of 59045 LinkedIn

Jong talent helpt bij omturnen organisatie

Van de acht trainees die Gemert-Bakel in 2008 opleidde en aannam, werken er nog twee bij de Brabantse gemeente. Is daarmee het jongerenproject mislukt?

Van de acht trainees die Gemert-Bakel in 2008 opleidde en aannam, werken er nog twee bij de Brabantse gemeente. Is daarmee het jongerenproject mislukt? ‘Nee hoor’, klinkt het opgewekt. ‘We beginnen eind dit jaar met weer twee, misschien wel drie nieuwe trainees.’

Nouchka Kamp en Tim van de Nieuwelaar zijn de twee overgeblevenen van de eerste lichting trainees uit 2008. Als de laatsten der Mohikanen zitten ze aan tafel in de werkkamer van gemeentesecretaris Bert Jansen om te verhalen hoe ze zijn gevaren na afloop van het traineeproject. Beiden kregen na afloop van dat traject en een interne sollicitatie in 2010 een baan aangeboden. Tim als beleidsmedewerker jeugd, Nouchka als communicatieadviseur. Ze hapten allebei. Dat gold eigenlijk ook voor de rest van hun ‘klasje’.

Slechts twee traineegenoten zagen zij na de interne opleiding meteen vertrekken naar een andere werkgever. Jammer van de investering, maar volgens Jansen was dat all in the game. Gemert-Bakel begon ruim acht jaar geleden met het trainee-experiment om verjonging in de organisatie aan te brengen. ‘We wilden er aanvankelijk vier aannemen, maar na het kennismakingsgesprek was ik dermate onder de indruk van de kandidaten dat ik ze alle acht heb meegenomen’, herinnert Jansen zich. Financieel kon dat uit, mede omdat de gemeente in die tijd net afscheid kon nemen van bijna vijftig ambtenaren op leeftijd. Met een aanvangssalaris in schaal 8 was de werkgever met de jonkies per saldo goedkoper uit, zelfs met de bijkomende opleidingskosten van 10.000 euro per trainee daarbij opgeteld.

Alle acht doorstonden ze het soms pittige opleidingstraject. Vers uit de banken van de universiteit werden ze de afdelingen opgestuurd om daar al werkend de kneepjes van het vak van ambtenaar te leren. Gedurende anderhalf jaar in principe elk half jaar een andere afdeling en een gezamenlijk, afdelingen overschrijdend project. Hoe kijken de trainees van toen terug op de eerste ervaringen? Was er sprake van een cultuurshock? Uit onderzoek van het A+O fonds Gemeenten blijkt immers dat veel gemeenten jongeren maar moeilijk vast kunnen houden omdat de cultuur van de (vaak vergrijsde) organisatie niet bepaald aansluit.

Weinig flexibel
Tim van de Nieuwelaar vertelt dat hij in het begin inderdaad ernstig moest wennen. ‘Vooral die hiërarchische manier van werken’, zegt hij. ‘Achteraf begrijp ik [de gemeentesecretaris schuin aankijkend/red] dat wij met name werden ingezet om daar verandering in aan te brengen. Veel oudere werknemers zagen wel dat wij het anders deden, maar zeiden er meteen bij dat zij niet van planwaren hun manier van werken te veranderen. “Waarom zou ik? Ik hou van mijn manier van werken”, kreeg ik dan te horen.’

Nu is het niet zo dat de nieuwkomer zijn oudere collega’s vervelend vond, maar ‘weinig flexibel’ wil hij ze toch wel noemen. ‘Eerlijk, als de boel hier door de reorganisatie niet was omgeturnd, was ik echt niet gebleven. Dan had ik het hier na een paar jaar uitgekotst’, zegt hij. Dat zes van de acht trainees inmiddels al niet meer zijn te vinden in het gemeentehuis aan het fraai opgeknapte Ridderplein, heeft volgens hem overigens niets met die oude organisatiecultuur te maken. Nouchka Kamp valt hem bij. ‘De een ging direct weg omdat hij tegelijkertijd een functie bij de gemeente Bladel kreeg aangeboden, de ander omdat ze een baan vond dichter bij haar vriendje’, zegt ze. ‘Eigenlijk wou ze helemaal niet weg’, weet gemeentesecretaris Jansen nog. De anderen vertrokken na een jaar of vier, vijf. ‘Ik snap dat helemaal. Dat is een hele mooie periode. Ik bleef zelf ook vaak nergens veel langer’, zegt hij. ‘Je gaat na verloop van tijd weer eens verder kijken, zeker als je jong bent. Dan begint het te kriebelen. Volstrekt normaal.’

Andere richtingen
Dat Nouchka Kamp nog dagelijks de afstand van Vlijmen naar Gemert over de drukke N279 overbrugt, heeft er alles mee te maken dat ze het ‘ontzettend’ naar de zin heeft. ‘Als communicatieadviseur kom ik op alle afdelingen en ben ik op de hoogte van wat er speelt. Wat het ook leuk maakt, zijn de veranderingen na de verkiezingen. Met nieuwe colleges krijg je telkens weer andere richtingen, projecten en uitdagingen. Je gaat je niet snel vervelen.’

Gemertenaar van geboorte, Tim van de Nieuwelaar, kan op de fiets naar zijn werk. Inmiddels is hij aan zijn derde functie in het sociaal domein toe. Als regievoerder jeugdzorg verdient hij nu bijna net zoveel als zijn teammanager. ‘Regisseur A,’ zegt hij glimmend. ‘Niet slecht toch?’

Beide ex-trainees vallen echter vooral ook voor ‘het nieuwe werken’ en de vrijheid die daarmee gepaard gaat. Een direct gevolg van een in 2013 ingezette reorganisatieontwikkeling. Behalve met veel minder personeel – 152 in plaats van 223 fte – wordt veel meer gewerkt met externen en buurgemeenten. Tal van taken zijn regionaal belegd, zoals de buitendienst, de belastingen en de Wmo. ‘Je kunt overal werken waar je maar wil. Ik kan via Ultrabook overal inloggen. Thuis, maar ook als ik in een andere gemeente ben’, zegt Nouchka Kamp. ‘Je functie kun je, onder randvoorwaarden, zelf invullen. Die vrijheid, dat wordt door mijn generatie gewaardeerd. Vooral voor jonge ouders.’

Tim van de Nieuwelaar zegt vooral te zijn gecharmeerd door het werken met resultaatcontracten. In 2013 heeft Gemert-Bakel de overstap van het Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP) naar dat systeem gemaakt. ‘Samen met je teammanager leg je in dat resultaatcontract vast wat je wil bereiken en wat je daarvoor nodig hebt. Dat is hier gekoppeld aan een actief opleiding- en loopbaanbeleid’, zegt hij. Op die manier word je veel meer uitgedaagd om aan je ambities te werken. Het brengt initiatief in de organisatie. ‘De cultuur van de oude garde is een andere geworden’, aldus Van de Nieuwelaar. ‘Dat hiërarchische, die ivoren toren, dat is er niet meer.’

Platte organisatie
Er staat nu een platte organisatie, verduidelijkt gemeentesecretaris Bert Jansen. ‘Zeven teams die van elkaar afhankelijk zijn, met zeven nieuwe teamleiders.’ Door noodzakelijke bezuinigingen en de reorganisatie van de afgelopen jaren is de gemiddelde leeftijd van het personeelsbestand in Gemert-Bakel inmiddels wel weer licht opgelopen. Er werden na de eerste lichting trainees weinig jonge mensen aangenomen, terwijl er voor ouderen geen seniorenregelingen meer waren.

Sinds kort is de gemeente begonnen met een eigen generatiepactregeling voor oudere ambtenaren. Die kunnen tegen een gedeeltelijke compensatie één of meer dagen minder gaan werken. Dat moet volgens Jansen weer lucht geven. ‘Vorige maand hebben er vijf medewerkers gebruik van gemaakt en ik verwacht voor januari nieuwe aanmeldingen. Daardoor vallen er sprokkeluren vrij die we kunnen inzetten om jongeren aan te trekken. En dat gaan we weer doen in de vorm van trainees. Eind dit jaar hoop ik er twee, misschien wel drie te kunnen aannemen.’


De trainees in 2008: De trainees van Gemert-Bakel, zoals ze in 2008 begonnen. Vera van Vugt, Marcel van der Steen, Rick van der Geugten, Tim van den Nieuwelaar, Pieter de Boer, Peter Biekens, Hanne de Glas en Nouchka Kamp.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.