of 59054 LinkedIn

Ken je Flappies

Het is vlak voor Kerst 2014 en een week voor D-day. D-day met de D van decentralisaties. In deze dagen van reflectie leek het mij een uitgelezen moment om de vraag te stellen: waarom doen we dat eigenlijk, die decentralisaties?

Dat klinkt als een opzetje voor een cynisch betoog, maar ik moet de cynicus in u teleurstellen. Ik ben namelijk erg hoopvol over de effecten van de decentralisaties. Mijn waarom-vraag is eerder ingegeven door de grote hoeveelheid actuele berichten over deze 'transitie in uitvoering'. Het verloop van de aanbestedingen, de effecten voor de werkgelegenheid, de inrichting en oprichting van allerlei nieuwe samenwerkingsverbanden etc. Het doet mij bijna vergeten wat nu het wenkende perspectief ook alweer was.

 

Dat wenkende perspectief is ingegeven door push- en pullfactoren. Pushfactor is het systeemfalen van het oude systeem. Bij arbeidsparticipatie stonden er in hoogtijdagen een vergelijkbaar aantal mensen 'langs de kant' als tijdens het dieptepunt van de crisis. Bij de jeugdzorg kenden we voorbeelden als het Maasmeisje waarbij er allerlei hulpverleners rond het gezin cirkelden maar niemand ingreep. Bij de zorg liepen de kosten veel en veel te snel op. Dat moest anders en is een belangrijke push geweest in de zoektocht naar alternatieven.

 

De pullfactor is minder evident. Dat gaat om de belofte van de nieuwe werkelijkheid. Of die belofte ook wordt ingelost, weten we natuurlijk niet. Al zijn we daar zelf bij natuurlijk. Ik omschrijf deze belofte als een kans om de maatschappelijke afhankelijkheid te herdefiniëren. Toenemende individualisering heeft geleid tot een claimcultuur met zorgrechten en -plichten en -daarmee- het verminderen van afhankelijkheid van het individu naar de maatschappij. Terwijl solidariteit een belangrijke bron is van de collectieve bekostiging van zorg.

Solidariteit is voor mij het erkennen van en het acteren bij afhankelijkheid van het individu. Die maatschappelijke afhankelijkheid gaan we nu lokaal opnieuw definiëren. Dat zal niet eenvoudig zijn. Individualisme en onafhankelijkheid worden door velen nog - en terecht - als een groot goed ervaren. Het zorgvuldig en menselijk omgaan met mensen die afhankelijk zijn van hulp en zorg, vraagt in de lokale gemeenschap om een nieuwe balans. Zoals gezegd ben ik daar hoopvol over. Het kan de invloed van de Kerst zijn maar ik geloof dat we hierin lokaal een nieuw verschil kunnen maken.

 

Vanuit het perspectief van de gemeente zal veel afhangen van de ambtenaren die hier concreet invulling aan gaan geven. Voor die mensen heb ik een tip. Je zou het een echte Kersttip kunnen noemen. Warme aandacht is belangrijk voor het menselijke karakter van hulp en zorg. Dat begint al bij het praten over mensen en niet over cases of cliënten. Daarbij kan het gebruik van hun naam helpen om ze als mens te blijven zien. Om met de Kersthit van Youp te spreken: ken je Flappies. Want waarom vinden we het eigenlijk zielig, zo'n konijn met de Kerst? Omdat het geen konijn is, maar Flappie. Het heeft een naam. En waarom is het lot van de vader op tweede Kerstdag niet erg? Omdat dat "vader" is, zonder naam.

Jeroen Pepers 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.