of 59045 LinkedIn

Ambtenaren pessimistisch over nieuwe carrière

Minder dan zijn collega's uit het bedrijfsleven ziet de ambtenaar zichzelf een nieuwe baan op de arbeidsmarkt vinden. Dat blijkt uit de Duurzaamheidsmonitor van CAOP en TNO.

In vergelijking met de rest van de arbeidsmarkt scoren ambtenaren laag als ze de vraag wordt gesteld of ze denken makkelijk ander werk te kunnen vinden. Het verschil in optimisme met hun collega’s uit het bedrijfsleven is meer dan 10 procent. Dat blijkt uit de Monitor Duurzame Inzetbaarheid van instituut CAOP in samenwerking met het TNO. Uit het onderzoek blijkt overigens ook dat de mobiliteit van ambtenaren flink is afgenomen.

Ambtenaren leren graag

In het algemeen liep het aandeel werknemers dat de eigen externe arbeidsmarktpositie gunstig inschat terug. Bedroeg het in 2010 nog 62 procent, in 2014 was dat nog maar 53 procent. Opvallende is wel dat 91 procent van de werknemers het belangrijk vindt leermogelijkheden op het werk te hebben. Iets meer dan de helft van de werknemers heeft in de voorgaande twee jaar een opleiding of cursus ontvangen. Ambtenaren scoren daarin een stuk hoger, binnen de overheidsorganisaties werd zo’n 15 procent meer bijgespijkerd dan in het bedrijfsleven.

Weinig verloop
Nog een opvallende verschil tussen overheidsorganisaties en de rest van de arbeidsmarkt: het verloop van de werknemers. De dynamiek op de arbeidsmarkt nam iets af maar lijkt nog steeds aanzienlijk: in 2014 werkte 39 procent van de werknemers minder dan vijf jaar bij de huidige werkgever. Maar bij ambtenaren wijken die cijfers sterk af; het verschil is bijna 20 procent.

Slechte regelmogelijkheden
Een zorgelijke ontwikkeling is volgens de duurzaamheidsmonitor dat maar liefst 44 procent van de werknemers hoge psychosociale arbeidsbelasting ervaart. Nog ernstiger zijn de cijfers rondom regelmogelijkheden en sociale steun in het arbeidsproces. Voor maar liefst 48 procent van de ondervraagde werknemers vormt dit verschijnsel een potentieel arbeidsrisico.  In totaal zegt 9 procent van alle werknemers te kampen met een verstoorde werk-privébalans. Bij de overheid lijkt deze situatie een fractie beter te zijn dan gemiddeld.
 
Vroeg met pensioen 

De overheidssector behoorde in 2014 tot de sector met de laagste gemiddelde pensioenleeftijd; 63,2 terwijl het gemiddelde in alle sectoren 64,1 is.  Maar de gemiddelde leeftijd tot welke oudere ambtenaren willen doorwerken, steeg van 2012 op 2014. Ook was er een toename in de leeftijd tot welke zij zich in staat achten door te kunnen werken; beide ontwikkelingen waren iets sterker dan de algemene trend.

Verstuur dit artikel naar Google+

GERELATEERDE ARTIKELEN

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Gemeente ambtenaar (management) op
We worden door de politiek kapot gemaakt. Het CDA voorop. Totaal geen respect..
Door H. Wiersma (gepens.) op
Correctie:
Werken voor veel sectoren in de publieke sector is een apart vak. Veel beroepen vindt je niet terug in de private sector. Dat is de verklaring. Dit heeft dus niets met optimisme of pessimisme te maken.
Door Henk op
Correctie:
De leeftijd tot welke ambtenaren willen doorwerken
moet zijn:
de leeftijd tot welke ambtenaren MOETEN doorwerken

Voor velen is er geen keus als gevolg van AOW maatregelen, 0 lijn, pensioenkorting, e.d.
Door Jan op
Correctie: bij energie- en waterleidingbedrijven was de pensioenleeftijd 63,0. (Tabel 5.1)
De overheidssector is de op een na laagste.