet de voormalige predikant met Rotterdam en Den Haag de strijd aan over de metropoolregio. ‘De metropool ligt in de provincie en niet andersom.’

Vanochtend was hij met koningin Máxima op stap, vanmiddag gaat Jaap Smit naar het Haagse World Forum als haar echtgenoot het eerste exemplaar van de Bijbel in Gewone Taal in ontvangst neemt. Een middag ter leering ende vermaeck ook, waarbij de bezoekers worden geamuseerd met muziek van de formatie Adlicious, theatergroep Aluin een stuk met Bijbelverhalen opvoert en een Bijbelwetenschapper spreekt over de kracht van gewone taal. Misschien dat een andere commissaris van de koning qualitate qua even luistert naar het exposé over gewone taal, maar voor Smit is alles vandaag in het World Forum smullen. En juist níet omdat hij commissaris van de koning is, maar omdat hij jaren predikant is geweest en zo nu en dan nog steeds op de kansel staat.

Tot zijn benoeming in Zuid-Holland had Jaap Smit (57) nooit een politieke functie bekleed. Nergens wethouder geweest, niet in de Kamer gezeten. Wel lid van het CDA. Hij studeerde theologie, was predikant en zat tien jaar in het bedrijfsleven. Toen hij in 2010 voorzitter werd bij het CNV, was Smit een outsider en dat was hij bij zijn benoeming in Zuid-Holland wederom. Iedereen verwachtte een Haagse coryfee.

‘Hiermee hadden de bookmakers geen rekening gehouden’, aldus Smit. ‘Ik stond niet op de lijstjes die rondgingen. Er is mij wel gevraagd: “Hoe ben je dat nou geworden, Jaap?” Ik heb een mooie brief gestuurd waarin ik zei: “U zoekt een nieuwe commissaris, daar zou ik graag met u over praten.” Ik bleek te passen in het profiel van de persoon die men zocht. Daar prijs ik mij gelukkig mee. Als mensen nog niet wisten wie ik was en mij gingen googelen, dan kwamen ze erachter dat ik geen vreemde was in Jeruzalem en een flink aantal dingen had gedaan die mij bekwaam maakten om deze taak op mij te nemen.’

Jaap Smit loopt nu zo’n tien maanden rond in het Provinciehuis aan de Zuid-Hollandlaan, brengt protocollaire bezoeken, zit Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten voor, praat met burgemeesters en selecteert de nieuwkomers. De eerste burgemeester die hij van sollicitatie tot benoeming heeft begeleid, is Carla Breuer (CDA), eerst burgemeester van Werkendam, sinds vorige week van Teylingen.

‘Ik zou meer vrouwelijke burgemeesters willen hebben, maar feit is nu eenmaal dat meer mannen dan vrouwen solliciteren. Gelukkig kom ik in de sollicitatieprocedures goede vrouwelijke kandidaten tegen’, zegt Smit in zijn werkkamer in het Provinciehuis. ‘Ik voel mij bij al die activiteiten helemaal geen outsider. Ik heb gemerkt dat ik veel rollen tegenkom die ik ook op andere podia heb vervuld. Als dominee heb ik een leerschool gehad in het houden van een verhaal en het luisteren naar verhalen. Grote oren en een grote mond. In deze baan moet je van nature belangstelling hebben voor mensen en je gemakkelijk in allerlei kringen kunnen bewegen. Als legerpredikant deed ik dat ook. Ik ontbeet met Jan Soldaat en dineerde met de generaal.’

Olympus
Je moet het leuk vinden om van mensen te horen wat ze doen, wat een bedrijf doet, geeft Smit aan. ‘Geduld opbrengen om te luisteren naar de problemen. Je moet ook verstand hebben van de politiek. In Den Haag heb ik vanuit mijn vakbondstijd zaken gedaan met het kabinet en met de Tweede Kamer. De Haagse politiek en het Provinciehuis waren voor mij geen exotische werelden.’

Een predikant staat heel dicht op de mensen, deelt lief en leed; dan staat hij als commissaris van de koning toch op olympische afstand van die mensen? Jaap Smit: ‘Dat vragen mensen mij ook: “Jaap, dat is toch een enorme overgang?” Dat is niet zo. Je kunt op de Olympus blijven zitten, maar daar kies ik dus niet voor. Ik ben graag op straat. Als ik een klein folkloristisch feest wat extra gewicht kan geven door mijn aanwezigheid, dan doe ik dat, ook als je je qua agenda moet afvragen of dat nu wel de juiste keuze is. Vanmiddag ben ik protocollair aanwezig bij de presentatie van de eerste Bijbel in Gewone Taal. Dat is één van de mooie dingen van mijn werk, maar dat weerhoudt mij er niet van om tussen de bedrijven door in het World Forum met Jan en alleman een praatje te maken.’

Verbinder
Jaap Smits voorganger deed dat vast ook, maar had niet die reputatie. Franssen nam in december vorig jaar in besloten kring afscheid als commissaris omdat hij ‘de laatste jaren niet erg vriendelijk was bejegend door de media’. Een week na Franssens afscheid beëdigde de koning Jaap Smit.

Provinciale Staten vonden dat ze de perfecte commis­saris hadden gevonden in deze oud-predikant, directeur van Slachtofferhulp Nederland en CNV-voorzitter. Benaderbaar, vriendschappelijk, geïnteresseerd. Zuid-Holland haalde met Smit volgens de VVD-voorzitter van de vertrouwenscommissie Floor Vermeulen ook een ‘echte verbinder’ in huis. Dat was Jan Franssen (commissaris van 2000 tot 2013, nu staatsraad bij de Raad van State) op het laatst allerminst.

Smit gaat binnenkort met hem lunchen. Jaap Smit: ‘Ik heb Jan Franssen niet opgezocht na mijn benoeming. Hij zei tegen mij: “Als je mij nodig hebt, dan weet je mij te vinden. Maar het moet wel van jou komen, want ik wil je niet voor de voeten lopen.” Ik heb in mijn carrière ook opvolgers gehad en dat vond ik een heel verstandige houding.’ Draagt Smit de erfenis van Franssen als een last of een lust? ‘Zijn erfenis is veelzijdig. Hij heeft in die dertien jaar heel veel goede dingen tot stand gebracht. Ik heb daar veel respect voor. Ik ben een andere man, dat is zo. Mijn geschiedenis is anders. Ik heb mijn sporen niet in het openbaar bestuur verdiend maar heb veel kanten van de samenleving gezien en geproefd.’

Zuid-Holland kreeg een nieuwe commissaris van de koning, maar de discussie over de provincie als ‘marginale en overbodige bestuurslaag’ en de problematische komst van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag gingen door. Jaap Smit allereerst over de rol van de provincie: ‘We leven in een tijd waarin niets vanzelfsprekend is. Ik ga geen enkele discussie uit de weg over de manier waarop we ons land moeten besturen. Alleen vind ik wél dat we veel te gemakkelijk instituties die ons land prettig en overzichtelijk hebben gemaakt, op dinsdag bij de stoeprand zetten voor het grofvuil. Dat geldt ook voor de provincie, de minst zichtbare bestuurslaag in ons land.’

Balans
Hoe dat komt? ‘Omdat hier niet de waan van de dag regeert. We nemen de tijd om over de langere termijn na te denken. We vergaderen hier wekelijks over een weg die er misschien over tien jaar ligt. Waar leggen we groen aan? Dat doe je niet in een handomdraai. Zijn we daarmee minder waard? Ik vind het juist essentieel dat er een middenbestuur is dat de balans tussen het grote nationale en het kleine lokale bestuur op een goede manier in de gaten houdt.’

Op dat lokale niveau gebeurt er nogal wat in zijn provincie. Rotterdam en Den Haag hebben de aanstaande opheffing van de stadsregio’s aangegrepen om vanaf januari een samenwerkingsverband van 24 gemeenten te beginnen, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Burgemeesters Aboutaleb en Van Aartsen willen ‘vernieuwend besturen’ en blijkbaar is de provincie niet vernieuwend genoeg. Ze hebben met hun bestuurskracht en budget de provincie niet nodig.

Commissaris van de koning Smit: ‘Wij hebben de metropool wel nodig en zij ons ook. Ik heb tegen de burgemeesters van Rotterdam en Den Haag gezegd: “Denk met mij mee over het geheel van Zuid-Holland, zodat we onze krachten kunnen bundelen en de metropool een rol kan spelen binnen het totaal.” Dat is toch een afgewogen en verstandige manier van werken?’

Risico
Afgewogen of niet, Smits voorganger wist het zeker en riep het uit: Rotterdam en Den Haag begaven zich op het terrein van de provincie! En Jaap Smit? ‘Dat risico bestaat. Met economie, vervoer en wellicht ruimte is men bezig om een provincie in een provincie te maken. Dat moet je niet willen.’

Hij snapt de neiging van de metropool om te zeggen: we regelen het hier verder zelf wel. Smit: ‘Maar zij zullen ook begrijpen dat ik niet wil dat er wordt gewerkt aan een provincie in een provincie. Ik zit hier niet belangrijk te wezen, maar ik vervul de rol die mij is toegedicht ten behoeve van de inwoners van Zuid-Holland. Daarbij heb ik mij te verstaan met een aantal partijen en het laatste wat die moeten doen is over straat rollebollen. Dat wil niet zeggen dat ik om de lieve vrede te bewaren op mijn rug ga liggen en zonder slag of stoot aanneem wat ze voorstellen, maar ruzie maken heeft ook weinig zin. Ik wil dat we respectvol omgaan met elkaars verantwoordelijkheden en dat de focus van Rotterdam en Den Haag groter is dan alleen hun metropool. De metropool ligt namelijk in de provincie en niet andersom.’


‘Ik ga niet verzuipen’
God
Allemachtig. God speelt een rol in mijn leven, maar ik ga niet iedere avond op mijn knieën. Ik heb er ook geen beeld bij. Er is wel iets buiten mijzelf; ik hoef niet alles uit mijzelf te halen. Wat dat is? God is niet de man met die grijze baard of de vrouw in die mooie jurk, maar wel een drijvende kracht in mijn leven. Als ik mij weleens afvraag: hoe kom ik hieruit, dan weet ik dat ik er niet in mijn eentje uit hoef te kruipen.

Hiernamaals
Ten behoeve van de mensen die in dit leven niet tot hun recht zijn gekomen – theoloog en ethicus Harry Kuitert heeft het ook ooit gezegd – zou het een goeie zaak zijn als het bestaat. Ik geloof wel dat er iets is. Ik heb mensen daarin ook bevestigd als ik iemand moest begraven. Ik zie mijn dierbaren straks weer als ik ook doodga. Dat beeld heb ik mensen nooit willen afpakken. Of dat zo is, ik weet het niet, we gaan het zien. Als jonge snotneus van 27 zei ik op een zondag in mijn eerste gemeente in een preek: ‘U vraagt van mij allemaal antwoorden. U denkt dat geloven antwoord krijgen op alle vragen is. Voor mij is geloven het uithouden met je vragen. Je hebt het gevoel dat je in een moeras van vragen terechtkomt, ik heb het zelf meegemaakt, en ineens voel je een steen. Ik ga niet verzuipen. Dat is voor mij geloven.’

Bijbeltekst
Matteüs 6:31-34. ‘Vraag je dus niet bezorgd af: “Wat zullen we eten?” of: “Wat zullen we drinken?” of: “Waarmee zullen we ons kleden?” Dat zijn allemaal dingen die de heidenen najagen. Jullie hemelse Vader weet wel dat jullie dat alles nodig hebben. Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden. Maak je dus geen zorgen voor de dag van morgen, want de dag van morgen zorgt wel voor zichzelf. Elke dag heeft genoeg aan zijn eigen last.’ Dat betekent voor mij: als wij beginnen met na te denken over wat eerlijk is en rechtvaardig, dan zal niemand in een wereld van overvloed tekortkomen.


CV
Jaap Smit (Doornspijk, 1957) studeerde theologie, massacommunicatie en pr. Van 1979 tot 1984 was hij leraar godsdienst en levensbeschouwing in Leiden, daarna vier jaar predikant van de Nederlandse hervormde gemeente in Ellecom en De Steeg. Smit was ook geestelijk verzorger bij de landmacht in Seedorf en predikant in Heemstede. Tussen 1994 en 2001 was hij management consultant bij KPMG en tussen 2001 en 2003 adviseur bij Andersson Elffers Felix. Daarna was hij directeur van Slachtofferhulp Nederland en CNV-voorzitter. Sinds 17 december 2013 is hij cdk.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.