Vlucht naar voren Rijksinspecties
Beelden zeggen meer dan de tekst die erbij hoort. Dat heb ik heel sterk ervaren met uw weergave van een persconferentie over samenwerken bij toezicht en uw stelling dat rijksinspecties onder dreiging van samenvoeging moeten gaan samenwerken. Als inspectiemedewerker van het Staatstoezicht op de Mijnen, de dienst die belast is met het toezicht op de naleving van wet - en regelgeving door de mijnbouwindustrie, viel mij als eerste de foto op die bij het artikel is geplaatst. Dus lees ik meteen de tekst onder de foto en mijn verbazing was dan ook groot. In uw artikel, getiteld Rijksinspecties kiezen vlucht naar voren, wordt gesteld dat een boorplatform nu zeven maal een helikopter met inspecteurs op bezoek krijgt en straks gaat slechts één vlucht richting installaties. Dit voorbeeld is in het geheel niet correct en brengt de lezer op een verkeerde been. Bovendien versterkt het de beeldvorming dat Rijksinpecties helemaal niets doen aan samenwerking.
De opinieschrijver gaat voorbij aan alle samenwerkingsactiviteiten die momenteel op initiatief en op gezag van de Inspectie Raad door de rijksinpecties worden uitgevoerd. Mijnbouwkundige activiteiten waarbij boorplatforms worden gebruikt, vallen onder het toezicht van Staatstoezicht op Mijnen (SodM), een buitendienst van het Ministerie van Economische Zaken. Dit gebeurt op basis van de mijnbouwwetgeving maar ook op basis van onder meer de arbo- en milieuwetgeving.
SodM werd op 21 april 1810 opgericht. Louis Napoleon belastte het SodM met het toezicht op alle aspecten van het mijnbouwkundige proces, met name op wat wij heden de arbeidsomstandigheden noemen. Deze één loket-gedachte is bij de wetgever van dit land voor wat betreft de mijnbouwindustrie altijd blijven bestaan. SodM is dan ook de enige rijksdienst die integraal toezicht houdt op de naleving van alle aan de mijnbouw gerelateerde veiligheids-, gezondheids-milieuaspecten. Dit doet zij in opdracht van verschillende ministeries, onder meer die van Justitie, EZ, Sociale Zaken, VROM, Volksgezondheid en V&W.
In tegenstelling tot wat er in het artikel staat, is in 2006 ieder offshore platform (dus ook boorplatformen) gemiddeld genomen een keer door een inspecteur per helikopter bezocht. Dit getal is inclusief de inspectiebezoeken van de inspecteurs van IVW en AT die alleen belast zijn met de inspectie van helikopterdekken en de radio - en communicatieapparatuur. Het aantal van deze inspecties is marginaal vergeleken met het aantal inspecties die worden uitgevoerd door de inspecteurs van SodM. Bovendien is SodM nu in overleg met de IVW en AT om deze taken over te nemen waardoor straks maar één SodM inspecteur periodiek naar een offshore platform gaat.
Voor een goede beeldvorming had de opinieschrijver zich meer inhoudelijk moeten verdiepen in de feitelijke ontwikkelingen en omstandigheden in inspectieland.
Leo Henriquez, Inspectie medewerker Staatstoezicht op de Mijnen