Vorige maand presenteerde onze demissionaire minister van Sociale Zaken, Henk Kamp, zijn plannen voor het nieuwe ontslagrecht. Zoals wel te verwachten was, zou de ontslagvergoeding worden aangepast en wordt de preventieve ontslagtoets geschrapt. Een werknemer wordt gehoord en wordt na het horen indien de aanleiding is blijven bestaan, ontslagen. Is hij het er niet mee eens, kan hij naar de rechter stappen. De bonden hebben, hetgeen ook te verwachten was, de plannen inmiddels al neergesabeld. De preventieve ontslagtoets, in feite een voortvloeisel uit de bezettingstijd, wordt omarmd, stevig vastgehouden en gezien als hèt middel tegen willekeur van de werkgever. De plannen van Kamp zijn al weggezet als Flitsontslag. “Flitsontslag” is procesrechtelijk niet anders dan het aloude ambtenarenrecht.
Het is dan ook niet zo vreemd dat de preventieve ontslagtoets wordt vervangen door een systeem waar bij een ongewenst ontslag de gang naar de rechter gemaakt moet worden. Sterker nog, in Nederland kennen we dit systeem uiteraard al lang. Binnen het ambtenarenrecht, dat een eenzijdig karakter heeft, heeft immers ook te gelden dat de ambtenaar die met ontslag bedreigd wordt eerst het voornemen hiertoe uitgereikt krijgt, waarna hem de gelegenheid wordt geboden gehoord te worden door de werkgever. Nadat het horen heeft plaats gevonden danwel de geboden gelegenheid ongebruikt is voorbij gegaan, kan de werkgever eenzijdig ontslag verlenen. Is de werknemer/ambtenaar het er niet mee eens, dan rest hem (na het doorlopen van de bezwarenprocedure) slechts de gang naar de rechter.
Ik zie zo gauw niet waarom de positie van de werknemer in het bedrijfsleven zoveel anders zou moeten zijn. Uniformering van arbeidsvoorwaarden vanuit een perspectief als voorgestaan door Koser Kaya als het ware. Ik zou er wel voor willen pleiten om in geval het ontslagrecht omgevormd wordt in de zin zoals door de minister van Sociale Zaken voorgesteld, het griffierecht bij de gang naar de rechter zodanig laag te houden dat hierdoor in elk geval geen belemmering wordt opgeworpen die aan een rechtmatigheidstoets van een verleend ontslag in de weg staat.
Reactie op dit bericht
Overigens loopt de vergelijking met het ambtenarenrecht om meerdere redenen mank. Rijksbreed dan wel gemeentelijk vastgesteld sociaal flankerend beleid bij ambtelijke reorganisaties is te zien als preventief en beschermt tegen het vogelvrij verklaren van ambtenaren. Deze bescherming ontbreekt bij kleine ondernemingen.
Daarnaast wordt bij het procederen tegen overheidsinstanties de rekening neergelegd bij de belastingbetaler. En diens beurs is bodemloos. Hier zou juist gepleit moeten worden voor preventief toetsen. Want menig ondoordacht of dom besluit leidt tot torenhoge juridische kosten, waarbij de belastingbetaler uiteindelijk de kosten van beide partijen voor zijn rekenning moet nemen. Maar, zoals gezegd, ik begrijp dat dit niet in het belang is van bureaus als Capra.