of 59236 LinkedIn

Kickstart voor statushouder

Amsterdam ziet potentie in een groep hoger opgeleide jonge statushouders. Na een strenge selectie zijn onlangs veertien van hen begonnen aan een driejarig traineeship om te worden klaargestoomd voor het vak van gemeenteambtenaar.

Amsterdam ziet potentie in een groep hoger opgeleide jonge statushouders. Na een strenge selectie zijn onlangs veertien van hen begonnen aan een driejarig traineeship om te worden klaargestoomd voor het vak van gemeenteambtenaar.

Amsterdam scout vluchteling voor gemeentebanen

De gemeente Amsterdam heeft een eigen aanpak om statushouders zo vroeg mogelijk te begeleiden naar taal, studie en werk. Alle statushouders worden gekoppeld aan een klantmanager die hen begeleidt. De Amsterdamse aanpak werpt zijn vruchten af. Het afgelopen jaar zijn 1520 statushouders succesvol bemiddeld naar werk, opleiding of participatie. ‘Deze ambitieuze jongeren zijn blij met deze kans, maar voor de gemeente Amsterdam hebben ze uiteindelijk ook grote waarde’, zegt projectleider Sara Sheikhi die het zogenoemde Young Professionals Programma voor Statushouders (YPPS) heeft opgezet.

In het vorige nummer berichtte Binnenlands Bestuur over de problemen die gemeenten ondervinden bij de integratie van statushouders in de Nederlandse samenleving. Omdat gemeenten officieel niet meer verantwoordelijk zijn voor de inburgering, zijn nieuwkomers op zichzelf aangewezen. Het lukt de meerderheid van hen niet om de juiste inburgeringscursus te vinden op de ondoorzichtige markt. Via omwegen en achterdeurtjes proberen gemeenten nu meer grip te krijgen op de inburgering.

Het Amsterdamse YPPS is anders dan de reguliere trajecten voor statushouders: alleen hoger opgeleide nieuwkomers komen ervoor in aanmerking. Deelnemers krijgen een ‘kickstart’ op de Nederlandse arbeidsmarkt aangeboden, maar de gemeente kan hun capaciteiten uiteindelijk ook zelf goed gebruiken. De achtergrond, ervaring en visie van deze trainees is essentieel voor het maken van nieuw beleid in de stad. Alleen de beste kandidaten komen in aanmerking voor het traject.

Erg gemotiveerd
De potentiële gemeenteprofs zijn tussen de 24 en 36 jaar en komen uit Syrië, Eritrea, Iran en Egypte. Slechts drie van de veertien kandidaten zijn vrouw, maar volgens Sheikhi komt dat overeen met de afspiegeling van de in Nederland verblijvende statushouders. Vrouwen vluchten zelden alleen, mannen wel. Sommigen van hen hebben werkervaring opgedaan in het land van herkomst, anderen hebben in Nederland al een master gehaald. ‘Maar voor elke kandidaat geldt dat zijn of haar leven al een tijdje stilstaat. Ze zijn jaren van hun leven kwijt door de situatie in hun thuisland en de vlucht naar Nederland’, aldus projectleider Sheikhi, wier familie een soortgelijke achtergrond heeft. ‘Maar ze zijn tegelijk erg gemotiveerd, ook al gaan we ervan uit dat 30 procent zal afvallen gedurende het eerste jaar van het programma.’

Opvallend is dat deze voormalige vluchtelingen vol overgave kiezen voor een carrière bij de overheid, niet zelden een instantie waar ze juist voor zijn gevlucht. Maar in het Nederlandse bestuur hebben ze 100 procent vertrouwen, zo merkt Sheikhi telkens weer. ‘Deze groep volgt het nieuws en weet heel goed hoe het er hier aan toegaat. Ze hopen met een baan als ambtenaar op stabiliteit, een mooie carrière en een goede toekomst. Een andere reden die ik vaak hoor is dat de statushouders iets terug willen doen voor Nederland. Ze zijn heel blij dat ze hier een nieuwe kans krijgen. Sommigen wilden in eerste instantie ook geen vergoeding. Iemand zei: “We zouden júllie hiervoor moeten betalen, deze kans is uniek.”’

Een belangrijk onderdeel van de opleiding is het onderwerp integriteit, een principe dat immers niet overal ter wereld hetzelfde wordt opgevat. ‘Maar het is ook belangrijk om de deelnemers te wapenen tegen druk van buitenaf. Mensen die iets van je verwachten omdat je uit hetzelfde land komt, bijvoorbeeld’, benadrukt Sheikhi. De trainees volgen het eerste jaar van het programma met behoud van uitkering, daarna stromen ze door naar het traineeship met passend salaris. Ze moeten overigens al vanaf dag één proberen Nederlands te spreken. Een Nederlandse taalcursus is in dit geval niet afdoende, denkt de projectleider. ‘Ze moeten ook het vakjargon van de ambtenaar leren.’


Overheid gewilde werkgever
De Nederlandse overheid is een gewilde werkgever voor vluchtelingen, zo bleek ook al uit een serie portretten die Binnenlands Bestuur vorig jaar publiceerde. De Somalische Deeqa Gelle belandde uiteindelijk op het ministerie van Binnenlandse Zaken. Ze verruilde in de jaren negentig Mogadishu voor de Gelderse gemeente Ulft. Na een cursus Nederlands begint Deequ aan het mbo acht kilometer verderop: in Doetinchem; ze moet leren fietsen om er te kunnen komen.

Wanneer ze vier jaar later de opleiding administratie- juridische dienstverlening afrondt, stuit ze in een huis-aan-huisblad op een vacature van het toenmalige ministerie van VROM. Het sollicitatiegesprek gaat goed; ze wordt aangenomen. Nu werkt ze aan de digitale informatievoorziening bij Binnenlandse Zaken. ‘Vluchtelingen stimuleren de economie van hun vaderland. Waardoor er minder vluchtelingen komen’, is haar overtuiging.

Ook de 42-jarige Rafaat Alebate, oorspronkelijk uit Irak, heeft carrière gemaakt bij de overheid. Eerst bij de gemeente Bathmen, en na de fusie bij de gemeente Deventer. Ook is hij werkzaam bij het Historisch Centrum Overijssel en het Nationaal Archief. Op beide posten werkt hij aan het digitale archief (‘e-Depot’), dat het bewaren en ontsluiten van stukken moet veiligstellen. De clubs vroegen Alebate erbij, nadat hij vragen had gesteld waar ze zo snel geen antwoord op hadden. In 2010 won hij een vakprijs voor de wijze waarop hij archiefsoftware had ‘ingericht’.

In zijn vrijetijd helpt Alebate vluchtelingen aan afgedankte pc’s. Zo nodig lapt hij ze op; zijn hobby sinds hij op school in Irak kennismaakte met programmeertalen. ‘Net in Nederland voelen vluchtelingen zich te goed voor tweedehands spul. Maar zijn ze eenmaal door hun geld heen, dan staan ze erom te springen.’ Ik wil wat jij allemaal hebt, zeggen ze: een goede baan, inkomen voor je gezin. ‘Kan niet’, zegt hij dan beslist: ‘Je moet het stapje voor stapje aanpakken. Zo heb ik het ook gedaan.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.