of 59045 LinkedIn

Ambtenaar wil blijven leren

Van de bijna 1,6 miljoen Nederlanders die in 2014 in hun vrije tijd een opleiding of cursus deden, is een groot deel dan ook ambtenaar. 26 procent van de cursisten was werkzaam in het openbaar bestuur en bij overheidsdiensten. Iets hoger scoorden mensen in de financiële sector (31 procent), in het onderwijs (28 procent) en medewerkers in de gezondheids- en welzijnszorg.

Vergeleken met de rest van Europa staat de Nederlandse beroepsbevolking op nummer vijf als het gaat om deelname aan ‘een leven lang leren’. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS). Alleen de Scandinavische landen scoren beter dan wij.

Beleidsmakers zijn er steeds meer op gericht om een leven lang leren te bevorderen. De overheid stimuleert volwassenen om te blijven leren, ook als ze al een baan hebben. Dit gebeurt om voorbereid te zijn op een toekomst waarin iemand in zijn of haar leven meerdere functies op de arbeidsmarkt vervult. Ook ambtenaren moeten daarom goed zijn opgeleid én hun kennis en vaardigheden blijven ontwikkelen.

Van de bijna 1,6 miljoen Nederlanders die in 2014 in hun vrije tijd een opleiding of cursus deden, is een groot deel dan ook ambtenaar. 26 procent van de cursisten was werkzaam in het openbaar bestuur en bij overheidsdiensten. Iets hoger scoorden mensen in de financiële sector (31 procent), in het onderwijs (28 procent) en medewerkers in de gezondheids- en welzijnszorg.

Eind-twintigers en dertigers gaven vaker aan deel te nemen aan een opleiding of cursus dan ouderen. Binnen deze jongste leeftijdsgroep gaat het deels om langstudeerders die nog met hun studie bezig zijn. Daarnaast zullen jonge mensen zich voor hun nieuwe, eerste baan vaker specifieke kennis en vaardigheden over hun bedrijf en functie eigen moeten maken (bijvoorbeeld via inwerktrajecten) dan meer ervaren medewerkers. Werkenden noemen als belangrijke redenen voor het volgen van een opleiding of cursus: het werk beter kunnen doen en het verbeteren van de loopbaanperspectieven.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Jannie op
Ik sluit mij aan bij @Astrid: dat is ook mijn ervaring. Hemel, wat een geld vragen die instellingen. Niet op te brengen. Niet voor mijzelf, maar ook niet voor de (kleinere) gemeente waar ik werk.
Door Astrid op
Een leven lang leren... maar als je als HBO'er of universitair geschoold medewerker na een paar decennia op hetzelfde niveau een opleiding wil doen, wordt je om de oren geslagen met instellingscollege gelden van tussen de 6.000 dn 15.000 per jaar. Dat zijn geen bedragen die een gemiddelde werknemer in loondienst kan opbrengen. En mijn werkgever, een gemeente, reserveert ongeveer 1 a 2 procentjes van de loonsom per werknemer voor educatie. Dat is een paar honderd euro per jaar. Als mensen begin 20 op de arbeidsmarkt komen, en tot 70 jaar moeten doorwerken, lijkt het me het toch heel wezenlijk dat ze tussentijds minimaal één keer fors kunnen bijscholen.

Als 'leven lang leren' meer is dan een holle kreet, dan zal dat instellingscollegegeld fors op de schop moeten. Hetzij door het flink te verlagen, hetzij door iedereen 15 jaar na afstuderen weer toe te staan te studeren voor normaal collegegeld.
Door TIP! (PR-/Imagospecialist) op
Toch echt nog even enige verbazing met een aantal praktijkconstateringen:
- waarom volgen bestuurders-/managerslagen meer trainingen|workshops|seminars - in tijd en geld (dus noodzakelijk voor functioneren)! - dan de werkvloer terwijl het juist deze laag is die al in voldoende mate zou moeten zijn onderlegd om hun functie uit te kunnen voeren en hun dito salaris te mogen verdienen. Terwijl ze nota bene deze zelfde kul(beleids)regel hanteren om de werkvloer geen "dure" opleiding/training e.d. te laten volgen. Dan is het plotseling niet nodig voor huidig functioneren en dient de medewerker zelf te investeren. Vervolgens verbaast deze zelfde bestuurs-/managerslaag zich erover dat de werkvloer in ontwikkelingen niet mee kan. Een bekende reden is het falend management dat nieuwe ontwikkelingen uitbesteed aan externen en beheersmatig de zittende mensen het oude laten continueren. Zwak aftreksel van het falend management is dan de ouderengroep benoemen; dat deze niet mee zouden kunnen; verjonging, strategisch personeelsmanagement en ga zo nog maar even door. De vraag mag dan toch echt gesteld; waar hebben zij het zelf laten liggen en is het niet zo dat omdat de managementlagen te oud zijn en niet tijdig kunnen inspringen op nieuwe ontwikkelingen, zij de schuld wederom bij de werkvloer wegleggen. Reorganiseren en vernieuwing zou als noodzakelijker moeten bestempeld in de top als op de werkvloer, zij voeren immers slechts uit wat wordt verzonnen en mogen nooit echt meedenken. Oh in dit kader de zogenaamde medewerkerparticipatie en inspraakbijeenkomsten aangehaald, oftewel medewerkers het eigen graf laten graven; "waar zien jullie de hiaten naar de toekomst toe", "waar zou vernieuwing moeten komen", "wat wordt door jullie gemist"..., oftewel; geef ons de voeding om jullie een oor aan te naaien, immers men komt altijd terug met dat zij iets doen met wat door de werkvloer is aangereikt; goed toch?!?!? De werkvloer zou dit doorzien wanneer kennis en vaardigheden die door managers wordt opgedaan ook wordt doorgegeven in de organisatie. Maar tja, kennis is macht en het gaat hierbij toch niet als vroeger om de organisatie en haar mensen krachtiger te maken...; samen naar 1 doel...; in dit tijdperk geldt helaas slechts nog het eigen doel. Ook iets wat de jeugd vergeet; zij zijn de nieuwe ouderen, de toekomstige bezuiniging!