'Klokkenluiden vraagt een zware tol'
Vier jaar geleden bracht hij als eenvoudig EU-ambtenaar met zijn financiële onthullingen de Europese Commissie ten val. Maar dat was voor Paul van Buitenen (46) geen reden om Brussel definitief de rug toe te keren. 'Ik heb het gevoel dat ik in de geschiedenis van de Europese instellingen nog een bepaalde rol te vervullen heb.'
Paul van Buitenen: 'Ik weet nog goed dat ik voor het eerst met drie klokkenluiders om de tafel zat: Fred Spijkers van die mijnenkwestie met Defensie, Ton Bazelmans van de Rabobank en ik. Iemand van de FNV had ons bij elkaar gehaald om eens te praten over de zin en onzin van klokkenluidersregelingen. We hadden mekaar nog nooit gezien, maar na tien seconden telde iedereen die erbij zat eigenlijk niet meer mee. We zaten op één golflengte met elkaar te praten. Klokkenluiden vraagt een zware tol. Als je kijkt naar het lot van klokkenluiders: daar zitten zelfmoorden tussen, daar zitten mensen tussen die volledig aan de grond komen, die hun baan kwijtraken, die hun partner kwijtraken.
'In januari 1999 zei ik in een interview: "Als ik van tevoren had geweten wat er allemaal op mij af zou komen, dan had ik het niet gedaan." Maar toen zat ik er midden in. Je moet je voorstellen dat je als brave nette ambtenaar ineens zo'n lawine over je heen krijgt. Ik kom thuis en ik zie de Franse televisie in de voortuin staan, de Oostenrijkse televisie in de achtertuin, naast het huis op de oprit staat de BBC, Netwerk staat binnen in de woonkamer, mijn vrouw zit met twee gsm's en een telefoon in haar handen. Intussen komen er allerlei berichten binnen over onwaarheden die de Europese Commissie over mij verspreidt - en ik moet dan een interview geven aan BN/De Stem. Op zo'n moment kan ik volgens mij met recht zeggen: als ik dit had geweten, had ik het niet gedaan.
'Maar nu, terug op mijn comfortabele stoel binnen de Europese Commissie, denk ik dat het enorm de moeite waard is geweest. Er zijn binnen de Europese instellingen bepaalde hervormingen in gang gezet. Weliswaar niet de hervormingen die ik graag had willen zien, maar de Europese Commissie is toch van haar onaantastbare sokkel afgevallen. Het is gebleken dat het ook maar een gewone administratie is waar verschrikkelijk veel rotzooi gebeurt. En ik denk dat ik heb bijgedragen aan dat stukje openheid en transparantie.'
Fatsoenlijke functie
'Een jaar geleden heb ik de zaak in feite afgerond. Op 1 april 2000 was ik op eigen verzoek overgeplaatst van Brussel naar Luxemburg, als financieel ambtenaar bij het Directoraat-Generaal Volksgezondheid. Toen ben ik een nota gaan schrijven van 234 bladzijden en 5000 bladzijden bijlagen, een inventarisatie van alle aantijgingen waarvan ik kennis had en alle documenten die ik in mijn bezit had.
Dat kwam dus allemaal na mijn boek Strijd voor Europa uit 1999, en daar is niet zoveel van in de pers gekomen. Op 31 augustus 2001 heb ik die nota ingeleverd bij de Directeur-Generaal Personeelszaken en de Directeur-Generaal van de Anti-Fraudedienst, en het is intern ingeslagen als een bom. Het had veel meer inhoud en impact dan datgene waardoor ik bekend geworden ben.
'Daarna zijn er nieuwe onderzoeken gestart en in dat kader ben ik meerdere malen verhoord. Zomer 2002 dacht ik: nu is mijn taak hier volbracht, de klokkenluider is klaar. Ik had mijn buik vol van de Europese Commissie en bovendien was mijn vrouw al een hele tijd zwaar ziek. Ze had sinds een jaar of vijf last van allerlei dingen: migraine, nekkrampen, haar zicht werd minder, haar gehoor werd minder, het werd langzamerhand erger. Doordat we in België en Luxemburg en Nederland hebben gewoond, veranderden we steeds van huisarts. Dat was sowieso een bemoeilijkende factor voor de diagnose. De ziekteverschijnselen traden met name op als er sprake was van stress, dus vanwege mijn geschiedenis dacht iedereen dat haar problemen door de stress kwamen.
Pas toen begin dit jaar een scan bij haar werd gedaan, kwam naar boven dat ze een hersentumor had. Ze is in april geopereerd en die tumor is toen weggenomen, maar er zit nog steeds wat groei in, dus ze ondergaat nu bestraling.
'Mijn vrouw en ik zijn allebei geboren in Breda en we wilden terug naar het nest. Ik heb gewoon op een advertentie gesolliciteerd en ik werd per 15 september 2002 aangenomen als administrateur van het district Breda binnen de regiopolitie Midden- en West-Brabant. Dat was gewoon een nette fatsoenlijke functie en ik werd ook heel positief ontvangen, zo van: je hebt iets bereikt, je hebt iets op je conto staan waarop je trots mag zijn, fijn dat je bij ons wilt komen werken. 'Maar ik kwam er vrij snel achter dat die functie mij niet zo kon boeien. Ik ben geen administrateur of boekhouder. Ik ben iemand die de adrenaline door zijn lijf moet hebben lopen omdat hij met onderzoeken bezig is of zoiets. Op een gegeven moment besef je dan dat Brussel verschrikkelijk trekt, dat daar toch je thuis is.'
Onbetaald verlof
'Ik had bij de Europese Commissie in feite onbetaald verlof genomen, volgens de ambtelijke standaardprocedure. Dan kun je na een jaar terugkeren zonder dat je een garantie hebt op je oude baan, maar ze moeten je in elk geval terugnemen in de organisatie. Volgens het ambtenarenstatuut moet je uiterlijk twee maanden voor het einde van het onbetaald verlof aangeven of je terugwilt. Ik heb mijn brief expres vier maanden van tevoren gestuurd, zodat ze niet het argument hadden dat er geen tijd meer was om een passende functie te vinden.
'Doordat mensen die me gunstig gezind waren mij onderhands de vacatures binnen de Europese Commissie toestuurden, wist ik dat er ongeveer tachtig vacatures in mijn rang waren, waarvan ongeveer veertig die qua cv pasten bij mijn ervaring. Toch zijn er drie rondes geweest waarin tevergeefs is geprobeerd een plek voor mij te vinden. Ik kan me ook heel goed voorstellen dat je als leidinggevende binnen de Europese Commissie niet te veel geassocieerd wilt worden met Paul van Buitenen. Want je krijgt allerlei schijnwerpers op je gezicht en je weet niet wat Paul van Buitenen gaat doen als hij terugkomt.
'Uiteindelijk was op 16 juli een vergadering van de budgetcontrolecommissie van het Europese parlement. De Eurostat-fraude was net volledig tot ontbranding gekomen, het was de eerste vergadering die weer deed denken aan de jaren na 1998. De Vlaamse Groene parlementariër Bart Staes bestookte commissaris Kinnock daar meerdere malen met mijn naam: waarom hebben jullie Van Buitenen buitengewerkt? Kinnock was daar niet zo blij mee, dus hij zei op een gegeven moment: Van Buitenen is helemaal niet door mij buitengewerkt, hij is gewoon op onbetaald verlof en hij kan terugkomen wanneer hij wil. De dag daarna kreeg ik een telefoontje van Personeelszaken dat ze een baan voor me hadden.
'Sinds 1 september werk ik nu op het Directoraat-Generaal Personeelszaken, dus onder Kinnock, binnen de afdeling die gaat over het personeel van de externe agentschappen van de Europese Commissie, zoals het medicijn-agentschap in Londen. Gegeven de omstandigheden is het helemaal niet zo'n slechte functie. Weliswaar zit ik niet in de financiën, maar bij personeelszaken, waar ik helemaal geen ervaring in heb. Maar als het moest had ik zelfs een baan als pleepoetser aangenomen.
'Ik wilde terug naar de Europese Commissie, weer onderdeel uitmaken van dat organisme, horen, zien en proeven wat daar gebeurt. En daar weer een rol gaan spelen, wat voor rol dan ook. Ik ben niet iemand die per se de klokkenluider wil uithangen, want ik weet nu wat ervan komt en dat kan ik niemand aanraden. Maar ik wil wel laten merken dat ik niet bang ben, dat ik de uitdaging aankan. En ik wil de buitenwereld laten zien dat het voor een klokkenluider mogelijk is om bij zijn oude baas terug te komen. Want er zijn bijna geen klokkenluiders die dit soort stuntwerk hebben uitgehaald en daarin geslaagd zijn. 'Ik kan in dit interview niet helemaal open zijn, maar ik heb het gevoel dat ik om de een of andere reden, zonder dat ik dat nu kan of wil duiden, in de geschiedenis van de Europese instellingen nog een bepaalde rol te vervullen heb.'
Herboren Christen
'Ik ben passief katholiek opgegroeid en in mijn puberteit heb ik daar doelbewust afstand van genomen. Dat was bij mij zo sterk dat ik discussies uitlokte als ik merkte dat mensen actief Christen waren, om ze een beetje de poten onder de stoel vandaan te zagen. Ik wilde ook niet in de kerk trouwen, want dat vond ik inconsequent. Als je niet gelooft, wat heb je dan in de kerk te zoeken.
'Toen kwam ik binnen de Europese Commissie in 1995 samen op een kamer te zitten met iemand die wel diep gelovig was. Ik begreep daar niets van: ze was knap, zowel innerlijk als uiterlijk, ze had een universitaire opleiding, een hoog inkomen - wat moest die nou nog met God? Want God is vaak voor mensen die in de shit zitten. Ik vond dat raar, dus ik begon gewoon te vragen. Zij wilde daar eigenlijk helemaal niet over praten, want ze kende me natuurlijk een beetje en ze dacht: straks krijg ik van die gozer het deksel op mijn neus. Maar ik vond het gewoon vreemd dat ze bad als ze een belangrijke beslissing moest nemen.
'Het begon me enorm te fascineren. Ik probeerde in het begin zelf een keer te bidden. Ik had het gevoel dat ik tegen een muur stond te praten, ik voelde me belachelijk. Maar je gaat steeds verder, je hoort steeds meer, je gaat op internet zoeken naar wat er over God geschreven wordt, je gaat de Bijbel lezen. En op een gegeven moment neem je de proef op de som. Dan ga je op je knieën en je gaat tests doen.
'Ik zei gewoon tegen God: nou ja, als U bestaat, ik ga daar nou maar eens op vertrouwen, dan hoop ik dat bepaalde zaken op een bepaalde manier gaan lopen. En tot mijn grote verbijstering gebeurde dat ook. Ik had problemen met de plaatsing van mijn kind op een school; dat liep helemaal fout. Maar toen ik op mijn knieën was gegaan, werd die jongen ineens alsnog op die school geplaatst. Dat soort dingen gebeurden net vaak genoeg om mij met mijn logische geest over te halen om te zeggen: ja, dit is geen toeval, hier moet iets achter zitten.
'Mijn uiteindelijke jawoord aan Jezus heb ik in maart 1996 gegeven en sindsdien ben ik dus een herboren Christen. Gevoel voor rechtvaardigheid had ik altijd al. Alleen heeft mijn talent voor rechtvaardigheid - als ik dat zo mag zeggen - door mijn bekering meer diepgang en ruggengraat gekregen. Vanaf het moment in 1997 dat ik begon met het verzamelen van gegevens, zijn er diverse momenten geweest dat ik de handdoek in de ring zou hebben gegooid als ik dat geloof niet had gehad. Wanneer je als kleine ambtenaar tegen zo'n grote machinerie moet opboksen, dan word je vermalen, je wordt gruis. Het enige dat je dan overeind houdt, is je geloof dat er iemand is die het overziet en die je helpt.'
Kandidaatstelling
'Ik heb in 1999 al eens geflirt met de gedachte om aan de Europese verkiezingen mee te doen. Maar ik vond het niet zuiver om op het hoogtepunt van die affaires snel even mijn naam te gelde te maken. Inmiddels is er enige afstand, dus voor de Europese verkiezingen van 2004 heb ik het wel overwogen. Ik ben al een tijdje lid van de SP en daar had men oren naar mijn eventuele kandidaatstelling, al moest ik uiteraard nog wel het hele partijdemocratische mechanisme doorlopen.
'De SP is een partij die erg ageert, die actiebereid is, en dat past heel goed bij mijn persoonlijkheid. Het enige punt waarop ik niet zo goed bij de SP pas, is dat ik natuurlijk erg met mijn geloof bezig ben. Voor mij is dat geen privé-zaak. Er zijn, op mijn initiatief, ook gesprekken geweest met de Christenunie, maar daar heb ik op een gegeven moment gezegd: jongens, dit gaat te snel, ik ben eigenlijk niet zo geloofwaardig bezig. Dus heb ik de handrem erop gegooid. Uiteindelijk heb ik, gezien de gezondheidstoestand van mijn vrouw, zowel tegen de SP als tegen de Christenunie gezegd: sorry, ik haak af voor 2004.
'Ik kan je verzekeren: als ik Europarlementariër zou worden, dan gebeurden er in Europa hele andere dingen dan alle huidige Europarlementariërs tot nu toe gedaan hebben. Maar ik zag mij niet vol vuur in de politiek allerlei zaken doen die ik in mijn hoofd heb, als ik thuis een vrouw heb zitten die voor haar leven moet knokken.'
Paul van Buitenen
Paul van Buitenen werd in 1957 in Breda geboren. Na een onvoltooide accountantsstudie trad hij in 1990 als adjunct-assistent in dienst bij de Europese Unie in Brussel. Daar kwam hij vanaf 1997 een groot aantal financiële onregelmatigheden op het spoor. Hij zocht eigenmachtig contact met de anti-fraude-afdeling en in december 1998 wendde hij zich als klokkenluider tot het Europese Parlement, wat hem een week later op schorsing als ambtenaar kwam te staan.
In januari 1999 trad hij in de openbaarheid via een interview met het Vlaamse dagblad De Morgen. In april 1999 werd zijn schorsing opgeheven, nadat de Europese Commissie wegens het financiële schandaal in haar geheel was afgetreden. Op 15 september 2002 stapte Van Buitenen over naar een administratieve functie bij de Regiopolitie Midden- en West-Brabant, maar sinds 1 september 2003 is hij weer Brussels EU-ambtenaar.


