of 59250 LinkedIn

Managementlessen van een topsportcoach

Joop Alberda, ex-olympisch volleybalcoach én troubleshooter van de Nederlandse topsport, zei het onlangs scherp in de krant: “Zodra een trainer een ambtenaar wordt grijp ik in. Daar ben ik rücksichtlos in. De coach is er voor de atleet.” 

Wat hij bedoelt is dat een coach die ambtenaar wordt iemand is die zich drukker maakt om zijn baan dan om zijn werk. Bedankt Joop, zeg ik als overheidswerker die van klus naar opdracht gaat en helemaal niet bezig is met de uitkomsten van toekomstige plaatsingsprocedures. Toch snap ik wel wat hij zegt. En daarbij - hij zegt veel andere interessante dingen. Herkenbare zaken die goed bruikbaar zijn in het veranderproces van de Gemeente Amsterdam. Een kleine greep uit Alberda’s wetten: 


‘Hou met heel je hart van waar je mee bezig bent’

Joop stelt aan sporters weleens de vraag of ze zouden doorgaan met hun sport als al hun voorzieningen zouden worden weggehaald. Uiteraard gaan echte toppers gewoon door, ook zonder olympische auto en ‘dokter van de zaak’. Zo ook zie ik collega’s in de ruimtelijke sector die met veel minder middelen dan voorheen, tot veel creatievere samenwerkingsverbanden in staat blijken te zijn. Ze organiseren de transformatie van oude kantoorgebouwen tot gewilde hotels, ze faciliteren de verkoop van zelfbouwkavels aan particulieren en ondersteunen hen bij de vervolgstappen. Zo zorgen ze ervoor dat hun geliefde stad zich tóch verder ontwikkeld maar dan via burgers en ondernemers. Ze zetten zich daar met ziel en zaligheid voor in en...dat werkt!

 

‘Innoveer overal, het kan altijd beter’

Volgens de ex olympische coach is innovatie een permanente zoektocht die altijd overal tussendoor loopt. Innovatie moet nooit een apart instituut worden. Gewoon steeds opnieuw die vraag stellen ‘hoe kunnen we het beter doen?’ zonder uit te gaan van een absolute waarheid. Daar hebben we in Amsterdam nog een slag in te maken. Innovatie wordt binnen onze poorten – als je niet uitkijkt – al snel een doel op zich. Experimenteerruimte vinden in het dagelijkse werk is best lastig in een wereld van kaders en control. Dan tref je vaak collega’s, en soms ook bazen, die zo’n experiment alleen aandurven als het binnen de kaders past. Maar dat is nou juist vaak het ding met iets nieuws uitproberen… dat past nog niet in een kader! Dan is het inderdaad gemakkelijker als innovatie tot doel wordt verheven – dan heeft het weer fijn een goedgekeurd jasje. Maar dan ga je – zoals Alberda zegt – voorbij aan die permanente zoektocht vanuit de dagelijkse praktijk.

 

‘Luister goed naar de werkvloer’

Ook hier het advies om die dagelijkse praktijk en de mensen die daarin de wijsheid in pacht hebben, nauw te verbinden met de leiding en haar visie. Als volleybalcoach ging Alberda regelmatig te rade bij spelers als Zwerver en Blangé. De werkvloer weet exact hoe het moet en weet ook feilloos te vertellen wat er nog aan schort. In Amsterdam is het belang van de werkvloer stevig aan het toenemen. De gemeentesecretaris zelf geeft hierin al lange tijd het goede voorbeeld. Hij loopt vaak mee in de uitvoering, bezoekt projectteams en houdt regelmatig spreekuren op locatie. En wat hij daar ziet, hoort en meemaakt deelt hij in zijn blogs.

 

Goed voorbeeld doet goed volgen want steeds meer bazen trekken er inmiddels op uit. De kunst wordt nu, om deze inzichten écht goed om te vormen naar gewenste veranderingen. Bijvoorbeeld door ze als vliegwiel te laten dienen voor de permanente innovatiezoektocht waar Alberda over spreekt. Dan maken we de cirkel op een constructieve manier rond.

 

Of de topsportlessen ons als gemeente gouden medailles gaat opleveren? Vast niet. Maar het helpt ons wel om met nog meer hart voor de publieke zaak bezig te zijn.

 

Melissa Schouman (p&o-projectmanager, gemeente Amsterdam)

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.